Opinie

‘Kissinger-orde’ in Azië wankelt

Geopolitiek De orde in Oost-Azië valt uiteen, schrijft . De Amerikaanse invloed is tanende, China dringt aan en Rusland en Japan stellen de oude balans op de proef.

Illustratie Hajo

Als iemand het einde van zijn leven nadert, krijgt hij vaak last van allerlei kwalen die ogenschijnlijk losstaan van zijn toestand: koorts, pijntjes, een ongelukkige val. Iets dergelijks kan ook gebeuren als een strategische orde in verval raakt. In heel Oost-Azië heeft zich de afgelopen maand een golf van diplomatieke en veiligheidsincidenten voorgedaan. Ze zijn symptomatisch voor een bredere ziekte.

Eind juli organiseerden de Chinese en Russische luchtmacht hun allereerste gezamenlijke luchtpatrouille in de regio en werden er door Zuid-Koreaanse oorlogsvliegtuigen honderden waarschuwingsschoten op Russische indringers afgevuurd. Ook hebben de Zuid-Koreanen te kampen met de ernstigste verslechtering in decennia van hun betrekkingen met Japan – waarbij vorige week door de Japanners handelsbeperkingen zijn opgelegd in een geschil dat zijn oorsprong vindt in de Tweede Wereldoorlog. Daarnaast is Noord-Korea net weer met raketproeven begonnen, met alle gevaren van dien voor de vredesinspanningen onder leiding van de Verenigde Staten.

Geopolitiek klimaat is veranderd, en bevroren conflicten komen weer in beweging

Alle andere Oost-Aziatische brandhaarden – Taiwan, de Zuid-Chinese Zee, Hongkong en de Amerikaans-Chinese handelsoorlog – lijken ook ontvlambaarder. De protesten en stakingen in Hongkong nemen nog steeds toe. Chinese functionarissen praten nu openlijk over militair ingrijpen en vorige week vestigde een Witte Huis-medewerker de aandacht op een Chinese troepenopbouw vlakbij de grens met Hongkong. Maar de regering-Trump blijft zich vooral vastbijten in het handelsconflict met China, dat vorige week ook verhevigde toen de VS een nieuwe reeks heffingen oplegden.

Ook verscheen in juli een Chinees olie-exploratievaartuig in de wateren waarop Vietnam aanspraak maakt. Het leidde tot een impasse tussen zwaarbewapende Chinese en Vietnamese schepen. De Filippijnse regering sloeg bovendien alarm over zee-incidenten met China en riep Amerikaanse hulp in. De groeiende Chinese assertiviteit werd nog onderstreept door het bericht dat Beijing een legerbasis in Cambodja inricht – de eerste in Zuidoost-Azië.

Lees ook: China heeft de hoop op een snel handelsakkoord verloren

De spanningen rond Taiwan blijven oplopen. Eind juli voer een Amerikaans oorlogsschip door de Straat van Taiwan en China publiceerde een beleidsdocument waarin de Taiwanese regering werd verweten naar onafhankelijkheid te streven. China dreigde met een militaire reactie. Intussen hebben de VS het over een spoedige inzet van middellangeafstandsraketten in Oost-Azië, nadat ze zich vorige week al terugtrokken uit het INF-verdrag (Intermediate Range Nuclear Forces).

Rusland, Japan en Noord-Korea stellen regels op de proef

Op het eerste gezicht lijkt er tussen veel van deze incidenten geen verband te bestaan. Maar bij elkaar genomen wijzen ze op een regionale veiligheidsorde die uiteenvalt. De Amerikaanse militaire superioriteit en diplomatieke voorspelbaarheid spreken niet meer vanzelf. En China is niet meer bereid om in het veiligheidssysteem van Oost-Azië de tweede viool te spelen. In deze nieuwe omstandigheden stellen ook andere landen – waaronder Rusland, Japan en Noord-Korea – de regels op de proef.

De afgelopen veertig jaar kende Oost-Azië een ongekende groei en welvaart, waardoor ook de wereldeconomie is veranderd. Maar het economische wonder van Azië berustte op vrede en stabiliteit. Deze voorwaarden werden geschapen halverwege de jaren zeventig, na het einde van de Vietnamoorlog en de Amerikaanse toenadering tot China.

Sindsdien heeft Amerika de opkomst van China toegestaan en zelfs bevorderd. In ruil hiervoor aanvaardde China stilzwijgend dat Amerika militair de overhand behield in het Aziatische Pacific-gebied. We zouden deze regeling de ‘Kissinger-orde’ in Oost-Azië kunnen noemen, naar Henry Kissinger, die als Amerikaans minister van Buitenlandse Zaken begin jaren zeventig de nieuwe relatie tussen Amerika en China tot stand hielp brengen.

Lees ook: Trump kondigt nieuwe importheffing tegen China aan, Japan straft Zuid-Korea

Maar de Chinese president Xi Jinping en de Amerikaanse president Donald Trump hebben afstand genomen van bepaalde basiselementen van de Kissinger-orde. Trump heeft door zijn handelsoorlog te ontketenen het idee laten varen dat de Amerikaans-Chinese banden voor beide partijen voordelig zijn, terwijl Xi de strategische dominantie van Amerika op de proef stelt.

China’s betwisting van de Amerikaanse macht roept de vraag op hoe lang de strategische dominantie van de VS in Azië nog zal duren. Trump vergroot de onzekerheid door openlijk de waarde van de Amerikaanse allianties met Japan en Zuid-Korea in twijfel te trekken. Zoals een Aziatische minister van Buitenlandse Zaken het onlangs verwoordde: „De schade die Trump heeft aangericht, zal ook na Trump nog aanhouden.”

Schade tot na Trump-tijdperk

Het verlies aan Amerikaans gezag in de regio blijkt duidelijk uit Washingtons onvermogen om de vete tussen Japan en Zuid-Korea te beheersen, de twee belangrijkste bondgenoten in de regio. Zelfs de Australiërs twijfelen zo langzamerhand aan het Amerikaanse leiderschap. Laatst hoorde ik van een hoge Australische diplomaat dat er bij een verheviging van de handelsoorlog „een moment zal komen dat de wegen van Amerika en Australië ten aanzien van het China-beleid zullen scheiden”.

Maar de twijfel aan het Amerikaanse leiderschap wil nog niet zeggen dat een dominantie van China in de regio met open armen wordt ontvangen. Integendeel, van Tokio tot Taipei en van Canberra tot Hanoi groeit de zorg over het gedrag van Beijing. En die zorg neemt nog verder toe door de groeiende toenadering tussen China en Rusland. Uit Moskous oogpunt onderstreepte de recente gezamenlijke luchtpatrouille de terugkeer van Rusland als macht in Oost-Azië – zoals ook de militaire interventie in Syrië een teken was van herstelde macht in het Midden-Oosten.

De Kissinger-orde in Oost-Azië vormde geen oplossing voor de historische geschillen en rivaliteiten in de regio. Maar ze hielp wel om regionale conflicten te bevriezen en tijd te winnen voor een vreedzame ontwikkeling. Nu het geopolitieke klimaat is veranderd, komen ook bevroren conflicten weer in beweging. Naarmate het ijs smelt, kan het snel een gevaarlijke en onvoorspelbare kant op gaan.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.