Opinie

Gebruik landbouw in geopolitiek

De voedselproductie in de wereld staat onder druk. Europa’s landbouwbeleid moet daar rekening mee houden, schrijft .
Foto iStock
Foto iStock

De afgelopen maanden heb ik Singapore, Filipijnen, Hongkong, China, Duitsland, Ierland, Washington en Texas bezocht om kennis op te doen van de agrarische sector, zoals die wereldwijd is georganiseerd. Tijdens deze reis zag ik hoe landbouw door China en de Verenigde Staten wordt ingezet voor geopolitieke doeleinden. Wat doet Europa? Welke toekomst kiezen we voor de Europese landbouw?

De afgelopen jaren is er een liberalisering van het Europees landbouwbeleid geweest. In 2015 en 2017 zijn bijvoorbeeld de melkquota en de suikerquota afgeschaft. Deze quota waren er om de productie van melk en suiker te reguleren. Die worden nu vrij gelaten. Maar het vrijemarktbeleid mag niet ten koste gaan van de leefomgeving, en daarom is ook ingezet op vergroening van het landbouwbeleid. Er is een complex systeem ontstaan van subsidies die zijn gekoppeld aan het braakleggen van gronden voor herstel en verplichte rotatie van gewassen. Nu in Brussel onderhandeld wordt over een nieuw Gemeenschappelijk Landbouwbeleid voor de periode 2021-2027 gaat het vooral over tijdspaden, over de vraag hoeveel procent van de gronden braak moet worden gelegd en of mais wel of niet als akkergewas mag gelden. Het is een interne discussie van Europese landbouwpolitici, agribusiness en de boerenlobby. Het zou echter goed zijn om over de grens te kijken en ook geopolitieke, strategische overwegingen in een nieuw landbouwbeleid te laten doorklinken.

De wereldbevolking neemt namelijk enorm toe. En een nog veel belangrijker effect op de voedselconsumptie is dat heel veel mensen van een laag naar een middeninkomen gaan. Dat zie je in China, Zuid-Amerika en Afrika. Dat houdt zowel in dat de vraag naar voedsel toeneemt, als dat het consumptiepatroon van deze groep mensen verandert (ze gaan meer vlees eten). Ook neemt voedselschaarste in deze werelddelen toe. Nieuwe grote economieën als China, Brazilië en India zijn overal in de wereld bezig om met alle mogelijke middelen, inclusief militaire, hun voedselvoorziening veilig te stellen. Immers, voedselschaarste leidt tot onlusten, en dat willen machthebbers voorkomen. Zij kopen landbouwgrond in Afrika voor hun eigen voedsel- en brandstofvoorziening, sluiten megadeals over graanimport met de VS, Canada en Argentinië en kopen vleesgiganten zoals Smithfield uit diezelfde landen op.

Er zijn meer redenen tot zorg. De impact van de klimaatverandering voor de voedselproductie in het hele midden van Afrika, de regio Turkmenistan, Afghanistan en Pakistan en het Midden-Oosten lijkt catastrofaal te zijn. De opwarming zorgt voor droogte. Door uitputting van de ondergrondse watervoorraden in het Midden-Oosten en India, maar ook door de intensieve landbouw in landen als China in Afrika, verergert de situatie verder. Veel landen in deze regio hebben nu al een zwak bestuur. Deze staten zijn instabiel, staan soms op de rand van een intern conflict of zijn deze grens al overgegaan. Voedsel is inmiddels voor sommige landen een veiligheidsissue, en daarmee geopolitiek geworden.

Dat is ook wat Rob de Wijk, kenner van internationale politieke verhoudingen, in 2012 al zei, en dat is nog steeds de situatie. De Wijk bepleitte een geleide wereldeconomie op het gebied van voedsel en grondstoffen. Europa moet hierin het voortouw nemen.

Voedsel heeft geostrategisch belang

Europa heeft in de snel veranderende mondiale machtsverhoudingen te weinig oog voor het geostrategisch belang van voedsel en voedselproductie en neemt zijn verantwoordelijkheid niet om het wereldvoedselvraagstuk aan te pakken. Bovendien wordt specifieke agrarische kennis te gemakkelijk geëxporteerd. Het gevaar dreigt dat zowel grondstoffen als afzetmarkten voor Europa onbereikbaar worden omdat landen, zoals China, elkaar opzoeken. Wij zien voedsel en grondstoffen als economisch probleem. Zij zien het als het een veiligheidsprobleem. Dat is een andere benadering.

Lees ook: Voedsel is geopolitiek, en Afrika heeft de toekomst

Het is de vraag of de vrije markt de beste manier is om schaarse grondstoffen en voedsel over de aarde te verdelen. In Europa vindt op dit moment gesubsidieerde braaklegging van landbouwgronden plaats, terwijl de voedselschaarste in de wereld toeneemt. De herziening van het gemeenschappelijk landbouwbeleid mag daarom geen interne discussie blijven van de agrosector, de EU-leiders moeten hierover met elkaar in gesprek gaan. De geopolitieke belangen zijn te groot. Daarbij: Europa is supersterk in landbouw, en moet dat beter benutten.

Het creëren van ‘strategische afhankelijkheid’ is wellicht een beter alternatief. Nederland zou als landbouwnatie hét initiatief kunnen nemen om het Europees landbouwbeleid strategisch in te zetten om probleemlanden van meer voedsel te voorzien, maar dan wel in ruil voor grondstoffen. Zo worden nieuwe afhankelijkheden gecreëerd die de stabiliteit in de wereld en de positie van Europa en Nederland ten goede zouden kunnen komen. Met het huidige landbouwbeleid of zelfs verdergaande liberalisering gaat dat in ieder geval niet lukken.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.