Opinie

Trump zal de gevolgen van zijn retoriek onder ogen moeten zien

Racistische terreur

Commentaar

De president van de Verenigde Staten „kan zich geen passiviteit meer veroorloven”. Waarschuwende woorden van 17 december 2012, op deze plaats gericht aan toenmalig president Barack Obama. Het weekend daarvoor had Adam Lanza op zijn voormalige basisschool Sandy Hook, Connecticut, twintig kinderen en zes volwassenen doodgeschoten. Amerika verkeerde in staat van shock. Dit mocht nooit meer gebeuren. Barack Obama huilde mee met de natie en beloofde actie.

Maar ‘Sandy Hook’ werd geen keerpunt, het werd het begin van een epidemische toename van massale schietpartijen. Op scholen, op festivals, in winkelcentra. Het afgelopen weekend vielen er bij schietpartijen in de VS 22 doden in El Paso, Texas, en 10 doden in Dayton, Ohio.

De kloof tussen de wil van burgers en de daden van politici is nergens zo groot als bij dit onderwerp. Amerikanen vragen om maatregelen om vuurwapengeweld tegen te gaan. Zo wilde 92 procent van de Amerikanen na de moordpartij op de Parkland-school in 2018 dat er strengere controles moesten komen op de kopers van vuurwapens. Dat is niet gebeurd. Het Amerikaanse politieke systeem beloont opportunisme en maakt echte verandering onmogelijk. Hier is dringend leiderschap nodig. De invloed van externe geldschieters, zoals de National Rifle Association, op Congresleden en andere volksvertegenwoordigers is te groot. Het debat over de financiering van politieke campagnes moet opnieuw gevoerd worden.

Maar het Amerika van Donald Trump heeft een tweede probleem. Barack Obama schoot tekort met zijn maatregelen, maar hij probeerde tenminste zijn bevolking te troosten en te verenigen, zoals zijn voorgangers dat ook deden. President Donald Trump vergroot de tegenstellingen alleen maar. Hij geeft zo politieke rugdekking aan extremisten, in een klimaat waarin het eenvoudig is om de daad bij het woord te voegen. De schutter in El Paso had deze stad aan de grens met Mexico uitgekozen om een „invasie” van „miljoenen” migranten tegen te gaan, bleek uit een manifest dat aan hem wordt toegeschreven. Hij had het over de „culturele en etnische vervanging” door migranten, en beschuldigde de Amerikaanse media van het verspreiden van „nepnieuws”.

Het zijn echo’s van de boodschap die Trump aanhoudend verkondigt. Trump noemde Mexicaanse migranten in 2016 „verkrachters” en heeft zijn toon alleen maar verder verscherpt. Vier Democratische Congresleden van kleur, van wie er drie in de VS zijn geboren, kregen het advies terug te gaan naar hun eigen land, als het ze niet bevalt in de VS. Keer op keer speelt Trump in op duistere sentimenten onder zijn aanhang over ras en etniciteit – misschien omdat hij het ten diepste gelooft, misschien uit politiek gewin. Hoe dan ook: Trump heeft racisme in zijn land verder genormaliseerd.

Woorden hebben gevolgen. In een land dat uitpuilt van de vuurwapens is het gevaarlijk dergelijke dog whistles te gebruiken. Trump schreef in een raadselachtig bericht op Twitter dat ook hij voor betere controle is op de antecedenten van kopers van vuurwapens, mits het Congres strengere immigratiewetten goedkeurt. Hiermee laat Trump zich in de kaart kijken: hij is niet daadwerkelijk geïnteresseerd in een oplossing, maar maakt er een politiek spel van. „I alone can fix it”, zei Trump in 2016. Nu heeft hij de maatschappelijke opdracht die belofte waar te maken. Het wordt tijd met maatregelen te komen die de bevolking allang steunt. En hij zal de gevolgen van zijn retoriek onder ogen moeten zien.

Critici wijten de aanslag in El Paso aan de anti-migratieretoriek van Trump