Opinie

De racismekaart spelen is riskant

Verkiezingen VS Als de Democraten ‘wit privilege’ inzetten om van Trump te winnen, trappen ze wellicht potentiële witte kiezers op hun tenen en creëren ze verdeeldheid in de eigen partij, schrijft
In New York houdt een demonstrant een bord omhoog met de tekst: Shutdown this sh*thole.
In New York houdt een demonstrant een bord omhoog met de tekst: Shutdown this sh*thole. Foto Ira L. Black/Getty

In een ding is Donald Trump volkomen consistent: het beledigen van Mexicanen, zwarte Amerikanen en anderen met een donkere huidskleur. Landen in Afrika en Zuid-Amerika worden door hem afgedaan als ‘shithole countries’. Vier nieuwe Congresleden die hem niet zinden, Alexandria Ocasio-Cortez, Rashida Tlaib, Ayanna Pressley en Ilhan Omar, kregen te horen dat zij maar moesten vertrekken naar hun eigen landen. Alle vier zijn natuurlijk Amerikanen. Slechts een, Omar, is buiten de VS geboren.

Republikeinse aanhangers van Trump beweren dat hun president geen racist is. Wie weet? Maar hij doet alles om witte Amerikanen op te hitsen door in te spelen op hun laagste instincten: woede, wraakzucht en vooroordelen. Voor deze gevoelens is het woord racisme op zijn plaats. Trump gebruikt haat om volgend jaar te worden herkozen.

Trump gaat net niet zo ver dat hij zijn aanhangers openlijk aanzet tot geweld. Maar steeds meer mensen voelen zich door zijn retoriek geoorloofd om geweld te plegen. Dit maakt het gedrag van Trump weerzinwekkend en gevaarlijk. Hij moet daarvoor aansprakelijk worden gesteld. Zijn reputatie als racist is verdiend. Maar sommige tegenstanders van de president willen verder gaan. Zij menen dat ras centraal moet staan in de verkiezingsstrijd in 2020. Omdat Trump zijn kaarten heeft gezet op boze witte kiezers, is het zaak voor de oppositie om hun strategie te baseren op diversiteit, anti-racisme, en het begunstigen van gekleurde kandidaten.

Moreel is hier veel voor te zeggen. Of het ook de slimste manier is om af te komen van Trump is de vraag die iedereen bezig moet houden die de huidige president ziet als een gevaar voor de liberale democratie. Er is grond voor twijfel.

Sommige mensen vinden het helemaal niet erg om uit te worden gemaakt voor racist. De voormalige raadgever van Trump, Steve Bannon, zei ooit tegen een massa aanhangers van het Franse Front National dat zij het woord racist met trots moesten dragen. Toch zien heel wat mensen die op Trump hebben gestemd zichzelf niet als racist, zij voelen zich gekrenkt als anderen dat van hen zeggen. Daaronder zijn heel wat voormalige stemmers op Obama, vaak witte Amerikanen die geen hogere opleiding hebben gehad, stemmers die de Democraten terug moeten zien te winnen, vooral in sleutelstaten in het Midden-Westen.

Het etiket ‘on-Amerikaans’

Angst om dergelijke stemmers niet voor het hoofd te stoten is niet de enige reden om voorzichtig te zijn de politiek niet nog meer toe te spitsen op ras dan nu al het geval is. Dat Trump deze strategie heeft gekozen is geen reden om hetzelfde te doen. Wat de Amerikaanse politiek zo ingewikkeld maakt is de vervlechting van ras, klasse, en cultuur.

De Republikeinse senator, Lindsey Graham, was kritisch over Trumps al te persoonlijke aanvallen op de vier vrouwelijke Congresleden. Maar Grahams opmerking dat die vrouwen vast hoorden tot een „groepje communisten” was typerend voor een bepaalde manier van denken in de VS. De vier vrouwen zijn zeker links naar Amerikaanse maatstaven, maar zij zijn bepaald geen communisten. In sommige rechtse kringen in de VS gelden communisten, en zelfs socialisten, per definitie als „on-Amerikaans”.

Lees ook: Door zijn racistische tweets laat Trump de Democraten een stuk linkser lijken

Datzelfde etiket van ‘on-Amerikaans’ wordt nu vaak geplakt op mensen die niet in God geloven, die vinden dat vrouwen zelf moeten beslissen of zij abortus willen plegen, dat mensen van alle seksuele richtingen gelijke rechten moeten hebben, of dat de staat moet zorgen voor behoorlijke gezondheidszorg. De meeste Amerikanen staan min of meer achter deze standpunten. En toch worden zij in rechtse retoriek dikwijls geassocieerd met vadsige, goddeloze Europeanen.

Cultuurstrijd

Linkse of seculiere opvattingen behoren niet tot een bepaald ras. Zij worden vaak juist gehuldigd door witte Amerikanen met een hogere opleiding. Een groot aantal zwarte of bruine Amerikanen zijn gelovig en in sociaal opzicht behoudend. Het spreekt daarom niet vanzelf dat de Democraten moeten gokken op een coalitie van minderheden.

Ras speelt uiteraard een belangrijke rol in de Kulturkampf van Amerika. En het idee van ‘witprivilege’ is niet ongegrond. Maar om de culturele, politieke, of sociale verdeeldheid van Amerika geheel te zien in raciale termen is, nu ja, te zwart-wit gedacht. Om ‘wit privilege’ in het middelpunt te zetten van de strijd tegen Trump en zijn aanhangers is riskant. Niet alleen omdat potentiële witte kiezers daardoor misschien op hun tenen worden getrapt, maar omdat het gemakkelijk kan leiden tot verdeeldheid onder de Democraten.

Joe Biden is beslist geen ideale kandidaat voor het presidentschap. Hij is te oud, en niet erg behendig. Toch is het onzinnig om van hem te eisen dat hij zich nu verontschuldigt voor het feit dat hij ooit heeft samengewerkt met collega’s wiens standpunten over ras hij absoluut niet deelde.

Biden en Obama

Trump is erin geslaagd om de Democratische partij veel verder naar links te duwen dan het was onder president Obama. Dat komt hem uitstekend uit. Hij ziet de vier linkse vrouwelijke Congresleden het liefst als het boegbeeld van de Democraten.

Joe Biden is er trots op dat hij verbonden is geweest aan Obama. Maar zijn jongere rivalen in de partij doen hem af als een oude knar die onze meer rassengevoelige tijden niet meer bij kan houden. In het tweede Democratische debat van afgelopen woensdag werd haast even veel kritiek geuit op het Obama-verleden als op Trump. Biden vond dit terecht ‘bizar’. Obama schuwde de problemen van rassendiscriminatie in de VS niet. Sommige van zijn beste redevoeringen gingen er over. Maar hij maakte het nooit tot het middelpunt van zijn politiek. Dat hoefde hij ook niet. Zijn verkiezing zei al genoeg. Hij is nog steeds verreweg de meest geliefde politicus in Amerika.

Biden is helaas geen Obama. Maar als voormalige vicepresident van Obama geniet hij meer populariteit onder zwarte kiezers dan zijn rivalen, zelfs die met een donkere huidskleur. Dit betekent niet dat hij ook de beste kandidaat is. Maar als de Democraten Trump willen verslaan, dan is het misschien niet zo handig om hun pijlen te richten op een president die twee keer werd gekozen, en niet alleen omdat zijn vader zwart was.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.