Een eindeloze klim naar Val Thorens, het laatste geel

Bergetappe naar Val Thorens De beslissende rit, deze zaterdag, voert de renners naar Val Thorens. Ruim 33 kilometer bergop, voor de man met de allerlangste adem.

Egan Bernal, hier tijdens de 19de etappe, draagt bij de start van de beslissende etappe de gele trui.
Egan Bernal, hier tijdens de 19de etappe, draagt bij de start van de beslissende etappe de gele trui. Foto Yoan Valat/EPA

De kronkelende bergweg waar al zo lang naar wordt uitgekeken, waar de Tour deze zaterdag zal worden beslist, is ’s winters het domein van ronkende touringcars, afgeladen met toeristen die een vakantie boekten naar Les Trois Vallées, het hoogste en grootste skigebied van Europa, jaar in jaar uit verkozen tot wereldwijd wintersportwalhalla, met meer clubs dan skischolen.

Schier eindeloos kruipt de D117 omhoog, het gaat van 522 meter in het dal naar 2.365 meter op de top, zo hoog dat er zelfs tot in de eerste week van mei geskied kan worden, als Nederlanders er massaal naartoe trekken voor de fameuze Dutchweek, een bevrijdingsfestival in de sneeuw. In hun weg naar boven worden ze in de haarspeldbochten getrakteerd op fraaie vergezichten, maar de klim lijkt ook in een bus een eeuwigheid te duren. Laat staan op een fiets. Een beetje amateur is zomaar drie uur aan het klimmen.

Niet het gemiddelde stijgingspercentage van 5,5 procent gaat de heren renners zaterdag de adem ontnemen in hun weg naar finishplaats en skioord Val Thorens, daar kunnen ze zelfs na drie weken wedstrijd met de grote plaat tegenop. Het is veel meer de afstand die ze angst inboezemt. Weinig Alpencols zijn langer dan de 33,4 kilometer, waarop een maximale inspanning van bijna anderhalf uur nodig zal zijn om met de besten omhoog te komen, en dat aan het einde van drie weken Tour. De man met de allerlangste adem zal zegevieren.

Lees ook: De zes sterke punten van Steven Kruijswijk

Vakantieoord

Slechts één keer eerder zat Val Thorens in de Tour, vermoedelijk omdat het vakantieoord dat in 1969 werd aangelegd toen nog wel wat promotie kon gebruiken. Inmiddels is het gebied al drie jaar op rij uitgeroepen tot beste ter wereld.

Op woensdag 19 juli 1994 beginnen de renners aan een rit van 149 kilometer met onderweg twee Alpencols, de Col du Glandon en de Col de la Madeleine. Het zijn de gloriejaren van Miguel Indurain, die de Tour gaat winnen. Met nog negentig kilometer te gaan demarreert de Colombiaan Nelson Rodríguez – een jaar eerder zesde in de Giro – uit het peloton en samen met Bjarne Riis en Piotr Ugrumov gaat het in een noodvaart naar de slotklim.

Marco Pantani, nog niet de grootheid die hij later zou worden, is door een blokkerend voorwiel tegen het asfalt gesmakt en wil met wonden aan neus en knie het liefst afstappen, maar wordt daar door zijn ploeg van weerhouden en zou onderweg naar Val Thorens nog bijna de etappe winnen. Door die actie wordt hij derde in de Tour. De ritwinst gaat naar de kleine Colombiaan, die daarna nooit meer een wielwedstrijd weet te winnen. Het gebeurt allemaal ver voor de Nederlanders, die stuk voor stuk worstelen met de beklimming naar Val Thorens.

Wisselende percentages

Erik Breukink herinnert zich vooral de wisselende percentages van de „superlange klim”, vertelt hij aan de telefoon. Hij verliest ruim acht minuten op Nelson Rodríquez, de eendagsvlieg die hij zich met moeite voor de geest kan halen. „Je hebt zelfs afdalingen in die klim, en vlakke stukken. Dat was voor mij wel fijn.” Zo kon hij herstellen. Het hoogtekaartje heeft inderdaad alle kleuren: groen, blauw, rood en zwart – net als bij een skipiste. Geen moment gaan de renners een ritme vinden.

Erik Dekker, in 25 jaar geleden 99ste op bijna 26 minuten van de Colombiaan: „Dan ben je al aan het afzien en zie je dat je nog twintig kilometer moet. Dat is bizar, je weet niet wat je ziet. Mentaal is dat vooral heel zwaar.” Dekker, bepaald geen klimmer, weet nog dat hij „stevig moest doortrappen” om op tijd over de finish te komen. „Die klim gaat in je kleren zitten”, zegt hij. Achtenzestig renners kwamen die woensdag in ’94 buiten de tijdslimiet over de finish. Slechts 58 begonnen een dag later aan de achttiende rit. Zo zwaar is de klim naar Val Thorens.

En dan wordt er komende zaterdag ook nog beestenweer verwacht: amper negen graden op de top, striemende regen, en onweer.

Correctie (26 juli 2019): In een eerdere versie van dit artikel stond de achternaam van Nelson Rodríguez verkeerd gespeld. Dat is hierboven aangepast.