‘600.000 winkelbanen weg in VS door private equity’

Durfinvesteerders Bij winkelketens in handen van private-equitypartijen verdwenen de laatste tien jaar veel banen, stelt een Amerikaans onderzoek.

Bij het Amerikaanse warenhuis Sears verdwenen in tien jaar tijd bijna 260.000 banen.
Bij het Amerikaanse warenhuis Sears verdwenen in tien jaar tijd bijna 260.000 banen. Foto David Paul Morris/Bloomberg

Het is de klassieke truc van private-equity: een bedrijf kopen met (grotendeels) geleend geld, snoeien in de kosten zodat de brutowinst omhoog gaat en binnen een paar jaar de zaak weer met winst verkopen. Niet zelden krijgt een onderneming die wordt overgenomen door private equity dan ook te maken met ontslagen. Want als iedereen nou net iets harder werkt, kun je prima met minder personeel toe.

Vooral in de detailhandel heeft die werkwijze tal van banen gekost, stellen zes Amerikaanse belangenorganisaties nu in een woensdag verschenen onderzoek. Volgens de auteurs zijn bij winkelketens in de Verenigde Staten in tien jaar tijd bijna 600.000 banen verdwenen door toedoen van private-equitypartijen. Tel je ook de indirecte banen mee – bijvoorbeeld bij leveranciers en in de logistiek – dan loopt dat op tot 1,3 miljoen banen.

Voorbeelden zijn er in overvloed. Neem Sears, ooit een van de grootste warenhuisketens van de VS, waar onder beheer van investeerder en miljardair Eddie Lampert in tien jaar bijna 260.000 banen verdwenen. Of supermarktconcern Southeastern Grocers, waar de afgelopen jaren bijna een kwart van de ooit 66.000 werknemers werd ontslagen.

Het zijn ook niet alleen reorganisaties waardoor veel banen verdwijnen, constateren de onderzoekers. Veel vaker nog is een faillissement de oorzaak, zoals bij speelgoedketen Toys “R” Us en elektronicawinkel Radioshack (respectievelijk 64.000 en 23.000 banen). Uit eerder onderzoek is gebleken dat van alle Amerikaanse winkelketens die de laatste jaren failliet gingen meer dan tweederde in handen was van een private-equityinvesteerder.

‘Bedrijf leegzuigen’

Zulk baanverlies beperkt zich niet tot de VS. Ook in Nederland komt het voor. Het bekendste recente voorbeeld is misschien wel warenhuisketen V&D. Daar werkten ten tijde van het faillissement eind 2015 zo’n 10.000 mensen. En bij Hema drong eigenaar Lion Capital in 2015 aan op een reorganisatie op het hoofdkantoor en bij de bakkerijen, waarbij zeventig ontslagen vielen.

De Amerikaanse senator Elizabeth Warren, presidentskandidaat voor de Democraten bij de verkiezingen in 2020, wil daarom dat er strengere regels komen voor private-equitypartijen. Toen ze eerder deze maand daartoe een wetsvoorstel aankondigde, vergeleek ze de investeerders met „vampiers” die „een bedrijf leegzuigen en dan verrijkt weglopen”.

Andere Democraten, zoals medekandidaat Bernie Sanders, schaarden zich achter haar voorstel.

Tegelijkertijd valt er wel iets aan te merken op rapporten zoals die van de zes belangenorganisatie: ze richten zich alleen op direct banenverlies en niet op de langetermijneffecten. Ineen studie naar 3200 bedrijfsovernames uit 2014, waarin dit wél gebeurt stellen de zes Amerikaanse onderzoekers dat in de eerste jaren na een overname door private equity weliswaar veel banen verdwijnen, maar dat de werkgelegenheid daarna vaak weer groeit. Netto resteert daardoor slechts een beperkt banenverlies.

De Amerikaanse Investeringsraad, die private-equityfondsen vertegenwoordigt, vindt het woensdag gepubliceerde onderzoek dan ook „vooringenomen”, liet voorzitter Drew Maloney aan Bloomberg weten. Volgens hem blijven door private equity miljoenen Amerikaanse banen juist behouden. Het probleem zit volgens hem eerder bij winkels zelf, stelt hij.