Openbaar Ministerie

Onderzoek naar strafbare feiten door hoofdofficieren die relatie verzwegen

De Rijksrecherche gaat onderzoeken of voormalig hoofdofficieren Marc van Nimwegen en Marianne Bloos strafbare feiten hebben gepleegd. Het College van procureurs-generaal besloot dinsdag tot „een oriënterend feitenonderzoek” naar het tweetal, dat sinds 2011 een relatie had maar dat verzweeg. Het college wil ook dat Van Nimwegen en Bloos ontslagen worden.

De verzwegen affaire leidde in 2018 tot een onderzoek naar integriteitsschendingen bij het Openbaar Ministerie (OM) onder leiding van Jan Watse Fokkens, oud-procureur-generaal bij de Hoge Raad. De commissie constateerde dit voorjaar na een jaar onderzoek een gebrek aan „ethisch leiderschap” in de top van het OM. De conclusies uit dat rapport vormen de directe aanleiding voor het onderzoek door de Rijksrecherche. De twee worden nog nergens van verdacht, benadrukt het OM. Van Nimwegen laat via zijn advocaat weten het onderzoek „politiek gekleurd” en een „poppenkast” te vinden.

Het onderzoek van de Rijksrecherche richt zich onder meer op het gebruik van door het OM gefinancierde diensten en activiteiten als dienstauto’s, afspraken in hotels en restaurants, en hotelovernachtingen tijdens een omstreden dienstreis in 2012 naar een congres in Thailand. De commissie-Fokkens oordeelde dat Van Nimwegen en Bloos van die reis af hadden moeten zien, omdat zij „toen al meer dan een jaar een affectieve relatie hadden”. Dat Van Nimwegen een apart hotel voor hem en Bloos probeerde te regelen was bovendien „niet passend”.

De Rijksrecherche bekijkt ook of Van Nimwegen, in zijn tijd als procureur-generaal, een aanbesteding beïnvloedde. Uit het rapport van de commissie bleek dat hij het softwarebedrijf van zijn eigen familie voortrok bij deze procedure. Ook de verlenging van een contract verliep onrechtmatig, oordeelde Fokkens. De commissie werd ingesteld na een reeks publicaties in NRC over de vertrouwenscrisis in de top van het OM. (NRC)