Zoon Halsema opgepakt met nepwapen, burgemeester reageert in brief

De 15-jarige zoon van burgemeester Halsema werd opgepakt bij een verlaten woonboot met een nepwapen. De politie onderzoekt het lekken van informatie naar De Telegraaf.

Halsema weerspreekt dat haar zoon een gewapende inbraak heeft gepleegd zoals De Telegraaf woensdagochtend op de voorpagina stelde.
Halsema weerspreekt dat haar zoon een gewapende inbraak heeft gepleegd zoals De Telegraaf woensdagochtend op de voorpagina stelde. Foto Piroschka van de Wouw/ANP

De 15-jarige zoon van de Amsterdamse burgemeester Femke Halsema is vorige maand opgepakt met een nepwapen nadat hij een verlaten woonboot had betreden. Dat schrijft Halsema woensdag in een brief aan de inwoners van Amsterdam na berichtgeving in De Telegraaf. Bij het Openbaar Ministerie in Haarlem loopt momenteel een onderzoek. Het is nog niet duidelijk of en waarvoor hij precies vervolgd zal worden. Het OM verwacht daar in september meer over te kunnen zeggen.

„Zelf zouden we deze zaak nooit naar buiten hebben gebracht”, laat justitie woensdag weten aan NRC. Dat is niet omdat het gaat om de zoon van de burgemeester, maar omdat het OM bij minderjarigen altijd „erg terughoudend” is, aldus de woordvoerder. Het dossier is vorige week door de politie overgedragen aan het OM in Haarlem. De zaak wordt niet behandeld door justitie in Amsterdam, om „alle schijn van partijdigheid te voorkomen”.

Overlast

Halsema schrijft in de brief dat haar zoon in het weekend van 13 en 14 juli een verboden nepwapen bij zich had, dat hij in de hand hield bij het maken van selfies op een verlaten woonboot. Hij was met vriendjes „aan het klieren”, aldus de burgemeester die spreekt van „een privékwestie”. Ze schrijft dat ze het integriteitsbureau van de gemeente heeft ingelicht over het voorval. De Telegraaf schrijft dat het nepwapen een alarmpistool was. Ook vond de politie op de woonboot twee messen, aldus de krant.

Volgens de burgemeester vonden haar zoon en zijn vrienden een verlaten woonboot waar zij naar binnen zijn gegaan. Daar vonden ze een oude brandblusser, die zij naar buiten hebben gesleept en hebben leeggespoten. Halsema schrijft dat zij zich verveelden. De politie kwam vervolgens op de overlast af. „Mijn zoon is gaan rennen”, schrijft Halsema, „heeft paniekerig het nepwapen weggegooid, en is toen alsnog gestopt en ingerekend”.

„Daarmee heeft hij de wet overtreden - hij had het nepwapen niet bij zich mogen hebben en hij had de verlaten boot niet mogen betreden - en daarvoor zal hij de gevolgen moeten dragen.” Halsema zegt er in de hoofdstedelijke driehoek niet over te hebben gesproken. „Aan de commissaris en de hoofdofficier heb ik laten weten dat wij als ouders de zaak met de dienstdoende beambten afhandelen.”

Halsema: mijn zoon wordt beschadigd

De burgemeester weerspreekt dat haar zoon betrokken is bij „een gewapende inbraak”, zoals in De Telegraaf wordt gesteld. Halsema: „Het is niet mijn gewoonte om te reageren, maar nu mijn zoon wordt beschadigd, vind ik het nodig om uit te leggen wat er werkelijk aan de hand is.”

Volgens de voormalige GroenLinks-leider heeft De Telegraaf haar zoon veroordeeld voor een delict dat hij niet gepleegd heeft, voordat er een rechterlijk oordeel is geveld. „Mijn zoon is een gewone Amsterdamse jongen die inderdaad een fout heeft begaan die hij moet herstellen. Hij verdient geen extra publieke straf, alleen omdat hij mijn zoon is.”

De advocaat van de tiener, Peter Plasman, maakte woensdag tegenover ANP en Radio 1 bezwaar tegen de term „gewapende inbraak”, die De Telegraaf gebruikte. Volgens Plasman is de jongen alleen aangehouden voor overtreding van de wapenwet en niet voor inbraak.

De zoon van de burgemeester is minderjarig en heeft dus recht op privacy, aldus Plasman. Bovendien wordt door De Telegraaf de suggestie gewekt dat het om een doofpotaffaire gaat terwijl volgens de advocaat uit alles blijkt dat dit juist niet is gebeurd. Ook het OM zegt dat er „absoluut geen sprake is van een doofpotaffaire”.

Lees ook: Korpschef Paauw: ‘pertinent’ geen doofpot rond zoon Halsema

Politie ontkent doofpot

Ook hoofdcommissaris Frank Paauw van de Amsterdamse politie herkent het door De Telegraaf geschetste beeld van een doofpot „pertinent niet”. Hij schrijft in een e-mail aan zijn eenheid - ingezien door NRC - dat de politie met deze zaak niet op afwijkende wijze is omgegaan. „Over de identiteit van verdachten doen we nooit uitspraken”, aldus Paauw. „Bij minderjarigen betrachten we zo mogelijk nog meer terughoudendheid om hun privacy te beschermen.”

Dee hoofdcommissaris roept collega’s op bij hem of een vertrouwenspersoon aan te kloppen als ze het gevoel hebben „dat er iets niet klopt” binnen de organisatie. „Spreek me eerst aan, kijk me in de ogen. Zoals collega’s dat in mijn optiek onderling horen te doen.”

Paauw bevestigt in de mail dat Halsema kort na de aanhouding bij de politie verzocht heeft dat haar zoon „op geen enkele wijze een speciale behandeling of voorkeurspositie zou krijgen”.

De politie begint een integreitsonderzoek naar wie de informatie over de aanhouding van Halsema’s zoon aan De Telegraaf heeft doorgespeeld. Voor agenten geldt een ambtsgeheim. Als er gelekt is, is dat dus strafbaar.