Legale wietteelt als reddingsboei voor de berooide Franse boer

Cannabis Weinig westerse landen voeren zo’n restrictief drugsbeleid als Frankrijk. Maar een jonge generatie politici en boeren probeert het taboe op cannabis nu te doorbreken.

Bioboer Jouany Chatoux en zijn collega in hun kweekcontainer. Franse kwekers noemen cannabis „het groene varken.”
Bioboer Jouany Chatoux en zijn collega in hun kweekcontainer. Franse kwekers noemen cannabis „het groene varken.” Foto’s Julie Hascoët

Koeien had hij al, honderd stuks. Plus tachtig schapen en tweehonderdvijftig varkens van het streekras cul noir limousin – met opvallend zwart achterwerk. Maar sinds vorig jaar experimenteert de Franse bioboer Jouany Chatoux (42) op zijn boerderij op 900 meter hoogte op het uitgestrekte Plateau de Millevaches bij Limoges met iets heel nieuws. Cannabis.

„Mensen eten minder vlees en door klimaatverandering hebben we hier steeds onregelmatiger weersomstandigheden”, vertelt hij bij een veldje waar eerder boekweit stond en nu weelderige wietplanten groeien. In een immense stal, waarin de lucht van stront vooralsnog domineert, heeft hij een in Nederland aangeschafte kweekcontainer met warmtelampen laten neerzetten. „We moeten diversifiëren”, zegt hij.

De boeren hier in de Creuse, het dunst bevolkte departement van Frankrijk, willen de boot niet missen. De teelt kan lucratief zijn, al hebben de vele investeringen Chatoux tot nu geen cent opgeleverd. Hij en zijn collega’s noemen cannabis inmiddels „het groene varken”. „Je kunt van alles met die plant”, glimlacht hij. Frankrijk, zegt Chatoux, kan niet achterblijven als buurlanden cannabiskweek voor medicinale doeleinden al toestaan.

Hoewel Frankrijk op papier nog altijd de strengste drugswetgeving van Europa kent, is de houding van de onder president Emmanuel Macron verjongde politieke klasse aan het veranderen. Was een voorzichtige hint naar versoepeling van de narcoticawet uit 1970 tot een paar jaar terug politieke zelfmoord, nu pleiten verschillende parlementsleden van Macrons La République en Marche (LREM) voor totale legalisering – niet alleen voor therapeutisch, maar ook voor recreatief gebruik. De Creuse, in het hart van Frankrijk, loopt bij de experimenten voorop.

Dat zit zo. Nadat hier in 2017 na maanden protest een fabriek voor auto-onderdelen sloot, beloofden lokale autoriteiten met hun contacten in Parijs een actieplan om het leeglopende departement – nog geen 120.000 inwoners op een oppervlak groter dan Gelderland – te „herdynamiseren”. De cannabisteelt werd op initiatief van de socialistische departementsvoorzitter in het ‘Plan particulier pour la Creusezwart op wit een van de mogelijkheden om banen en rijkdom te creëren.

„Dat geeft ons enige bescherming”, zegt Chatoux voorzichtig. Want legaal zijn z’n nieuwe activiteiten nog lang niet. Hij opereert, zegt hij, in een schemergebied. „Om te oefenen” kweekt hij planten met industriële zaden die eigenlijk bedoeld zijn voor textielproductie. Die hebben een heel lage concentratie (minder dan 0,2 procent) THC, de belangrijkste psychoactieve stof in cannabis. Maar selectie van de benodigde vrouwtjesplanten of gebruik van de bloemen is eigenlijk verboden.

Rustgevende oliën

Daarnaast verkoopt hij „uit een soort activisme” nu al uit Zwitserland geïmporteerde producten

met cannabidiol (CBD), zoals rustgevende oliën en voedingssupplementen voor ernstig zieken. Die hebben gegarandeerd geen hallucinogeen effect, maar zijn evengoed nog niet echt legaal.

In Parijs werd vorig jaar een aantal ‘Cofy Shops’ met vergelijkbare handel kort na opening weer gesloten door de politie. „Justitie zou alles in beslag kunnen laten nemen”, zegt Chatoux mismoedig. Hij haalt een hand door zijn woeste haardos, die hij met een touwtje bijeenhoudt. „Maar dat is gelukkig nog niet gebeurd.”

En dat zal voorlopig wel zo blijven. Want niet alleen de plaatselijke gendarmerie is zonder in te grijpen poolshoogte komen nemen, ook de Franse minister van Milieu kwam al eens op officieel bezoek. Hij werd meegevoerd door Jean-Baptiste Moreau, sinds 2017 parlementslid voor de Creuse namens Macrons LREM en zelf nog altijd boer. Hij en Chatoux werken nauw samen om van hun departement het epicentrum van legale Franse wietteelt te maken.

Cannabis „kan goed tegen de droogte, verbetert ons ecosysteem en draagt bij aan betere inkomsten voor onze landbouwers”, schreef Moreau (42) in een opiniestuk in Le Journal du dimanche. Ongeveer eenderde van de Franse boeren verdient volgens onderzoeken niet meer dan 350 euro per maand, vervolgde hij. Een hectare hennep zou boeren tot 2.500 euro kunnen opleveren, tegenover 300 euro voor tarwe, becijferde het parlementslid dat door Macron naar de politiek werd gehaald na een ontmoeting op de jaarlijkse landbouwbeurs van Parijs.

De huidige Franse wetgeving, zegt Moreau, is „niet te verdedigen, onmenselijk en idioot”. Volgens een parlementair rapport zou 68 procent van alle aanhoudingen in Frankrijk in 2016 verband houden met drugs. Van politievakbonden hoorde Moreau dat agenten „het zat zijn” om nog langer achter drugsgebruikers aan te rennen, terwijl ze betere dingen te doen hebben, zei hij in een hoorzitting in de Assemblée Nationale. Een kleine meerderheid van de Fransen zou volgens peilingen inmiddels voor legalisering zijn. Via de medicinale weg hopen Moreau en andere voorstanders op lange termijn een verdergaande legalisering te bereiken.

Mede door zijn inspanningen stemde het parlement vorige maand in met onderzoek naar de mogelijkheden van medische cannabisproductie. En het nationale agentschap voor geneesmiddelen ANSM maakte begin juli bekend akkoord te zijn met een proef om voor bepaalde ongeneeslijke zieke patiënten de (nu nog geïmporteerde) middelen op recept al beschikbaar te stellen.

Dat zijn grote stappen in een land dat sinds de wet uit 1970 steeds repressiever is geworden, zegt socioloog Michel Kokoreff van de Université Paris 8, auteur van het boek La drogue est-elle un problème. In de jaren negentig leidde de in Franse ogen lakse Nederlandse houding nog tot diplomatieke spanningen nadat Nederland door de Senaat ‘narcostaat’ was genoemd. Nederland was in Frankrijk jarenlang „een soort anti-model”, zegt Kokoreff: hoe liberaler het noorden, hoe strikter de Franse war on drugs.

Maar de repressie werkte niet. „De paradox is dat Frankrijk nu tot de landen hoort waar de consumptie van cannabis het hoogst is, waar de helft van de jongeren zegt een keer geëxperimenteerd te hebben”, zegt Kokoreff. In steden en op het platteland is shit (hasj) of cannabis bijna net zo gewoon als een glas rode wijn.

Op het roken van een joint (of het gebruiken van enige andere soft- of harddrug) stond tot dit jaar een boete van 3.750 euro en een jaar gevangenisstraf. Wie met een bepaalde hoeveelheid cannabis opgepakt werd, was voor de wet altijd een handelaar.

Afgelopen najaar accepteerde de Assemblée een voorstel om drugsgebruik nog slechts te beboeten met 200 euro, om zo de druk op politie en justitie te verminderen. Maar drugsgebruik uit de strafrechtelijke sfeer halen, zoals bijvoorbeeld Portugal in 2017 deed, is de Franse politiek nog een brug te ver.

Amerikaans pragmatisme

Dat heeft, denkt Kokoreff, vooral te maken met de Franse politieke cultuur en de relatie daarin tussen burger en staat. De staat is sinds de revolutie van 1789 wat historicus Pierre Rosanvallon een „sociaal opvoeder” heeft genoemd. Waar in veel andere landen religies, regio’s of andere tussenlagen zich verantwoordelijk voelen voor sociale samenhang, is dit in Frankrijk het terrein van de dominante staat. „De staat dwingt de burger in feite om vrij te zijn: om een goede burger te zijn, om burgerschap te tonen, moet je niet je vrijheid opgeven door afhankelijk te worden van stimulerende middelen.”

Pragmatische of economische overwegingen, die sommige Amerikaanse staten deden besluiten om te legaliseren, zijn in ideologisch Frankrijk minder denkbaar. „We maken in dit land graag wetten en we weten ze allemaal te ontduiken, maar je moet niet proberen wetten aan te passen aan de staande praktijk”, smaalt Chatoux.

Toch adviseerde de economische raad van premier Édouard Philippe onlangs om de staat een centrale rol in kweek en handel van cannabis te geven, min of meer naar het voorbeeld van de Société d’Exploitation Industrielle des Tabacs et des Allumettes (Seita), die tot in de jaren zeventig met merken als Gauloises en Gitanes een staatsmonopolie op tabak had. Dat zou de schatkist jaarlijks 2,8 miljard kunnen opleveren.

Zo’n verregaande legalisering zou een opsteker zijn voor delen van de banlieue rond grote steden als Parijs, Grenoble en Lyon. Daar leidt de drugshandel en het kat- en muisspel met de politie tot dagelijkse problemen, zoals hoge schooluitval omdat kinderen gerekruteerd worden door dealers om op de uitkijk te staan. „Die wijken hebben het nodig dat cannabis gelegaliseerd wordt om weer leefbaar te worden”, zegt econoom Christian Ben Lakhdar van de Universiteit van Lille. „Het geld dat nu naar repressie gaat, kan zo veel beter gebruikt worden.”

Daar zijn we nog niet. „De regering blijft tegen de legalisering van cannabis”, liet premier Philippe direct na de presentatie van het rapport weten. Maar eerder dit jaar zei ook hij dat het „absurd” zou zijn als Frankrijk niet net als andere landen over de ontwikkeling van een cannabissector voor medische doeleinden nadenkt, mits „zeer streng begeleid”.

Miljoeneninvesteringen

Daar neemt Jouany Chatoux in het groene middelgebergte van de Creuse vast een voorschot op. Hij heeft zijn businessplan klaar. „Zodra de staat ons toestemming geeft, kunnen we in zes maanden speciale kassen bouwen en in tien maanden bloemetjes oogsten om zo een heel nieuwe Franse bedrijfstak te beginnen.”

Dat vergt vanwege precieze medische normen miljoeneninvesteringen. Voor kweek voor CBD-voedingssupplementen, zijn geen kassen nodig. Een farmaceutisch bedrijf in Guéret, de hoofdstad van de Creuse, zou de medicijnen kunnen maken. Chatoux heeft haast. „We hebben nu al een paar jaar achterstand op andere landen.”

Jean-Baptiste Moreau, het parlementslid, erkende dat hij in zijn jonge jaren ook wel eens met drugs geëxperimenteerd heeft – zoals meer politici uit Macrons partij. Chatoux niet, zegt hij. „Maar ik ben een libertaire liberaal. Ik ben altijd voor legalisering geweest”, zegt hij.

Daarin is hij gesterkt sinds hij op de boerderij en per postorder CBD-producten verkoopt, ‘cannabis light’. „Het maakt echt indruk als heel erg zieke mensen hier langskomen omdat ze baat hebben bij die producten. Ik wil iedereen kunnen helpen met deze plant.”