Opinie

Literatuur als onderhoudsmedicatie

Literatuur Lezen kan ontsnapping bieden aan het leven, leerde Anna Krijger toen ze kennismaakte met somberheid.

Het boek als medicijn.
Het boek als medicijn. Illustratie Lars Zuidweg

Het is een van mijn vroegste herinneringen: mijn moeder deed boodschappen en ik liep lezend achter haar aan. Ik hield anderhalf oog op mijn boek, een half oog op haar rug. Zij keek waarschijnlijk iedere twee seconden achterom om te zien of ik nog niet was gestruikeld of achter de verkeerde moederrug was gaan aanlopen. Ik bedacht me pas veel later dat het voor haar een heel omslachtige manier van boodschappen doen was, maar ze liet me. Mijn vader kon minder geduld opbrengen voor mijn leesdrift. Ik zie hem zich nog half achterom draaien, op zijn auto- of vliegtuigstoel: „Kijk nou eens naar búíten!”

Maar dat was precies wat ik deed.

Quand on aime la vie, on ne lit pas.

„Wie van het leven houdt, leest niet”, schrijft Michel Houellebecq in zijn essay over de Amerikaanse sciencefictionschrijver H.P. Lovecraft. „Je gaat trouwens ook niet naar de bioscoop. Wat men ook mag beweren, de toegang tot de wereld van de kunst is min of meer voorbehouden aan mensen die het allemaal een beetje beu zijn.”

Dat lezen ontsnapping kon bieden aan het leven, leerde ik toen ik aan het begin van de puberteit kennismaakte met een gevoel van somberheid dat, soms hevig, soms meer op de achtergrond, me nooit meer helemaal zou verlaten. Een gevoel dat me ervan weerhield me aan te kleden, gezond te eten of sociale interacties aan te gaan. Lezen, schreef Proust, anders dan converseren, bestaat voor ieder van ons uit het binnenkrijgen van een andere gedachte terwijl je alleen blijft. En niets communiceert ‘ik sta niet open voor sociale interacties’ als een hoofd dat zich verborgen houdt tussen twee kaften.

(NB: Ik spreek hier niet over een full-blown depressie die iedere intellectuele inspanning, dus ook lezen, onmogelijk maakt en waarbij ieder ontwaken tot een diepe teleurstelling leidt wanneer je beseft dat je niet rustig en pijnloos in je slaap bent overleden. Het gaat hier om een ‘milde’ depressie, al dan niet uitmondend in erger, die ik hier aanduid met ‘somberheid’, een toestand waarin je nog enige invloed kunt uitoefenen op je gevoel van welzijn.)

Lees ook: Voer een leesplicht in!

Somberheid is voor mij in de eerste plaats het onvermogen om me accuraat uit te drukken. Ik heb veel woorden nodig om de nevel in mijn hoofd te kunnen beschrijven en diezelfde nevel maakt het onmogelijk om die woorden te vinden. Hierdoor ontstaat er een afstand tussen mij en mijn omgeving, die groeit naarmate mijn behoefte aan sociaal contact afneemt. De pogingen die ik toch doe, zijn zelden helpend. Ik ben niet gezellig, gedraag me zelfs wat vreemd en dus zal de ander mij uiteindelijk afwijzen. Ergens weet ik dat dit mijn eigen invulling is, maar ik ben niet meer in staat mijn denken te corrigeren. Ik voel me steeds slechter, tot ik, uiteindelijk en gek genoeg, bijna niets meer voel. Me terugtrekken in eenzaamheid – en het liefst onder de dekens – is het enige alternatief, maar dan zal ik verstoken raken van dat ene wat oprecht en diep contact met een ander mens me ook kan geven. Troost.

Bibliotherapeut

Enter de literatuur. (Er is natuurlijk wel meer dat troost kan bieden, zoals harddrugs of een dier aaien, maar daar moet ik een andere keer op terugkomen.) ‘Je verliezen in een boek’ is zo veel meer dan een uitvlucht. Zoals een vriendin van mij het verwoordt: „Lezen is pauze nemen van je eigen hoofd en uitrusten in dat van de schrijver.”

Ik laat mijn eigen wereld even voor wat ze is en treed toe tot een andere, een waarin niets van me verwacht wordt, maar waar ik wel troost uit kan putten. De worstelingen, de pijn én de veerkracht van de personages drukken mij op het hart: ik ben niet de enige. Het kan altijd erger. Alles gaat voorbij. Door te blijven lezen, duren goede perioden langer en worden duistere perioden draaglijker. Misschien is het zelfs onderhoudsmedicatie.

Illustratie Lars Zuidweg

Lovecraft, over wie Houellebecq zijn essay schreef, en zelf ook al niet de vrolijkste, had dat vast geen gek idee gevonden: „Elk rationeel denken heeft de neiging om de waarde en het belang van het leven te minimaliseren en de totale hoeveelheid menselijk geluk te verminderen. In veel gevallen kan de waarheid tot een quasi-suïcidale depressie leiden.” Omgekeerd: kan fictie, per definitie niet-de-waarheid, een depressie dan ook op een afstandje houden? Ja, dat kan.

Enter de bibliotherapeut. Een expert die een boek weet voor iedere kwaal. Als ervaringsdeskundige zal ik nu bij wijze van service kosteloos een paar suggesties doen. Een gevoel van ‘is dit alles’ of de angst om een middelmatig leven te leiden? Madame Bovary van Gustave Flaubert. Geldzorgen? Down and Out in Paris and London van George Orwell. Huwelijk op de klippen? Fleishman is in Trouble van Taffy Brodesser-Akner. (Dit boek las ik vorige week en hoewel ik geenszins in een relatiecrisis verkeer, zal ik het direct herlezen als het zover is.) Opgekropte boosheid? American Psycho van Bret Easton Ellis.

Voor een certified bibliotherapeut verwijs ik u door naar het boek De boekenapotheek – lees en genees. Of naar The School of Life, opgericht door de Britse filosoof Alain de Botton. Zij bieden na het invullen van een vragenlijst en een sessie met een bibliotherapeut een speciaal voor u samengestelde lijst aan met „life-changing, eye-opening but often elusive work of literature, both past and present, the books that truly have the power to enchant, enrich and inspire”.

Druk druk druk

Dan is er nog de bezigheid van het lezen zelf, puur als activiteit en los van de thema’s. Dit lijkt op wat Hermann Hesse, die drie verschillende typen lezers onderscheidde, ‘naïef lezen’ noemde: er is geen sprake van interactie tussen lezer en tekst, maar het boek wordt gewoon gelezen „zoals een brood wordt gegeten en een bed wordt beslapen”.

Ik zag ooit een documentaire waarin een langdurig gevangene vertelde hoe hij zijn dagen doorkwam: door te doen alsof hij het druk had met allerlei taakjes, zoals schoonmaken, studeren en opdrukken. Ook somberheid en depressie kunnen worden ervaren als gevangen zitten in je eigen hoofd – zonder dat de datum van vrijlating vaststaat. En dan kunnen de dagen héél lang duren. Het leek me een goed idee om mezelf ook zo’n schema op te leggen.

Sinds twee jaar doe ik mee aan BoekPerWeek, een initiatief van de verzamelde bibliotheken in Nederland. De lichte stress die het ‘moeten’ behalen van dit soort kortetermijndoelen me geeft, geeft me richting om de dag of de week door te komen. Nu lees ik wel meer dan een boek per week (zelfzorg!), maar het is een goede stok achter de deur wanneer ik me neig te verliezen in andere, minder constructieve activiteiten zoals het reconstrueren van discussies waarin ik eigenlijk nét iets anders had moeten zeggen of het doelloos rondhangen op sociale media. Wanneer Meneer Somberheid en ik elkaar weer eens tegen het lijf lopen, heb ik geen tijd om stil te blijven staan. „Lang geleden! Snel koffie doen?”, roept hij me hoopvol na. „Sorry, druk druk druk!”, schreeuw ik terug terwijl ik al de hoek om ben. Ik moet nog lezen.

Lees ook: 39 goede boeken om deze zomer te lezen

Begin 2019 werd het boek De grenzen van mijn taal uitgebracht, daarin beschrijft filosoof en kunstenaar Eva Meijer de bijkomende voordelen van haar depressieve perioden; ze heeft een goed arbeidsethos ontwikkeld. „Ik werk meestal wel te hard, of in ieder geval harder dan de meeste mensen, maar dat is goed – liever moe dan dood.” Voor de neerslachtig aangelegde mens is het een loodzware taak om een depressie, vaak onlosmakelijk verbonden met gedachten aan de dood, buiten de deur te houden. Als je het niet meer kunt opbrengen om je een beetje normaal aan te kleden en sociale verplichtingen aan te gaan, kan de literatuur (naast het inschakelen van een arts en regelmatig bewegen: blijf in vre-des-naam bewegen) je de afleiding, steun, herkenning en hoop bieden om overeind te blijven.

Om opnieuw Hesse aan te halen:

Voll von Freunden war mir die Welt,

Als noch mein Leben licht war;

Nun, da der Nebel fällt,

Ist keiner mehr sichtbar.

Lezen kan altijd, ook in de nevel. Al is het met een zaklamp onder de dekens.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.