Redders van bootmigranten staan zwaar onder druk

MIddellandse Zee Nog vijf hulporganisaties zijn actief om migranten die op zee in nood komen, te helpen. Maar het wordt hun steeds moeilijker gemaakt, en de EU-havens zitten dicht.

Een sloep van het reddingsschip Ocean Viking, 12 augustus 2019. Het schip is gehuurd door Artsen zonder Grenzen en SOS Méditerranée.
Een sloep van het reddingsschip Ocean Viking, 12 augustus 2019. Het schip is gehuurd door Artsen zonder Grenzen en SOS Méditerranée. Anne Chaon / AFP

De Ocean Viking was nog net op tijd, maandag. Alle bootvluchtelingen in de kwetsbare rubberboot die een noodsignaal had afgegeven, hadden net zwemvesten gekregen toen een van de blauwe luchtkamers leeg begon te lopen en mensen in het water vielen. De 105 mensen op de rubberboot konden veilig aan boord worden genomen.

Maar daar zaten al 241 lotgenoten, noodgedwongen, want ze zijn nergens welkom. Ongeveer 200 kilometer noordelijker op de Middellandse Zee vaart de Open Arms rondjes bij het Italiaanse eiland Lampedusa. Op dit schip van de gelijknamige Spaanse hulporganisatie zitten 151 opgepikte bootmigranten – een paar zwangere vrouwen mochten van boord, maar de rest niet. De kans dat de anderen alsnog worden toegelaten terwijl Matteo Salvini, de Italiaanse vicepremier die de havens op slot wil houden, in Rome een gooi naar de macht aan het doen is, is klein.

„Onze activiteiten zijn gecriminaliseerd”, zegt Mar Sabé, woordvoerder van Open Arms, in een telefoongesprek. „We werken in een vijandige omgeving.” Haar baas roept twitterend de EU op meer medemenselijkheid te laten zien en heeft via de Spaanse ambassade in Malta aan Madrid gevraagd om in ieder geval de 31 minderjarigen aan boord een asielaanvraag te laten indienen. En de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR deed dinsdagmiddag een dringend beroep op de EU-landen om voor de migranten op de twee boten een veilige haven te vinden.

Het zijn op dit moment de enige twee hulpschepen in de buurt van Libië. Er zijn nog drie andere hulporganisaties actief op dit deel van de Middellandse Zee. Maar de kleine Alan Kurdi, van het Duitse Sea-Eye, is toe aan een stop in Spanje – Malta stond eerder deze maand wel toe dat 40 migranten daar van boord gingen, nadat verdeling over andere EU-landen was afgesproken.

Lees ook: Hof: Sea-Watch krijgt tot 2020 voor aanpassen schip

De onder Nederlandse vlag varende Sea-Watch 3, van de gelijknamige internationale hulporganisatie, ligt aan de ketting in Sicilië. Justitie is nog bezig met een onderzoek, nadat kapitein Carola Rackete eind juni een verbod negeerde om na ruim twee weken dobberen een veertigtal opgepikte bootmigranten aan land te brengen – Rackete zelf is terug in Duitsland.

De Italiaanse hulporganisatie Mediterranea wil ook bootmigranten helpen. Maar het beslag op haar boot, de Mare Jonio, is na twee maanden pas vorige week opgeheven. „Zodra we kunnen gaan we weer de zee op, maar dat kan nog wel een paar weken duren”, vertelt woordvoerder Luca Faenzi aan de telefoon. Hun gehuurde zeilschip Alex, dat vorige maand enkele tientallen bootmigranten had opgepikt, ligt nu aan de ketting.

Interactieve kaart: de vaarroutes van de in dit artikel genoemde hulpschepen in het Middellandse Zeegebied. Klik op de bolletjes voor informatie over de schepen:

Lees ook: Italië laat de EU zien: wij zijn de baas aan onze kust

Hoge boetes

De regels zijn dit voorjaar aangescherpt in Italië. Onder druk van Salvini is een wet aangenomen die hem als minister van Binnenlandse Zaken de mogelijkheid geeft hulporganisaties de toegang tot de territoriale wateren van Italië te ontzeggen, ook als die claimen dat er sprake is van een noodsituatie. Op overtreding staan boetes tot één miljoen euro en inbeslagname van het schip.

De maatregel zit in een breder veiligheidspakket. „Deze regels zijn duidelijk bedoeld om te voorkomen dat wij actief blijven”, zegt Faenzi. „Het zou goed zijn als de nieuwe wet wordt getoetst door het Constitutionele Hof.” Daarvoor is wel eerst een concrete zaak nodig, en vooralsnog lijkt geen organisatie bereid het risico te nemen en een langdurige en kostbare juridische strijd aan te gaan.

Overigens heeft een rechter in Agrigento al een eerste barst gemaakt in het juridische pantser waarmee Salvini de strijd aanbindt tegen illegale immigratie. Zij achtte niet bewezen dat kapitein Rackete van de Sea-Watch 3 met haar manoeuvres om toch aan te leggen, tegen de aanwijzingen van de kustwacht in, levens in gevaar had gebracht en hief haar huisarrest op. Het kwam deze rechter op een stortbak vol gescheld op Facebook te staan en de vinnige reactie van Salvini dat dit „een politiek vonnis” van een linkse rechter was.

Andere tactiek

Al jarenlang profiteren mensensmokkelaars van de chaos in Libië na de val van dictator Moammar Gaddafi, in 2011, om overtochten naar Italië te organiseren. De eerste jaren gebeurde dat vooral in volgepakte oude vissersschepen en andere vrijwel afgeschreven boten. Regelmatig ging dat fout, zoals in oktober 2013. Toen kapseisde vlak bij Lampedusa een volgepakt schip. Honderden mensen zaten in het afgesloten vooronder als ratten in de val. Deze ramp heeft zeker 368 levens gekost.

Hierna zette Italië voor eigen rekening een patrouillemissie op. Kustwacht en marine gingen de zee op om in een vroeg stadium boten met migranten in de problemen te kunnen helpen. In mei 2015, na een nieuwe ramp met honderden doden, werden deze patrouilles overgenomen door een speciale EU-missie, Sophia gedoopt – naar het meisje dat aan boord van een Duits schip is geboren. Al snel gingen deze schepen overigens op grotere afstand van de Libische kust patrouilleren. Operatie Sophia loopt officieel nog steeds, maar zonder schepen. Nu vallen verkenningsvluchten en training en steun voor de Libische kustwacht eronder.

Deze veranderingen op zee leidden tot een nieuwe tactiek van mensensmokkelaars. Die stuurden bootmigranten steeds vaker de zee op met rubberboten. Ze wisten dat die vrijwel nooit Italië zouden kunnen halen, honderden kilometers verder, maar vertrouwden erop dat er bij nood hulp zou komen. Vaak gaven ze het alarmnummer en een satelliettelefoon mee.

Lees ook het interview met de Duitse minister Maas over Europese plannen voor de opvang van migranten

Toen Mare Nostrum was afgelopen en ‘Sophia’ zich op afstand hield, besloten hulporganisaties in het gat te springen. Drie jaar geleden waren er nog zeker twaalf reddingsboten in het gebied, herinnert Mar Sabé van Open Arms zich. Maar na verwijten dat hulporganisaties een ‘taxidienst naar Europa’ organiseerden en direct of indirect mensensmokkel in de hand werkten, dwong in 2017 de toenmalige centrum-linkse Italiaanse regering een gedragscode af. Opgepikte bootmigranten mochten niet langer worden overgezet op koopvaardijschepen (zodat de ngo’s in de buurt konden blijven) en de Libische territoriale wateren werden tot verboden terrein verklaard. Directe telefoontjes van bootmigranten in nood naar de ngo-boten werden strafbaar, en hulporganisaties mochten ook geen signalen meer geven (vuurpijlen, sterke lampen) zodat bootmigranten ’s nachts wisten waar ze naar toe moesten. „Een aantal organisaties moest toen stoppen, en daardoor was er minder hulp voor drenkelingen”, zegt Sabé.

Een tweede onderdeel van de nieuwe strategie van Rome was voorkomen dat mensen Libië verlaten. Italië en de Europese Unie stopten veel geld in training en betere uitrusting voor de Libische kustwacht. Als een rubberboot in de problemen komt, moeten de Libiërs de bootmigranten helpen en hen terugbrengen naar Libië, is de gedachte.

‘Niet terug naar de hel’

In de praktijk van nu staan de Libische kustwacht en de hulporganisaties vaak tegenover elkaar. Soms nemen de Libiërs de telefoon niet op als er overlegd moet worden, zeggen alle vijf de hulporganisaties die nog actief zijn. Soms er ook een race om te zien wie het eerst bij een boot in nood is, en dan wordt het vaak ruzie. Open Arms heeft op zijn YouTube kanaal een aantal filmpjes gezet waarop te zien is hoe dreigend zo’n confrontatie kan worden.

Volgens het zeerecht moeten mensen in nood naar de dichtstbijzijnde veilige haven worden gebracht. Libië is niet veilig, zeggen de hulporganisaties in koor. Mensenrechtenorganisaties als Amnesty hebben de afgelopen jaren rapporten gepubliceerd waaruit blijkt hoe migranten in de ‘opvangcentra’ worden mishandeld, bedreigd en afgeperst.

Arts Luca Pigozzi twitterde dinsdag vanaf de Ocean Viking: „Mensen beschrijven me hoe zij zijn gemarteld met elektrische schokken, geslagen met geweren en stokken, en verbrand met gesmolten plastic.” En Sabé van Open Arms zegt dat de situatie aan boord steeds nijpender wordt. „Maar we gaan hen niet terugbrengen naar de hel waaruit ze zijn ontvlucht.”

Correctie (13/8): In het fotobijschrift stond eerder dat de boot eigendom was van MsF, maar deze is gehuurd door AzG en SOS Méditerranée.