Een mijnwerker (boven) klimt uit een gat op een kleinschalige mijnbouwlocatie van Nsuaem-Top in Ghana.

Het wil niet vlotten met eerlijk goud in Nederland

Fairtrade goudwinning Stichting Max Havelaar stopt met haar inzet voor het keurmerk voor fairtradegoud. Industrie en goudverwerkende bedrijven zouden onvoldoende meewerken.

„Wist jij van het bestaan van fairtradegoud?”, vraagt Sanne de Vries van fairtrade goudsmederij Juffrouw Dubois in Utrecht. Een ontkennend antwoord volgt. „Precies. Daarom is het zonde dat het keurmerk in Nederland nu alweer verdwijnt: het heeft niet genoeg tijd gehad om iedereen te bereiken.”

Stichting Max Havelaar heeft besloten om zich niet langer in te zetten voor het internationale keurmerk voor fairtradegoud in Nederland. De industrie en goudverwerkende bedrijven zouden te weinig bereid zijn om te verduurzamen. Die goudverwerkende bedrijven zijn divers: van groothandels en juweliers tot chipfabrikanten.

Het fairtradekeurmerk is bedoeld voor gecontroleerd goud uit de kleinschalige goudmijnbouw. Die kleinschalige goudwinning is goed voor 330 ton goud per jaar, volgens cijfers van de denktank International Institute for Sustainable Development. Dat is zo’n 12 procent van de totale jaarlijkse winning van goud.

De kleinschalige goudmijnbouw kampt met problemen als kinderarbeid, gevaarlijke werkomstandigheden en geweld.

Max Havelaar spande zich sinds 2010 in voor fairtradegoud. Een fairtradekeurmerk betekent dat mijnwerkers altijd 95 procent van de officiële goudprijs ontvangen – meer dan de 70 procent die mijnwerkers eerder kregen – en een premie van 2.000 dollar per kilo goud, volgens cijfers van Max Havelaar. Ook wordt de hele productieketen gecontroleerd.

We steken onze energie liever in cacao, koffie en bananen

Olga Wiersma Max Havelaar

Volgens Max Havelaar is de goudindustrie niet bereid daarvoor de prijs te betalen. De organisatie stopt met de promotie van het keurmerk in Nederland, omdat er te weinig inkopers zijn. „Ondanks serieuze gesprekken die wij hebben gevoerd met grote juweliersketens hebben wij niet kunnen vaststellen dat deze zijn overgegaan tot het kopen van goud onder fairtradevoorwaarden”, meldt de stichting in een persbericht. Ook zijn bestaande afspraken met „grote partijen in de sector” alweer beëindigd.

„We hebben ons acht jaar lang ingespannen, maar binnen de goudindustrie is geen enkele beweging zichtbaar”, zegt Olga Wiersma van Max Havelaar. „Als kleine organisatie steken we onze energie dan liever in producten waar we wél het verschil kunnen maken: cacao, koffie en bananen.” Er bestaan in Nederland geen andere organisaties die het fairtradekeurmerk voor goud ondersteunen.

Lees ook: Verantwoord goud, hoe vind je dat?

De kleinschalige goudwinning is „een arbeidsintensief proces dat gevaar voor volksgezondheid en milieu met zich meebrengt”, zegt Boukje Theeuwes van Solidaridad, een maatschappelijke organisatie die zich onder andere inzet voor de winning van verantwoord goud.

In de kleinschalige goudmijnbouw is het bijvoorbeeld gebruikelijk om goud te winnen met behulp van kwik, een vloeibaar metaal. Vermalen erts wordt gewassen in een bad van water en kwik. Kwik bindt de gouddeeltjes, waardoor klompjes ontstaan. Door die klompjes vervolgens te verhitten, verdampt de kwik en blijft het goud over.

Een kwikklompje in de hand van een Ghanese mijnwerker.
Foto Francis Kokoroko/Reuters
Mijnschacht bij de goudwinningslocatie van Nsuaem-Top.
Foto Zohra Bensemra/Reuters
Een Ghanese mijnwerker gebruikt zijn T-shirt ter bescherming tegen dampen en stof tijdens het winningsproces.
Foto Zohra Bensemra/Reuters

Vergiftiging

Het is een methode die grote risico’s kent. De kwikdampen die vrijkomen, zijn giftig en mensen die met de stof werken, dragen geen bescherming. „Ik heb mijnwerkers gezien die met hun blote voeten in de kwikbaden staan”, zegt Theeuwes. Dat kan leiden tot kwikvergiftiging.

Volgens denktank International Institute for Sustainable Development werken wereldwijd 40,5 miljoen mensen in de kleinschalige goudwinning, en is dat aantal sinds de eeuwwisseling verdrievoudigd. De meesten van hen werken in China, en in een groot aantal Afrikaanse landen. In zowel Tanzania als Ghana werken meer dan 1 miljoen mensen in de sector.

Uit onderzoek van onder meer de Canadese McGill University bleek dat in de buurt van Ghanese mijnbouwgemeenschappen bodem en water met kwik zijn vervuild. De onderzoekers zagen ook veel mijnbouwers met hoge concentraties kwik in hun urine, al was de relatie niet heel duidelijk. Ook niet-mijnbouwers in Ghana hebben vaak een hoge blootstelling aan kwik.

Volgens Theeuwes hebben veel afnemers meer vertrouwen in grootschalige goudwinning. Die wordt meestal uitgevoerd door grote multinationals, is door de overheid gereguleerd en maakt geen gebruik van kwik.

Theeuwes: „De mindset bij veel afnemers uit de goudindustrie is dan ook: we kunnen beter wegblijven van de kleinschalige mijnbouw dan proberen die te verbeteren. Maar in de praktijk vindt het goud uit kleine mijnen toch wel de weg naar de internationale markten. Het wordt bijgemengd in de smeltkroes, of gaat via landen waar geen controle is op de herkomst van goud.”

Mijnbouwgebied Nsuaem-Top, Ghana. Een man wast zijn kleren in een met mijnafval vervuilde rivier.

Een man ondergaat nierdialyse ondergaat in een ziekenhuis in de Ghanese stad Cape Coast.
Foto Francis Kokoroko/Reuters

Struikelblok

Goudsmid De Vries ziet de voordelen van eerlijk goud. „Bij fairtradegoud weet je precies waar het goud vandaan komt en wie het in handen heeft gehad, van goudmijn tot goudsmid. Bij gewoon goud is die keten ondoorzichtig.”

Naast een eerlijke prijs voor hun werk, krijgen mijnwerkers van fairtradegoud voorlichting over de gevaren van het gebruik van kwik en de beschermingsmogelijkheden. Kwik volledig uitbannen is volgens Theeuwes op dit moment nog geen optie. „Er zijn te weinig betaalbare alternatieven. Mijnwerkers hebben een drijfveer nodig: ze moeten weten dat ze hun goud ergens kwijt kunnen voordat ze investeren.”

Fairtradegoud is duurder, al scheelt het volgens goudsmid De Vries „niet verschrikkelijk veel”. En het is vergelijkbaar met biologisch eten: „de mensen die biologisch kopen, doen dat doelbewust.”

De Stichting Max Havelaar zegt niet te weten wat het prijsverschil is tussen gewoon goud en fairtradegoud, omdat zij zelf geen handelshuis is. Volgens Wiersma van de stichting is de hogere prijs wel degelijk een struikelblok. „Aan verduurzaming zit een prijskaartje, en dat is aan de onderhandeltafel met afnemers van goud een lastig punt gebleken.”

Het is „een kip-eiverhaal”, zegt Wiersma. „De industrie spreekt van te weinig vraag naar fairtradegoud, verkopers zeggen dat consumenten door het beperkte aanbod simpelweg niet van het bestaan weten.”

Internationaal blijft het fairtradekeurmerk voor goud wel bestaan. De onafhankelijke certificering van de kleinschalige mijnbouw gaat dus door, net als de internationale verkoop van het goud. Verschillende andere landelijke Fairtrade-organisaties, zoals in België, Canada en Denemarken promoten het goud nog wel.

Verdwijnen keurmerk

In 2017 werd wel een goudconvenant gesloten, waarbij onder andere elektronicabedrijven Philips en Fairphone, en juwelier Lucardi bij zijn aangesloten. Elektronicabedrijven verwerken goud in onderdelen. Max Havelaar hoopt dat bedrijven via die overeenkomst blijven werken aan verduurzaming van de goudsector.

Theeuwes van Solidaridad vindt dat onvoldoende. „In plaats van wegkijken zouden bedrijven juist een markt moeten creëren voor dat kleinschalige goud. Zorg dat het verhandelbaar is en aan bepaalde eisen voldoet. Daarvoor zijn investeringen nodig - bijvoorbeeld in technieken om kwikvrij te produceren - maar enkel focussen op grootschalige mijnbouw en recycling gaat niets verbeteren.”

Fairtradegoudsmeden als De Vries moeten vanaf 2020 hun goud importeren bij groothandels en smelters uit het buitenland. Zelf ziet De Vries de import niet als grootste probleem. „We worden teruggeworpen in de tijd. Het heeft jaren gekost om uit te leggen wat fairtradegoud betekent en wat voor impact het heeft op mijnwerkers. Juist op het moment dat we een groep mensen hebben bereikt, wordt het label uit de markt getrokken. Zelfs als er een nieuw label komt, kost het jaren om opnieuw het vertrouwen van kopers te winnen.”