Waar zijn de wielertoppers van de toekomst?

EK wielrennen Het EK op de weg in Alkmaar was reclame voor Nederland-wielerland. Maar de aanwas van nieuw talent geeft reden tot zorgen.

Amy Pieters (links) is Europees kampioen op de weg en krijgt de felicitatie’s van Kirsten Wild (rechts) en Lorena Wiebes (midden).
Amy Pieters (links) is Europees kampioen op de weg en krijgt de felicitatie’s van Kirsten Wild (rechts) en Lorena Wiebes (midden). Foto VINCENT JANNINK/ANP

Draaiende molens in de Noord-Hollandse polder, als achtergrond voor groepjes over het stuur gekromde wielrenners. Peloton aan stukken gescheurd in waaiers, hoe sterk is de eenzame fietser? „Typisch Nederlandse koers”, verheugde bondscoach Koos Moerenhout zich zondagochtend vroeg al op wat komen ging. „De wind heeft vrij spel, zeker in de eerste lus van 46 kilometer.”

Het EK op de weg in Alkmaar, als evenement nog in de kinderschoenen, was vijf dagen reclame voor Nederland-wielerland. Met op zaterdag een fraaie zege bij de vrouwen voor Amy Pieters, de derde Nederlandse titel na winst op het nieuwe onderdeel gemengde ploegentijdrit en op de tijdrit door Ellen van Dijk. Een dag later lukte het de Nederlandse ploeg niet om favoriet Dylan Groenwegen te helpen aan de zege, die naar de Italiaan Elia Viviani ging. Maar Moerenhout kijkt nu al met vertrouwen uit naar het WK eind september in het Engelse Yorskshire. „Wij hebben zoveel kwaliteit dat we op alle terreinen kunnen meedoen om de overwinning.”

Gouden tijden

Gouden tijden zijn het voor het Nederlandse wielrennen. Van bergen tot massasprint, van tijdrit tot zware eendagsklassieker. Tom Dumoulin, Steven Kruijswijk, Niki Terpstra, Mathieu van der Poel, Mike Teunissen en Groenewegen: ze spelen een hoofdrol, van Tour tot WK. Bij de vrouwen domineren Marianne Vos, Anna van der Breggen en Annemiek van Vleuten al jaren. En toch. In aanloop naar de afgelopen Tour de France luidde de nog altijd geblesseerde Dumoulin de noodklok. Want de toekomst is volgens de Girowinnaar van 2017 helemaal niet zo rooskleurig. Integendeel.

Amy Pieters, Lucinda Brand en Lorena Wiebes op kop van het peloton in de Alkmaarse binnenstad tijdens wegwedstrijd op het EK. Foto VINCENT JANNINK/ANP

Dumoulin constateert in het blad Procycling dat de Nederlandse jeugd steeds minder vaak een keuze maakt voor het wielrennen. Hij ziet het zelf tijdens zijn trainingen. „Het is nu nog even hosanna en genieten van deze generatie. En er over een paar jaar achter komen dat we toch echt iets eerder aan de breedtesport hadden moeten werken.” Als er niets verandert, dreigt de wielersport in Nederland dood te bloeden, stelt Dumoulin. „Waarom laten we dat gebeuren?”

Thorwald Veneberg, directeur van de Nederlandse wielerunie KNWU, neemt de waarschuwing van Dumoulin serieus. „Het huidige succes is geen garantie voor de toekomst”, beaamt Veneberg. „Op een aantal vlakken is het zelfs vijf voor twaalf. Zeker in het wegwielrennen zullen we dingen moeten veranderen om te blijven bestaan. Als je de kop in het zand steekt, ga je het zeker niet redden.”

De beleving van de jeugd verandert, merkt Veneberg. Zie het EK in Alkmaar, waar jonge renners in het straatje achter de finish vol passie acrobatische toeren uithalen op hun BMX-fietsjes en nauwelijks oog hebben voor de titelstrijd om de hoek. „Veel jongeren zijn tegenwoordig met andere dingen bezig dan met de vraag wie als eerste aan de finish is. Waar leidt al die moeite toe, vragen ze zich af.” Liever show of kort spektakel dan urenlang afzien. „Daarom zetten we als bond ook in op BMX-freestyle, daar gaat het meer om wie het meest vaardig is.”

Toch zijn ook de mountainbike en racefiets nog altijd populair. „Qua participatie zijn we volgens onderzoek van NOC*NSF de grootste sportbond van Nederland”, zegt Veneberg. Maar van al die fietsende liefhebbers wielrennen er steeds minder. „Wat de wedstrijdsport betreft zien we geen groei. Maar afgezien van de triatlon hebben veel bonden daarmee te maken. Bij de jongste jeugd gaat het nog wel. Maar de groep van 15 tot 18 jaar is de kritieke leeftijd. Daar haken velen af.” Een oplossing? „In de opleiding van toptalent werken we nauw samen met de profteams van Jumbo-Visma en Sunweb.”

‘Klaar voor de start’

Voor de jongste jeugd lanceerde de KNWU onlangs de campagne ‘Klaar voor de start’, met onder anderen Dumoulin, Kruijswijk en Vos als ambassadeurs. Beginnende jeugd kan zo goedkoop een fiets huren via de club. „Het is vaak een drempel voor ouders om gelijk een fiets te kopen”, zegt Veneberg. De traditionele ‘dikke-bandenraces’ worden ‘geplust’ en er komen meer veilige wedstrijdcircuits. De bond wil de clubs helpen om de jeugd te binden. „We waren traditioneel de overheid in het wielrennen. Nu gaan we meer naar een onderneming, die servicegericht producten en diensten levert. Niet alleen voor de wedstrijdsport, ook voor de grote groep daarbuiten.”

De Italiaan Elia Viviani wint de wegwedstrijd bij de mannen, voor de Belg Yves Lampaert (links). Foto VINCENT JANNINK/ANP

En de opvolging van de huidige toppers? „Je ziet bij junioren in de breedte wel dat we goed meedoen”, stelt bondscoach Moerenhout in Alkmaar, waar de Nederlandse ploeg bij de beloften (tot 23 jaar) en junioren op vier onderdelen in totaal tot twee keer goud, twee keer zilver en twee keer brons kwam. „Er dreigt geen droogte. Maar de topklasse, die kun je niet altijd opleiden. Die dienen zich aan in golfbewegingen. Kijk nu naar de Belgen, met Remco Evenepoel (pas 19 jaar en winnaar van de tijdrit). Dat verwacht je niet, dat kan niet volgens de wielerwetten.”