De lange weg naar Magnus Carlsen

Hans Ree

Vorige week deelde Anish Giri een mail uit zijn spambox die (in het Engels) had gezegd: „Ga je de mogelijkheid om wereldkampioen te worden pakken, of laat je die aan je voorbijgaan?” Het kan een pijnlijk bericht zijn geweest. Giri is vierde op de wereldranglijst en natuurlijk wil hij graag tegen Magnus Carlsen om het wereldkampioenschap spelen, maar daarvoor moet hij eerst een plaats in het kandidatentoernooi van 2020 verdienen.

Er zijn verschillende wegen naar dat toernooi, maar een ervan, de serie Grand Prix-toernooien van de FIDE, is voor Giri al vrijwel afgesloten. In mei werd hij in Moskou in de eerste ronde al uitgeschakeld en in het begin van deze maand gebeurde in Riga hetzelfde. Dat valt nauwelijks nog in te halen.

Er komen nog meer kwalificatiemogelijkheden, de World Cup in de Siberische stad Chanty-Mansiejsk in september en de Grand Swiss op het Isle of Man in oktober, maar ook voor de allersterksten is de kans om zo’n toernooi met meer dan honderd deelnemers te winnen, altijd klein. Er is ook nog een plek in het kandidatentoernooi die door rating wordt bepaald, maar daarvoor heeft de Chinees Ding Liren de beste kans.

Tenslotte is er nog de wild card, die door de organisatoren van het kandidatentoernooi mag worden toegekend. Er is nog niet vastgesteld waar dat komt. Het zou mooi zijn als het in Nederland is, maar een kandidatentoernooi is duur.

Ik ben geen extreem nationalist, maar ik beken dat mijn belangstelling voor het toernooi in Riga wat verflauwde toen Giri er uit lag, ook al bleef er veel moois te zien. De finale ging tussen Sjachriar Mamedjarov en Maxime Vachier-Lagrave; de Sjah tegen MVL. Die bijnaam MVL wordt door iedereen in de schaakwereld gebruikt, niet alleen voor het gemak, maar ook omdat het in Frankrijk gebruikelijk is voor notabelen. De popfilosoof Bernard-Henri Lévy is BHL en de ontspoorde politicus Dominique Strauss-Kahn was in zijn goede tijd DSK. In Nederland werd de politieke commentator Gustavo Bernardo José Hiltermann vroeger aangesproken als GBJ, maar tegenwoordig missen we zo’n prominente drieletterman.

De finale in Riga werd na een lange en enerverende tiebreak in de armageddonpartij gewonnen door Mamedjarov.

Sjachriar Mamedjarov - Maxime Vachier-Lagrave, Riga Grand Prix 2019, eerste finalepartij

1. d4 Pf6 2. c4 g6 3. Pc3 d5 4. cxd5 Pxd5 5. e4 Pxc3 6. bxc3 Lg7 7. Da4+ Dd7 8. Da3 b6 9. Pf3 Lb7 10. Ld3 0-0 11. 0-0 c5 12. Lf4 Een sterk nieuwtje. 12...cxd4 13. cxd4 Pc6 Na 13...Lxd4 14. Pxd4 Dxd4 15. Dxe7 Dxd3 16. Dxb7 heeft wit risicoloos een klein voordeel. 14. d5 Pa5 Maar dit is erger voor zwart. Zijn paard blijft tot het eind buiten spel. 15. Tac1 Tfc8 16. h3 e6 Zwart had nauwelijks nuttige zetten, maar dit maakt het niet beter. 17. d6 f6 Zwart wil e6-e5 doen, waarna het misschien nog meevalt.

Zie diagram

RL

18. e5 Lxf3 19. exf6 Lxf6 Of 19...Lxg2 20. Kxg2 Lxf6 21. La6 en wit staat ondanks zijn pion achterstand gewonnen. 20. gxf3 e5 21. Ld2 Txc1 Ook na 21...Dxh3 22. Le4 is zwart hulpeloos. 22. Txc1 Tc8 23. Txc8+ Dxc8 24. Kg2 Geen haast. Zijn twee sterke lopers, zijn machtige d-pion en zwarts onveilige koning garanderen wit de winst. 24...Ld8 25. Le4 De6 26. Dd3 Kg7 27. Lc3 Df6 28. Kf1 Zwart gaf op.

RL