Opinie

Mijn grootmoeder sprak er wél over

Ellen Deckwitz

Op 15 augustus ga ik altijd met de familie naar Den Haag om de Nationale Indiëherdenking bij te wonen. De familie van mijn moeder heeft de Japanse bezetting in diverse jappenkampen doorgebracht en daar de nodige verliezen geleden. Herdenken is voor ons vanzelfsprekend maar de laatste jaren gaan er van buitenaf steeds meer stemmen op waarom we nog langer stil zouden staan bij de Tweede Wereldoorlog. Het is immers verleden tijd, we zouden beter vooruitkijken.

Dat is natuurlijk quatsch. Het verleden vormt de voedingsbodem voor de toekomst. Oorlogen zijn nooit voorbij wanneer de witte vlag wordt gehesen. Ze werken generaties lang door. Als ik naar mijn eigen familie kijk, zie ik dat de gevolgen ervan nog steeds diep in ons verankerd zitten. De eerste generatie (mijn grootouders die de Japanse bezetting meemaakten) heeft toen hun kinderen opgroeiden nooit aan hen verteld wat er in de kampen allemaal plaatsvond. Mijn grootmoeder sprak hierover echter wél tegen haar kleinkinderen. Over de martelingen. De verkrachtingen. Het vriendinnetje dat ze terugvond, de darmen uit het lijf gerukt.

Na mijn oma’s dood ontdekte ik dat mijn moeder geen idee had wat haar ouders in de oorlog allemaal was overkomen. Dat moest ze allemaal van mij horen.

„Eigenlijk”, zei mijn moeder vorig jaar na de herdenking, „weet ik dankzij jou wat ík herdenk.”

En dat niet alleen. We gedenken vandaag niet slechts de doden, maar ook het verdriet en de trauma’s van de eerste generatie. Het verlies van een moederland, de gedwongen migratie, wat er gebeurt wanneer je op een plek belandt waar er geen plek is voor jóúw verhaal. We gedenken de stilte tussen de eerste en de tweede generatie. Hoe de kinderen van de Indiëgangers altijd het gevoel hadden hun ouders constant te moeten troosten, maar geen idee hadden waarom precíés. We gedenken de gevolgen voor kleinkinderen die alle gruwelverhalen wél van kindsbeen af meekregen en daardoor ook een klap kregen.

Herdenken is bij uitstek vooruitkijken. Omdat oorlog doorleeft in alle nabestaanden. Omdat er met betrekking tot de Japanse bezetting nog te veel losse eindjes zijn. Er moet nog veel meer ruimte komen voor het Indische verhaal, dat in ons land altijd het ondergeschoven kind is geweest, wat het verwerken ervan in de weg stond en staat. Openstaan voor de verhalen die sluimerden, en nu, bijna een eeuw na dato, pas bovenkomen. Herdenken is geen stilstand, het is doorgaan. Wij staan stil, niet alleen bij wat er was, niet alleen bij wat er werd doorgegeven, maar ook hoe dat gebeurde. En alle gevolgen die dat met zich meebrengt, voor kinderen, kleinkinderen en iedereen die nog zal volgen, en een verhaal zal torsen dat niet onopgemerkt mag blijven.

Ellen Deckwitz schrijft op deze plek een wisselcolumn met Marcel van Roosmalen.