Recensie

Recensie Boeken

De drugsbazen zijn geïnfiltreerd in het Witte Huis

Deze weergaloze thriller van Don Winslow vervlecht het fiasco van de drugsaanpak met een aantal persoonlijke verhalen.

Tien Tran / Hans Lucas

De ochtend na de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016 staat Art Keller met een kater op. Het hoofd van de Amerikaanse drugsbestrijdingsorganisatie DEA is de hoofdpersoon van De grens, de achttiende, vuistdikke roman van de Amerikaanse misdaadschrijver Don Winslow (1953).

Wat Keller deprimeert is niet zozeer dat zijn land gekozen heeft voor ‘een racist, een fascist, een gangster, een zelfvoldane, opschepperige narcist, een oplichter. Een man die er prat op gaat dat hij vrouwen aanrandt, een invalide man belachelijk maakt, aanpapt met dictators. Een bewezen leugenaar.’ Nee, er is iets nog veel ergers aan de uitverkiezing van deze John Dennison, een onroerend-goedmagnaat die ook als tv-persoonlijkheid naam maakte. Het probleem is dat Dennisons schoonzoon, mede met geld van de aanstaande president, zaken doet met het Mexicaanse drugskartel. De drugsbazen zijn dus geïnfiltreerd in het Witte Huis.

De grens is het derde en laatste deel van een drieluik over de war on drugs, het langst durende conflict uit de geschiedenis van de Verenigde Staten, met jaarlijks meer dan 70.000 slachtoffers aan Amerikaanse zijde, gebruikers die aan een overdosis overlijden. De grens is een formidabel boek dat heel goed gelezen kan worden zonder kennis van de twee eerder verschenen delen, The Power of the Dog (2005) en The Cartel (2015, vertaald als Het kartel).

Terroristentrainer

Winslow, een voormalige detective en privédetective, maakt op even boze als inlevende wijze duidelijk dat de Amerikaanse aanpak hopeloos heeft gefaald. Hij baseerde De grens op de echte war on drugs. In de openingsscène is de machtigste drugsbaron ter wereld, Adán Barrera, geliquideerd. Zó dachten de Amerikanen lange tijd de strijd te kunnen winnen: door de kopstukken uit te schakelen. Maar die tactiek pakte zoals bekend desastreus uit. Door het machtsevenwicht tussen de kartels te verstoren ontbrandde een bendestrijd die sinds 2007 al meer dan 100.000 Mexicanen het leven kostte. Bovendien passeerden sindsdien steeds meer en steeds goedkopere en sterkere drugs de Mexicaans-Amerikaanse grens.

Wat De grens tot zo’n weergaloos boek maakt is dat Winslow het fiasco van de drugsaanpak vervlecht met een aantal persoonlijke verhalen. Bijvoorbeeld van een Mexicaanse drugsbaas die twintig jaar celstraf uitzat in de VS, van een jong Amerikaans stel dat aan heroïne ten onder gaat en van een jongetje uit een sloppenwijk van Guatemala dat aan de armoede probeert te ontsnappen door naar het mythische Amerika te emigreren. Zo geeft Winslow de verschillende kanten van de drugsoorlog een gezicht.

De nieuwe president Dennison wil de drugs tegenhouden met een muur langs de grens met Mexico. Een tot mislukken gedoemd plan, vindt DEA-baas Keller. Hoe Don Winslow zelf over Donald Trumps plan voor een grensmuur denkt, maakt hij op 15 februari per tweet duidelijk. Hij daagde de echte Amerikaanse president uit tot een televisiedebat over de muur: „Any show. Any anchor. Any time. Tijdens de presidentiële verkiezingscampagne heb je met 18 republikeinen gedebatteerd. Ik weet zeker dat je één schrijver wel aankunt.” Trump reageerde niet.