Frankrijk herontdekt de ‘magie’ van de eigen Tour

Franse renners Eindelijk omarmden de Fransen weer eens hun eigen Tour, vooral dankzij nieuwe helden als Thibaut Pinot en Julian Alaphilippe.

De Fransman Thibaut Pinot (links) wordt getroost door zijn landgenoot William Bonnet als hij uit de Tour moet stappen, vlak voor het slotweekend.
De Fransman Thibaut Pinot (links) wordt getroost door zijn landgenoot William Bonnet als hij uit de Tour moet stappen, vlak voor het slotweekend. Foto Marco Bertorello/AFP

‘Het eind van een droom’, kopte sportkrant L’Équipe na de voor de Fransen desastreus verlopen etappe van vrijdag. Na veertien dagen was publiekslieveling Julian Alaphilippe zijn gele trui kwijtgeraakt. Dramatischer nog: Thibaut Pinot, de voor de eindzege tevoren nog net iets serieuzere kanshebber, was in tranen afgestapt nadat een blessure aan zijn linker bovenbeen verder fietsen ondoenlijk had gemaakt. De hoop op een eerste Franse Tourwinnaar sinds 1985, de opvolger van Bernard Hinault, was vervlogen.

Maar Alaphilippe, Pinot en in iets mindere mate bolletjestruiwinnaar Romain Bardet hebben de afgelopen weken meer teweeggebracht dan vluchtig verlangen naar sportieve winst. Ze zijn er met hun onverwachte prestaties in geslaagd om de Fransen weer te verzoenen met de belangrijkste wielerronde van het jaar – met hún wielerronde.

Dopinggebruik of verdenking daarvan, professionalisering en vooral de daardoor ontstane voorspelbaarheid hadden het Franse enthousiasme de laatste jaren danig bekoeld. De berekenende Sky-renners werden uitgejoeld, Chris Froome kreeg zelfs een keer een glas urine over zich heen. Ook Geraint Thomas, in 2018 eindwinnaar, bracht niemand echt in vervoering. Gevolg: de kijkcijfers daalden jaar na jaar. Terwijl de Tour elders in de wereld nieuwe adepten vond, maakte het organiserend comité zich zorgen over het afhakende thuispubliek.

Dat alles leek vergeten toen Alaphilippe op maandag 8 juli de gele trui veroverde, die even kwijt was en ’m net op tijd voor de Franse nationale feestdag weer heroverde.

„Frankrijk herontdekt de magie van de Tour”, opende Le Figaro donderdag op de voorpagina. Het sinds de Festina-affaire van 1998 steevast sceptische Libération zette een strijdende Alaphilippe, de tong half uit de mond, paginagroot op de cover: een „adembenemend spektakel”. Voor het eerst in jaren was dit een Tour zonder wrange bijsmaak, oordeelde de hoofdredacteur in zijn commentaar. Het regende alom lyrische metaforiek. De hagel en sneeuw die de 19de etappe stillegde? Dat waren de tranen van Pinot.

Lees ook: Hij is de jongste Tourwinnaar in ruim 100 jaar en is niet te temmen

Kijkcijfers

En ja, ook de kijkcijfers schoten weer omhoog. De Tour de France was het gesprek van de dag. „We zijn het jaar begonnen met gele hesjes en we eindigen het met de gele trui”, zei president Emmanuel Macron dinsdag nog tegen zijn ministers in een laatste bijeenkomst voor het politieke reces. Hij was erbij op de dag dat Pinot op de Tourmalet won, waagde in Pau zelfs even een sinds de gele crisis niet vertoonde onderdompeling in de mensenmassa. Als het volk een volkssport herontdekt, dan is de tribuun er als de kippen bij. Vrijdagavond nog belde hij met Alaphilippe om hem namens de natie sterkte te wensen voor de slotetappes.

Julian Alaphilippe in de auto van zijn ploegleider, na de door slecht weer ingekorte etappe waarin de Fransman zijn gele trui verloor aan de latere eindwinnaar Egan Bernal.

Foto Thibault Camus/AP

Chauvinisme? Natuurlijk. Ook in Nederland vinden we dat de ‘magie’ van de Tour terug is als de Nederlanders het goed doen. Maar dat is niet de enige verklaring.

Lees ook: Steven Kruijswijk vocht en verlangde een decennium, en pakt nu eindelijk zijn prijs

Het was een Tour waarin „heel weinig gesproken werd over oortjes, over vermogensmeters, over klimrecords, over die hele wetenschap die eigen is aan het professionele wielrennen, maar die de koers dreigt te ontmenselijken”, analyseerde L’Équipe. Hoewel Fransen net zo goed in de windtunnel hun aerodynamica testen, is dat niet waar de Tour zich in de Franse collectieve beleving op moet voorstaan. Vechtlust, ogenschijnlijke roekeloosheid en oncontroleerbare hartstocht wegen zwaarder. De Tour moet niet te modern worden, gelijke tred houden met het eeuwenoude decor van landschappen en erfgoed waarvoor, zo bleek uit een peiling deze week, sowieso meer kijkers inschakelen dan voor het sportieve evenement.

Daarmee hadden ze aan Alaphilippe een goede. Hij is „een renner van wie we dachten dat hij verdwenen was”, zei wielerauteur en wetenschapper Jean Cléder tegen de blog Atlantico: een soort Eddy Merckx die zowel in Milaan-San Remo als in de Tour succes kan hebben. Een mens, geen robot. Hij is „een uitzondering in de historische evolutie” van het wielrennen.

Bekijk ook: de Tour de France in beeld: vallen, massasprints en uitgedoste fans