Waarom een 8 meer aandacht verdient dan een 5

Wat werkt Deze zomer bespreekt NRC-redacteur Ykje Vriesinga methodes om beter te werken. Deze week: focus op je sterke kanten.

Illustratie NRC

Stel, je (denkbeeldige) kind komt thuis met zijn of haar rapport. Voor Engels een 8, geschiedenis een 8, biologie een 6, wiskunde een 5. Welk cijfer verdient de meeste aandacht van jou?

Ruim drie kwart van de ouders zegt: de 5. Logisch toch? Wiskunde is overduidelijk het vak waar je kind extra hulp en aanmoediging nodig heeft. Misschien ook wat gezonde druk, bijvoorbeeld een verbod op gamen totdat hij of zij voldoende staat.

Gelukkig hoef je als ouder geen energie in die andere vakken te steken. Dat loopt allemaal prima.

Misschien is in dit geval de meest logische reactie niet de beste reactie. Dat vond tenminste Donald Clifton (1924 – 2003), een Amerikaanse psycholoog, onderzoeker en ondernemer. Zijn filosofie was dat je maximaal moet inzetten op iemands sterke punten. De zwakke kanten geef je ondertussen alleen de aandacht die nodig is om te voorkomen dat ze iemands talenten in de weg gaan staan.

Kortom, in het voorbeeld van het rapport: kijk samen met je kind hoeveel onvoldoendes hij of zij mag hebben om over te gaan en houd wiskunde op een nog nét acceptabel niveau. Ondertussen stimuleer je je kind om stapels Engeltalige boeken te lezen en zich te verliezen in alles over de klassieke oudheid.

Ik ontdekte de ‘sterke-kanten-aanpak’ van Clifton toen ik verder zat te denken over een tip uit mijn column van vorige week: doe in je werk vooral waar je goed in bent en plezier in hebt. Productiviteitscoach Michael Hyatt, die ik aanhaalde, adviseert om zoveel mogelijk te focussen op je sterke punten. En om nee te zeggen tegen de rest.

Dat riep meteen allerlei vragen bij me op. Zoals: loop je dan niet het gevaar te eenzijdig te worden? Kun je zelf überhaupt goed beoordelen wat je sterke kanten zijn? Of ziet iemand anders dat scherper? En waar ligt je grootste potentieel om te groeien: beter worden in wat je al redelijk kan, of inzetten op het wegwerken van je zwakke punten? In hoeverre kan een mens eigenlijk écht veranderen?

Zo kwam ik uit bij Clifton. Als jonge onderwijspsycholoog viel het hem op dat de meeste aandacht ging naar wat er mis is met mensen, en niet naar wat ze goed doen. Clifton begon vervolgens een bedrijf om organisaties te helpen met het selecteren van het beste personeel. Ook ontwikkelde hij een ‘sterkepunten-detector’ om mensen bewust te maken van hun sterke kanten.

Rond deze assessment van Clifton zijn meerdere bestsellers geschreven. Vorig jaar verscheen de Nederlandse vertaling van het nieuwste boek, geschreven door Tom Rath, een kleinzoon van Clifton die in diens voetsporen is getreden. In Ontdek je sterke punten 2.0 maakt hij gehakt van de – vooral onder Amerikanen – populaire stelregel: ‘Je kunt alles worden wat je wilt als je het maar hard genoeg probeert.’

Nee, zegt Rath: „Je kunt niet alles worden wat je wilt – maar je kunt wel een betere versie worden van wie je al bent.”

Rath borduurt verder op zijn opa’s filosofie: word je bewust van je natuurlijke aanleg. Bouw die talenten vervolgens verder uit met kennis en ervaring. Doe dat, zegt hij, en je zult meer plezier en succes hebben in je werk.

Terug naar de vraag uit de eerste alinea. Uit internationaal onderzoek door Gallup blijkt dat de overgrote meerderheid van ouders (77 procent in de Verenigde Staten, cijfers voor Nederland worden niet gegeven) vindt dat schoolvakken waarin leerlingen het laagst scoren de meeste tijd en aandacht moeten krijgen. En de vakken met de hoogste cijfers dus logischerwijs minder. Rath zegt daarover: „Ouders en leerkrachten belonen uitmuntendheid met onverschilligheid.”

Het deed me denken aan mijn eigen middelbareschooltijd. Mijn ouders hadden weinig bemoeienis met mijn schoolprestaties, maar ook zonder hun inmenging besloot ik de meeste aandacht te geven aan de vakken waar ik de slechtste cijfers voor had: wiskunde B en natuurkunde. Ik koos ze zelfs voor mijn eindexamenpakket.

Vele uren ploeteren volgden. De sinus en cosinus, stroomsterkte en weerstand, de wetten van Newton – ik heb nog steeds geen idee. Op mijn eindexamen had ik voor beide vakken een 5. Naar boven afgerond.

De enige reden waarom ik niet zakte was dat ik ook drie achten had. Ondanks dat ik voor díe vakken pas vlak voor een tentamen of examen mijn boeken opende. Had ik toen al van Clifton gehoord, dan had ik mijn achten wat meer liefde gegeven. Wie weet waren het wel negens geworden.

Maar ik was vooral gestopt met mijn pogingen om goed te worden in iets waar ik helaas totaal geen talent voor heb. Dat had mij en mijn leraren wiskunde en natuurkunde de nodige frustraties bespaard.

Japke-d. Bouma is tot september met zomerstop.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.