Opinie

VS en Europa hebben blinde vlek voor rechts-extremistisch geweld

Extremistisch geweld Er vallen in de VS veel meer doden door extreem-rechtse terreur dan door jihadistisch geweld. Maar dat wordt niet gezien, constateert .

Kranten met reportages over recente schietpartijen werden meegedragen in een demonstratie tegen wapengeweld in New York op 5 augustus. Drew Angerer

In een opiniestuk in de New York Times verzucht Ali Soufan, oprichter van de Soufan Group en ex-FBI-‘special agent’, naar aanleiding van de recente aanslag in El Paso dat de opkomt van de ‘white supremacists’ veel gelijkenissen vertoont met de ontwikkelingen van het jihadistisch extremisme ten tijde van de opkomst van Al-Qaeda in de jaren negentig. Het lijkt er volgens Soufan op dat er weinig tot geen lessen van het verleden zijn geleerd. Hij wijst op het gebruik van geweld om een klimaat van angst en verwarring te zaaien, wat vervolgens door deze groepen misbruikt wordt om de maatschappij naar hun eigen ideaalbeeld te herscheppen. Het online bejubelen van de aanslagen op de moskeeën in het Nieuw-Zeelandse Christchurch, is niet anders dan het gebruik van onthoofdingsvideo’s als rekruteringsmateriaal. Het gebruik van 8chan is wat dat betreft te vergelijken met onder jihadisten populaire online platforms als Telegram.

Lees ook: Eenzaamheid voedt 8chan en extremisme

Het belangrijkste verschil tussen jihadistisch en rechts-extremistisch geweld is wellicht dat de laatstgenoemde vorm niet herkend en erkend wordt. De blinde vlek ontstaat doordat het politieke en maatschappelijke debat steeds meer naar rechts opschuift. Polarisatie wordt daarbij als instrument ingezet.

Enkele jaren terug stonden kranten vol over de uitreizigers naar Syrië en Irak en over de gevaren die dat met zich meebrengt, maar vandaag de dag zwijgen diezelfde kranten over de naar schatting 17.000 mannen en vrouwen uit vijftig verschillende landen die zich hebben aangesloten bij de separatisten in Oekraïne. Zij strijden met steun van Rusland voor onafhankelijkheid van de provincies Donetsk en Loehansk en velen van hen hebben ultranationalistische motieven. Het conflict in Oekraïne heeft een aantrekkingskracht op rechts-extremisten die het conflict ook beschouwen als een goede training voor het uitvoeren van hun gewelddadige agenda als ze terugkeren naar de landen waar ze vandaan komen. Hoewel deze verontrustende trend wel wordt opgepikt door verschillende inlichtingendiensten en denktanks, heeft die zijn weg niet gevonden naar het publieke of politieke debat.

Ook het recent verschenen VN-rapport dat een wereldwijd overzicht geeft van de belangrijkste terroristische dreigingen, maakt geen melding van de opkomst van gewelddadig rechts-extremisme. Hier is dus een blinde vlek. Dat blijkt ook uit een studie in de Verenigde Staten waarin wordt geconstateerd dat in 2018 drie keer zoveel doden toe te schrijven zijn aan rechts-extremistisch geweld in vergelijking met jihadistisch geweld.

Je zou verwachten dat dit tot een acute staat van paraatheid zou leiden, maar niets is minder waar.

Lees ook: 8chan: toevluchtsoord voor extremisten

Geen zwarte lijsten

Het probleem in de VS wordt deels toegeschreven aan het klimaat dat geschapen wordt door de extreme en racistische uitspraken van president Trump en zijn aanhang. Maar minstens zo belangrijk is het beleid dat gevoerd wordt om dit probleem te bestrijden. Schrijnend is de cartooneske beslisboom die op sociale media momenteel rondgaat, waarbij de vraag gesteld wordt wat te doen na de moord op meerdere onschuldige personen. De eerste vraag is of de dader een moslim is. In dat geval zou de oplossing simpel zijn en leiden tot reisverboden. Als dat niet het geval is, volgt de vraag of de dader Mexicaan was (oplossing: bouw een muur), zwart (oplossing: meer politie en gevangenissen), of wit (oplossing: gedachten en gebeden).

Fundamenteler is dat het strafrecht in de VS onderscheid maakt tussen buitenlandse terroristen en terroristen ‘van eigen bodem’. De laatste groep kan niet gekwalificeerd worden als terroristische organisaties en op zwarte lijsten geplaatst worden.

Nog belangrijker is echter dat er nu enkel aangekondigd wordt hard in te grijpen, en zo nodig de doodstraf in te voeren voor dergelijke daden. Er wordt echter niet ingezet op het matigen van de toon, er komt geen campagne voor verzoening en tolerantie binnen de samenleving, er wordt niet geïnvesteerd in het doorgronden van de problematiek die ten grondslag ligt aan de processen van radicalisering. En dan heb ik het nog niet eens over het wapenbeleid. De harde toon en het dreigen met hoge straffen heeft geen afschrikwekkende werking. Betere inlichtingen en interventies vóór het misgaat zouden het devies moeten zijn.

Lees ook: Hebben de VS een blinde vlek voor de witte terrorist?

De vraag is of we het in Europa beter doen of net zo beleidsblind zijn. Moeten we ons ook voorbereiden op een golf van geweld met rechts-extremistische motieven? Ook in Europa is er immers de neiging om rechts-extremistisch geweld niet te herkennen, al signaleren inlichtingendiensten in Nederland een lichte toename van dreiging uit rechts-extremistische hoek. Maar de Noorse aanslagpleger Anders Breivik werd in Europese media lang afgeschilderd als massamoordenaar in plaats van als terrorist. En in Duitsland bleek een reeks moorden gepleegd te zijn door rechts-extremisten, terwijl justitie lange tijd naar de daders zocht in Turkse kringen.

In Europa hebben we net als in de VS te maken met polarisatie. Er wordt met twee maten gemeten als het gaat om het kritisch beschouwen van het publieke debat. Iemand die verkondigt dat immigranten het gif zijn dat onze westerse samenleving vernietigt, en dat die invasie daarom te vuur en te zwaard bestreden moet worden – zou die niet net zo aangepakt moeten worden als een zogeheten haatprediker?

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.