Opinie

Anti-racismepil moet geen verplichting worden

Toekomst Het is 2054, vijf jaar na de introductie van de anti-racismepil. Amnesty International wil de pil verplichten, Forum voor Democratie spreekt van een dictatuur, schrijft .

Illustratie Rik van Schagen

Een pil tegen racisme, zou je die aan iedereen geven, als je in de positie zou zijn om dat te doen? Het was maar een hypothetische vraag, een filosofische exercitie, toen ik de kwestie in de zomer van 2019 in deze krant aankaartte. Totdat de beroemde Keniaanse anti-racismepil vijf jaar geleden, dertig jaar na mijn vraagstelling, de markt op ging. Toen moest het Binnenhof zich wel buigen over het onvermijdelijke punt: wat moeten we met de anti-racismepil?

Sinds vorig jaar, 2053, kunnen Nederlanders de pil legaal bij hun huisarts krijgen. Uit een rapport van de Nederlandse Vereniging voor Farmaceutische Geneeskunde bleek vorige maand dat honderdduizend Nederlanders de pil inmiddels vrijwillig slikken. De door Amnesty International geïnitieerde campagne voor de pil, gesteund door honderden maatschappelijke organisaties, lijkt daarmee haar vruchten af te werpen.

Toch zijn de voorstanders niet tevreden. Dat 20 miljoen Nederlanders de pil nog niet hebben ingenomen, zijn er voor hen 20 miljoen te veel. Een wetsvoorstel van GroenLinks en Bij1 wil dat Nederland het voorbeeld van Amerika en Zweden volgt: de pil moet verplicht worden voor alle leerlingen in het basis- en middelbaar onderwijs. Door jongeren in hun vormende jaren al van racisme te bevrijden, pak je het probleem bij de wortels aan, betogen de twee partijen.

Omdat het een ethisch vraagstuk betreft, zullen Kamerleden over twee weken niet als fracties stemmen, maar als individuen. Na een rondvraag van De Correspondent bleek vorige week dat een ruime meerderheid van de Kamer voor het wetsvoorstel gaat stemmen.

Lees ook: Christchurch toont wat ideeën over ‘pure natie’ uitlokken

De Forum voor Democratie-petitie ‘vrijheid van geweten’ tegen de anti-racismepil was binnen 24 uur een miljoen keer getekend. Een paar dagen later stond de teller al op twee miljoen handtekeningen. Met de petitie wil FVD strijden tegen „de tirannie van dekolonialiteit”, aldus FVD-voorman Frederik Jansen. Met die petitie brengt Forum zijn coalitiegenoten D66 en VVD in verlegenheid. Uit de verkenning van De Correspondent bleek dat Kamerleden van de twee liberale partijen het wetsvoorstel zullen steunen. Zij lijken het verschil te gaan maken.

Al sinds de uitvinding van de anti-racismepil kruisen twee kampen de degens. Aan de ene kant anti-racisten die menen dat de pil een geschenk uit de hemel is, gestuurd om onze samenleving te bevrijden van een collectieve ziekte genaamd racisme. Aan de andere kant bevinden zich de anti-anti-racisten, die van mening zijn dat de anti-racismepil symbool staat voor de ‘mentale dictatuur van het multiracialisme’. Het GroenLinks- en Bij1-wetsvoorstel en de FVD-petitie tegen het wetsvoorstel zijn een illustratie van de twee tegenpolen. GroenLinks, Bij1 en verwante anti-racistische partijen willen racisme uit de samenleving bannen, FVD verzet zich tegen „de arrogantie van de linkse elite”, de gedachte dat je van bovenaf de samenleving kunt inrichten.

Wie de argumenten van beide groepen bestudeert, ziet vooral interne inconsistenties. Vorige week was de onvolprezen GroenLinks-voorvrouw Justine van de Beek in Oeganda om te vieren dat haar Oegandese zusterpartij erin is geslaagd om abortus volledig te legaliseren. ‘Pro choice’ is het progressieve motto. Nu rijst de vraag of het pro choice-argument voor alles en iedereen geldt. Met andere woorden, waarom wil GroenLinks de keuze voor een anti-racismepil niet aan ouders overlaten? De spagaat waarin D66 en VVD zich bevinden, draait om dezelfde vraag: hoe kunnen zij als liberale partijen de keuzevrijheid van mensen inperken om een ideale samenleving te realiseren? In die zin raken Frederik Jansen en andere rechtse lieden een belangrijk punt: wie de anti-racismepil verplicht, pleegt volgens hen een intellectuele coup, vestigt een soort dictatuur van het geweten.

Toch getuigt dit argument van een schaamteloze intellectuele luiheid. Het hebben van racistische ideeën is geen inherent mensenrecht. Het is niet te vergelijken met eten en drinken. Als we niet eten of drinken, gaan wij dood. Het hebben van racistische ideeën is daarentegen geen noodzakelijke voorwaarde om in leven te blijven. Bovendien leidt het hebben van racistische ideeën juist tot kwaad. (Wie eet en drinkt doet in principe niemand kwaad.) Daarnaast is racisme een politieke constructie, bedacht om controle over een zogenaamd andere groep mensen uit te oefenen.

Wie dit ziekelijke gedachtegoed wil uitroeien, is niet bezig de vrijheid van een samenleving te beperken, maar is bezig een onrecht te repareren. Wie de vrijheid om racistische ideeën te hebben wil koesteren, vecht voor het tegenovergestelde van vrijheid. Het is niet verbazingwekkend dat juist Forum voor Democratie zich hevig verzet tegen het verplichten van de antiracismepil. Al sinds de oprichting van die partij, zo’n vijfendertig jaar geleden, wordt zij verweten racisme salonfähig te maken. Toen de partij vijftien jaar geleden voor het eerst ging regeren en het kabinet-Baudet I gevormd werd, werd schaamteloos op anti-discriminatiebureaus en -campagnes gekort. Al vijftig jaar voeren we in Nederland een discussie over racisme zonder dit probleem te koppelen aan andere thema’s. Een onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau liet vorige maand zien dat negen van de tien witte Nederlanders geen vriend heeft uit een andere etnische groep. Ondertussen presenteren Amsterdam, Den Haag en Rotterdam zich wereldwijd als superdiverse steden waar meer dan 60 procent van hun bewoners een migratieachtergrond heeft. Die steden vertellen er niet bij dat zij al zeventig jaar witte en zwarte scholen hebben.

De progressieve partijen die nu voor een anti-racismepil pleiten, hebben geen problemen met de zogenaamde ‘zelfsegregatie’, waarbij mensen met een migratieachtergrond elkaar opzoeken. Het is goed dat de anti-racismepil er is en het is goed dat maatschappelijke organisaties campagne voeren voor vrijwillige consumptie ervan. Maar de pil is geen wondermiddel. Kijk naar Amerika: de pil is er sinds drie jaar verplicht en de positie van de Afro-Amerikanen op de arbeidsmarkt is niet aanzienlijk verbeterd, ook segregatie is niet afgenomen. Je kunt kinderen een racismepil geven, maar als ze in wijken wonen en naar scholen gaan met mensen die allemaal op hen lijken, wordt racisme als systeem in stand gehouden. We hebben een radicale oplossing nodig die begint en eindigt bij ontmoeting en wederzijds vertrouwen, en niet met een pil.

Deze serie is geïnspireerd op een soortgelijk idee in The New York Times.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.