Opinie

Rookvrije opmars krijgt tirannieke trekjes

Zolang rokers anderen geen schade toebrengen, moeten ze hun gang kunnen gaan, vindt .
Foto Robin Utrecht

Het ideaal van de rookvrije generatie is in opmars. Afgelopen woensdag maakte ProRail bekend dat het binnen afzienbare tijd een rookverbod wil invoeren op perrons. Er is meer draagvlak voor dan ooit. Maar de rechten van rokers worden er verder mee ingeperkt.

Dat er meer draagvlak is voor dit soort initiatieven is niet verrassend. Het aantal rokers is volgens het CBS de afgelopen dertig jaar met meer dan 10 procent gedaald tot 22,4 procent in 2018. Maar moet de mening van de meerderheid het gedrag van de minderheid bepalen? De negentiende-eeuwse politieke wetenschapper Alexis de Tocqueville karakteriseert dit als de tirannie van de meerderheid. De mogelijkheid van die tirannie legt een gebrek bloot van het democratische principe ‘de meeste stemmen gelden’. Daarom is het belangrijk de rechten van minderheden – en daarmee van elke individuele burger – te verankeren in de grondwet.

Lees ook: ProRail wil stations helemaal rookvrij maken

Het lijkt wel alsof we minder oog hebben voor het belang van een vrije samenleving in het algemeen en voor minderheden in het bijzonder, naarmate de Tweede Wereldoorlog verder achter ons ligt. „De gezondheid van de meesten gaat natuurlijk boven de slechte gewoontes van een paar mensen”, hoorde ik iemand zeggen in een aflevering van de podcast Dit wordt het nieuws van Nu.nl. Daar schrik ik van. Het rookverbod lijkt zo vooral een uiting van afnemende tolerantie ten opzichte van roken. Dan is het belangrijk om de belangen van de minderheid te verdedigen, om marginalisering te voorkomen.

Een andere tamelijk extreme opmerking in dezelfde podcast: „De rokers die worden nu toch wel als een soort melaatsen behandeld, hoor.” Dit suggereert dat ze een besmettelijke ziekte hebben en dat ze uit de gemeenschap moeten worden gestoten. Rokers worden daarmee parias of verschoppelingen. Omdat roken een slechte gewoonte is, wordt rokertje pesten oogluikend toegestaan of zelfs aangemoedigd, zoals nu door ProRail. Dat het een slechte gewoonte is, is echter niet relevant. De negentiende-eeuwse liberale filosoof John Stuart Mill beargumenteert dat de overheid alleen vrijheidsbeperkende maatregelen mag nemen als daarmee schade op derden wordt voorkomen. Schade die iemand zichzelf toebrengt verbieden, zoals alcohol drinken, onverzadigde vetten eten en bovenmatig bankhangen – daar moet je heel erg voorzichtig mee zijn. Mensen aanmoedigen om te stoppen is wellicht nog te verdedigen. Rokers het leven moeilijk maken, is dat niet.

Geen last van opstijgende rook

Maar roken schaadt toch derden? De rokerspalen die nu op de perrons staan voldoen niet meer. Want de rook verspreidt zich op het perron, zo is de klacht. Tja, maar rook stijgt op. Dus daar kunnen mensen even verderop geen last van hebben. Een ander probleem dat wordt gesignaleerd is dat rokers zich niet altijd houden aan de rookzones. Maar die worden op steeds ongunstigere plekken geplaatst. Dat maakt het ook lastiger om te zien waar ze zijn. Rokers wordt daarmee geen praktisch en acceptabel alternatief geboden.

Gelukkig wordt er wel wat tegengas gegeven. FNV Spoor noemt het rookverbod in NRC „hypocriet, onmenselijk, onredelijk en ondoordacht”. FNV-bestuurder Henri Janssen gaat verder dan dit. Hij is bang dat „de rokende werknemer gecriminaliseerd gaat worden”.

Voorstanders van de rookvrije generatie willen simpelweg niet dat kinderen nog geconfronteerd worden met roken. En dat doel heiligt voor hen de middelen. Voor het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG) staan al jaren patiënten, bezoekers en medewerkers te roken. Ze doen dat zo dicht bij de ingang dat anderen daar last van hebben. De oplossing? Sinds 1 januari 2019 mag er op het hele terrein van het UMCG niet meer gerookt worden. Er zijn dus ook geen rookplekken meer. Verder hebben medewerkers een brief gekregen waarin ze gevraagd worden bezoekers, patiënten en elkaar erop aan te spreken als iemand dat toch doet. Paternalisme wordt op deze manier actief gestimuleerd.

Geen laatste sigaretje?

Maar stel dat je binnenkort je laatste adem uitblaast. Nog even lekker een sigaretje roken is er niet meer bij. Gaat dat niet te ver? Opvallend genoeg kan een rookverbod zelfs schadelijke gevolgen hebben. Het geldt ook voor psychiatrische patiënten, en daar zitten veel verstokte rokers tussen. Een jaar geleden werd hen nog verteld dat ze nu maar even niet aan stoppen moesten denken; andere problematiek – die waarvoor ze werden opgenomen – diende voorrang te krijgen. Nu is stoppen het eerste wat ze moeten doen. Dat leidt af van hun herstel en is dus schadelijk. Hen lastigvallen met idealistisch maar betuttelend antirookbeleid werkt dan alleen maar averechts.

Het rookvrij maken van Nederland klinkt mij allemaal iets te totalitair in de oren. Dat roken slecht is voor anderen kun je oplossen met rookplekken. Dat roken slecht is voor rokers betekent kennelijk dat je ze met een belerende vinger van het terrein af kunt sturen. Alsof rokers mindere mensen zouden zijn.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.