Thuiskok

Lamspastei

Een recept uit rond het jaar 1500. Snijd het lamsvlees in stukken. Verhit boter of reuzel in een braadpan en bak het lamsvlees aan. Voeg salie en specerijen toe, roer alles dooreen en doe er bouillon bij zodat het vlees net onderstaat. Roer weer door en laat op zacht vuur dertig minuten pruttelen. Verwarm de oven tot 200 graden.

Meng in een kom roggemeel met zout. Meng er met twee handen boter en reuzel door en voeg het hete water toe. Roer dit door het meel en kneed tot een soepel deeg. Vet een spring- of pasteivorm in met boter. Neem tweederde van het deeg en rol dit uit op een bebloemde ondergrond. Bekleed de onder- en zijkant van de vorm met het deeg. Leg de plakjes spek in de vorm. Schep het vlees in de vorm en laat het kookvocht inkoken tot een gebonden saus. Schep wat van de saus over het vlees in de vorm. Vouw de plakjes spek over het vlees. Rol de rest van het deeg uit tot een deksel voor de pastei. Voeg een beetje water toe aan het deeg als het te droog is.

Leg het deeg op het vlees, snijd de rand bij en druk het deksel zachtjes vast aan de bekleding. Snijd een rondje uit in het midden van het deksel. Snijd vormpjes van het overgebleven deeg en plak ze op het deksel. Bestrijk met losgeklopte eierdooier en zet de pastei in de oven. Laat in circa dertig minuten mooi bruin worden.