Recensie

Recensie Beeldende kunst

Loodzware teksten bij magere beelden op tiende editie van Lustwarande

Buitententoonstelling Geen omgeving is zo gunstig voor kunst als een wandelpark, en toch weet deze kunstroute teleur te stellen. Op een paar brievenbusmannetjes na.

Eric Sidner, 5 heads (head 1, head 2, head 3, head 4, head 5), 2019 (Polyester, piepschuim, gips, verf, plastic5 elementen: 70 x 120 x 90 x 87 x 60 cm,106 x 80 x 70, 80 x 105 x 72, 70 x 100 x 75 cm)
Eric Sidner, 5 heads (head 1, head 2, head 3, head 4, head 5), 2019 (Polyester, piepschuim, gips, verf, plastic5 elementen: 70 x 120 x 90 x 87 x 60 cm,106 x 80 x 70, 80 x 105 x 72, 70 x 100 x 75 cm) Foto Gert Jan van Rooij Courtesy de kunstenaar en Deborah Schamoni Munchen

Ineens ben je niet meer alleen in het lustwarandebos, wanneer je bij locatie nummer 13 van de kunstroute Delirious aanbelandt. In dit mooie wandelbos aan de rand van Tilburg sta je hier oog in oog met zeven beelden die je nogal argwanend aankijken. Hun hoofden bestaan uit brievenbussen en ze zijn gemaakt door Sven ’t Jolle, naar de zelf geknutselde brievenbussen die hij in Australië ontdekte. Postbodes moeten daar soms zulke afstanden afleggen, dat mensen een brievenbus ergens aan het begin van een landweg neerzetten. Ze worden gemaakt van metalen blikken en ander tweedehands materiaal. Ook in Tilburg lijken ze op hun plek, als een rammelige familie van boswezens. Karaktervol zijn ze, verongelijkt, zo’n familie waar niet iedereen met elkaar overweg kan – maar je hebt het er maar mee te doen. Als beeldengroep geven ze extra betekenis aan het omringende bos, dat hier een dreigend decor wordt met jou als indringer. Knap als een kunstwerk dat teweegbrengt.

Win McCarthy, Master, 2019. (Geïmpregneerd hout, verf, sloten400 x 200 cm)

Foto Gert Jan van Rooij Courtesy de kunstenaar en Galerie Fons Welters, Amsterdam

Nog een reden om er langer bij stil te staan, is dat zulke geslaagde werken dungezaaid zijn in deze tiende editie van de jaarlijkse beeldententoonstelling Lustwarande, die uit vijfentwintig werken bestaat. Het eerstvolgende kunstwerk is van Win McCarthy en bestaat uit vier afgesloten groene kistjes op een groene plank. Het is wat aan de sobere kant, maar, volgens de catalogus gaat het toch over heel veel, want wat zou er in die kistjes kunnen zitten? De tekst verhaalt over een mysterieuze inhoud, forensisch onderzoek, privédata in deze digitale tijden, de stedelijke conditie zelfs, kortom zoveel dat de belangrijkste ingrediënten, de kleren van de keizer, niet eens genoemd worden.

Loodzware teksten bij magere beelden zijn een constante in deze editie. Justin Matherly verdiept zich volgens de catalogus in de oude Grieken, filosofie, Kafka, Asclepius, geneeskunde en meer, wat leidt tot een gefragmenteerde leeuwenkop op looprekjes. Siobhán Hapaska becommentarieert de menselijke staat in een tijd tussen complexe ideologieën via een roestige schotelantenne met breinvormige uitstulping die Sunflower heet. Een niet onaardig maar wel iel beeldje van Nina Canell, een slakkenhuis uit het gehoororgaan, is volgens de tekst geen sculptuur maar meer een concept van een sculptuur „dat tot ver buiten de kaders van traditionele opvattingen reikt”. Misschien had het beter echt een sculptuur kunnen zijn, want dit concept ervan valt helemaal weg in deze omgeving.

Isabelle Andriessen, Ivory Dampers, 2019 (Keramiek, gepoedercoat metaal, PETG, chemische kristallen, 700 x 40 cm doorsnee).
Foto Gert Jan van Rooij
Jehoshua Rozenman, Circular Ashes, 2019. (Glas, 280 x 50 x 50cm)
Foto Gert Jan van Rooij Courtesy de kunstenaar en Galerie Fontana, Amsterdam
Isabelle Andriessen, Ivory Dampers, 2019 (Keramiek, gepoedercoat metaal, PETG, chemische kristallen, 700 x 40 cm doorsnee). Jehoshua Rozenman, Circular Ashes, 2019. (Glas, 280 x 50 x 50cm)
Foto’s Gert Jan van Rooij

Het klinkt allemaal wat pretentieus en dan is het ook nogal matig gemaakt. Het ergst zijn de drie witte bustes van Morgan Courtois, met hoeden en sjaals van wat op gips lijkt, die ruim twee weken na de opening al viesbruin staan te verbrokkelen. Het lijkt een pastiche, zulke nonchalance, maar afgaande op de tekst is ook dit allemaal bloedserieus bedoeld.

Zo al met al lijkt het lastig, kunst in het bos. Maar dat zou niet moeten. Want er is geen mooiere omgeving voor kunst dan de natuur. Zelfs matige beelden worden mooi als je ze met groen omlijst. Ze hoeven niet op te boksen tegen stedelijke drukte. Ze mogen zichzelf zijn. Een bos of park geeft warmte, magie. Mensen komen om te flaneren, staan stil, hebben aandacht. Er lagen zoveel kansen en de pakweg zes, zeven goede bijdragen illustreren dat – te gekke reuzeaugurken van Sarah Lucas, een fraaie wegwijzerachtige totem van Steven Claydon, een hooggehangen buitenboordmotor van Bojan Sarcevic. Ze zijn een minderheid. Langzaamaan, zo al flanerend, ga je begrijpen waarom die brievenbusmannetjes zo chagrijnig staan te kijken.

Morgan Courtois, Spring Figure (1), Spring Figure (2), Spring Figure (3), 2019(Gips, verf, epoxy, textiel, diverse organische materialen)
Foto Gert Jan van Rooij / Courtesy de kunstenaar en Balice Hertling Parijs
Morgan Courtois, Spring Figure (1), Spring Figure (2), Spring Figure (3), 2019(Gips, verf, epoxy, textiel, diverse organische materialen)
Foto Gert Jan van Rooij / Courtesy de kunstenaar en Balice Hertling Parijs