Vergaderen in de onwerkelijkheid

Overleg op afstand Alsof je echt met elkaar in een zaaltje zit te vergaderen. Virtual reality wordt steeds werkelijker. Er kan veel, maar ook veel niet.

Onderzoeksinstituut TNO werkt hard aan technieken die ‘echt’ vergaderen in een virtuele vergaderruimte mogelijk maken.
Onderzoeksinstituut TNO werkt hard aan technieken die ‘echt’ vergaderen in een virtuele vergaderruimte mogelijk maken. Olivier Middendorp

Kamer 06.014 op de zesde verdieping van onderzoeksinstituut TNO in Den Haag is een kleine, karakterloze vergaderkamer zonder ramen. Een blankhouten ovale tafel, een neutrale witte hanglamp. Ik zit daar aan tafel. Maar ik voel geen tafel. En ik ben daar niet.

Aan de andere kant van de tafel zit Hans Stokking, onderzoeksleider bij het MediaLab, die daar ook niet is. Hij draagt een zwarte virtualrealitybril die zijn ogen bedekt. Zijn lichaam is rafelig van de losse pixels. Maar toch is hij het onmiskenbaar. Hij zou zo aan een werkbespreking kunnen beginnen. „Je kunt alleen geen kopje koffie drinken met zo’n bril op.”

Het team van Stokking (twaalf man, 1 miljoen euro onderzoeksbudget per jaar) ontwikkelt een techniek om je, waar je ook bent, te ‘uploaden’ naar een virtuele vergaderruimte.

Die mogelijkheid lijkt binnen bereik nu hoogwaardige brillen bij de grote VR- bedrijven – Oculus en HTC met name – te koop zijn voor minder dan 500 euro. VR wordt professioneel gebruikt door architecten om ontwerpen te presenteren, en door technische bedrijven voor veiligheidstrainingen ‘op locatie’. De volgende stap is dat ook zakelijke sociale ontmoetingen in de ‘onwerkelijkheid’ plaatsvinden. „Het gaat bedrijven om flexibiliteit, om snel kunnen handelen.” En misschien om duurzaamheid, want virtueel overleg bespaart diesel en kerosine.

Groen hoofd

Virtueel vergaderen kan al, daarvan is ondernemer Bart Kok overtuigd. „Bedrijven die hier nog niet in willen stappen, weten niet wat er al op de markt is.” Kok is creatief directeur van The Virtual Dutch Men. Het bedrijf (omzet 1 miljoen euro, zeventien medewerkers) bouwt vooral 3D-visualisaties van gebouwen en producten, maar pioniert ook met sociale VR. Connect2VR, hun VR-platform voor samenwerking en overleg, is net klaar voor de markt. Anders dan sociale VR-platforms zoals Facebook Spaces of Microsoft Spatial is het nadrukkelijk bedoeld als werkomgeving.

„Even een herstartje”, is het eerste wat Kok zegt als hij de bril opzet. „De vorige keer is er niet goed afgesloten. Er ligt nog iemand op de grond.” De virtuele rondleiding begint in een lifthal. Een schematisch groen hoofd zonder ogen of mond zweeft naast me, met twee handen eronder. Dat is Kok. Twee andere hoofden-met-handen verschijnen ook, een paarse en een gele. Dat zijn collega’s Michel van Eersel en Stefan Leushuis. We manoeuvreren met onze joysticks naar de vergaderzaal. Kok geeft vlot een korte presentatie via een niet-bestaande beamer.

Echt vergaderen is wennen. Meubels voel je niet. Geel, Paars en Groen schrijven handig op een virtueel whiteboard, met grote letters, alsof ze in de lucht tekenen. Na een tijdje zegt Kok: „Er zijn mensen die het nóg lastiger vinden dan jij. En veel mensen die het zo doorhebben.”

Meubels verplaatsen

Voor The Virtual Dutch Men is vergaderen niet de hoofdactiviteit van het VR-platform. Kok gelooft juist in het combineren met andere activiteiten. Zo ontwikkelt zijn bedrijf voor bouwbedrijf Dura Vermeer een functie waarbij ziekenhuismedewerkers de nieuwe kamerindeling bespreken terwijl ze meubels verplaatsen. Voor effectiever overleg zou Kok „nog meer functionaliteiten willen integreren, zoals een mailprogramma.”

Het experimentele platform van TNO brengt mensen al meer ‘echt’ samen in een kantoor. Met behulp van een camera en background removal-software knipt het platform de vergaderaars uit hun eigen omgeving (zeg, de werkkamer thuis) en plakt ze in een virtuele vergaderzaal, ieder op zijn eigen stoel. Maar de techniek is nog niet marktrijp, zegt Stokking: „We kunnen nog maar vier mensen met elkaar verbinden. Het werkt niet in de cloud. Dan wordt de vertraging te groot.”

En zelfs deze hightech-oplossing haalt het niet bij een echte vergadering of een via Skype, blijkt uit een recent experiment van TNO. Proefpersonen moesten onderhandelen over de besteding van een som geld. Stokking: „Onze hypothese was dat in complexe situaties VR meerwaarde zou hebben.” Dat bleek niet zo te zijn. Stokking wijt dat aan het gevoel van „volledige aanwezigheid”. Bij onderhandelen is er veel non-verbale communicatie en willen mensen elkaar kunnen zien.

Voor vergaderen zijn volgens hem nog allerlei verbeteringen nodig, zoals in privacy aantekeningen kunnen maken. Maar hij en Bart Kok zien de mogelijkheden wel in een onvoorstelbaar tempo toenemen.

Avatars, de ‘poppetjes’ die deelnemers voorstellen, worden al vervangen door VR-weergaven van echte personen. Zowel Google als Facebook (eigenaar van Oculus) maakt daarvoor deep fake-achtige reconstructies, ook van je gezicht achter een VR-bril. Dat maakt virtueel vergaderen mét mimiek mogelijk, en dat zou wel eens een essentiële stap kunnen zijn.

Tel daar de mogelijkheden bij op van een augmented reality-bril zoals de Microsoft Hololens (die projecties toevoegt aan wat je ziet), en hij is terug: de Google Glass. Zet die over vijf of tien jaar op je neus, en je kunt met een thuiswerkende collega overleggen alsof hij tegenover je zit. De onwerkelijkheid en de werkelijkheid worden uitwisselbaar. „Waarom noem je iets ‘virtueel’?” zegt Stokking. „Omdat het niet echt voelt en oogt. Maar als dat wél zo is, wat maakt het dan nog uit?”