Recensie

Recensie

Amoreel is het nieuwe moreel

Graaicultuur Wat vroeger slecht werd gevonden, is nu logisch en gewoon, volgens econoom Aldred. Waar blijft de ethiek bij de economen?

Een Lamborghini voor het ultraluxe hotel St Regis in Dubai, 2017.
Een Lamborghini voor het ultraluxe hotel St Regis in Dubai, 2017. Nick Hannes

Een econoom vertelt een vriend dat hem een prachtige baan is aangeboden, maar dan moet hij verhuizen. Hij twijfelt over het aanbod. ‘Nou, in ieder geval kun je nu je kennis gebruiken om een beslissing te nemen’, antwoordt de vriend. ‘Je kunt alle mogelijke gevolgen kwantificeren en de waarschijnlijkheden ervan wegen.’ Zegt de econoom: ‘Kom nou, zeg, dit is serieus.’

Halverwege Licence to be Bad. How Economics Corrupted Us vertelt econoom Jonathan Aldred dit grapje om duidelijk te maken dat economische theorieën vaak niet over de werkelijkheid gaan. Aldred heeft dan al veel studies behandeld van ‘orthodoxe’ oftewel neoklassieke economen, gebaseerd op enkele eenvoudige maar onzinnige aannames over menselijk gedrag: mensen zijn door en door rationele individuen, die hun keuzes baseren op nutsmaximalisatie en daarbij beschikken over alle noodzakelijke informatie.

Hiermee beweert Aldred niets nieuws. Dat mensen sociale wezens zijn met irrationele trekken en beperkte kennis, is onder niet-economen algemeen bekend. Nieuw is wel dat Aldred vervolgens overtuigend laat zien dat ook voor studies van veel neoklassieke economen junk in, junk out geldt. Zo concludeerde Nobelprijswinnaar Gary Becker in zijn studie over het gezinsleven (1981) dat het economisch gezien het beste is als moeder niet werkt en zelfs dat vrouwen zouden profiteren van de legalisering van polygamie.

Zwitsers genootschap

Ondanks de vaak bizarre studies won de neoklassieke economie na 1945 steeds meer terrein in de VS en West-Europa. Dit is deels het gevolg van de ultraliberale kruistocht – neoliberalisme vindt Aldred een onzinnig begrip – voor de vrije markt en tegen staatsbemoeienis. Die kruistocht begon in 1947 in Zwitserland met de oprichting van de Mount Pèlerin Society door Friedrich Hayek, auteur van The Road To Serfdom (1944). Ook Milton Friedman was lid van dit genootschap. Nobelprijswinnaar Friedman maakte van de University of Chicago een bolwerk van neo-klassieke economie, waar de economische orthodoxie niet alleen werd toegepast op economische onderwerpen maar ook op politieke besluitvorming en zelfs op de liefde. Vaak werd hierbij complexe wiskunde gebruikt. Zo vergrootten die economen niet alleen de overtuigingskracht van hun theorieën, maar lieten hen ook zelf geloven dat ze een exacte en geen sociale wetenschap beoefenden.

Lees ook: Niemand schaamt zich nog voor hebzucht

Friedman werd omstreeks 1980 de leidsman van de Amerikaanse president Reagan en de Britse premier Thatcher. Na de val de Muur in 1989 en de ondergang van de Sovjet-Unie, het grootste land met een planeconomie, verbreidde het extremistische liberalisme zich verder en raakten zelfs west-Europese sociaal-democraten overtuigd van de juistheid van de neoklassieke theorieën.

Uiteindelijk leidde dit in vrijwel de hele westerse wereld tot een neoliberaal overheidsbeleid, dat in vrijwel alle maatschappelijke sectoren de vrije-marktwerking bevorderde. Dit mondde na 2007 niet alleen uit in de zwaarste economische crisis sinds de jaren dertig, maar leidde ook tot een toenemende ongelijkheid die de democratie bedreigt.

Arrogantie

Bovendien is er een zelfzuchtige moraal ontstaan in het Westen. ‘It’s moral to be unmoral, schrijft Aldred: gedrag dat onze (groot)ouders als dom, schadelijk of ronduit slecht vonden, wordt nu als rationeel, natuurlijk en logisch beschouwd. Tegenwoordig is belasting betalen voor de dommen en de meeste mensen vinden het gewoon dat ze niet betalen voor het downloaden van muziek.

Maar als opvattingen over rechtvaardigheid en sociale verantwoordelijkheid de afgelopen 50 jaar sluipenderwijs zijn veranderd, dan kunnen ze de komende halve eeuw opnieuw veranderen, zo besluit Aldred optimistisch. Aangezien de neoklassieke economie de bron is van de nog altijd heersende neoliberale opvattingen, heeft hij zijn hoop op een socialere moraal gevestigd op een vernieuwing van de economische wetenschap. Economen moeten minder arrogant worden en niet denken dat ze een exacte wetenschap beoefenen, betoogt hij: ze moeten beseffen dat hun vak ook over ethiek gaat.