Minister zet bouw Zuidasdok op losse schroeven

Infrastructuur De aanpassing van rondweg A10 en het NS-station bij de Amsterdamse Zuidas was al sterk vertraagd. Nu laat het Rijk nut en noodzaak onderzoeken.

Foto Lex van Lieshout/ANP

Niet alleen loopt de vertraging van het grootste infrastructuurproject van het land „verder op”. De kans bestaat zelfs dat er een streep gaat door het Zuidasdok in Amsterdam nu minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat, VVD) nieuw onderzoek heeft gelast naar „nut en noodzaak” van het project.

Over nut en noodzaak waren de opdrachtgevers – Rijk, gemeente, vervoerregio en provincie – het in 2015, toen zij het project aanbesteedden, nog roerend eens. Voor het Zuidasdok, dat in 2028 afgerond moest zijn, werd 1,9 miljard euro gereserveerd.

Inmiddels is duidelijk dat looptijd en budget ver overschreden worden – als het Zuidasdok überhaupt nog gebouwd wordt. Het onafhankelijk onderzoek waarover de minister dinsdag de Tweede Kamer berichtte, dient „optimalisaties en versoberingen” in kaart brengen. Uit haar brief valt op te maken dat het enige projectonderdeel dat nog fier overeind staat, de uitbreiding van station Zuid is.

Het megaproject behelst echter veel meer: ondertunneling van de een kilometer van de rondweg A10 bij het hart van het zakendistrict ion Amsterdam Zuid, verbreding van 5 kilometer A10 en vernieuwing van de knooppunten Amstel en De Nieuwe Meer. Voor deze onderdelen „is geconcludeerd dat er meer informatie nodig is”, aldus Van Nieuwenhuizen.

De werkzaamheden aan het Zuidasdok begonnen in 2018, maar dit jaar openbaarden zich problemen. Half mei liet de minister de Tweede Kamer weten dat het budget met 100 miljoen omhooggaat en de ontwerpfase een jaar langer duurt dan gepland. Ze kwalificeerde het project toen als complexer en risicovoller dan gedacht.

Vorige maand ontstond een fors conflict tussen de opdrachtgevers en de in het consortium Zuidplus verenigde bouwers van het project: Heijmans, Fluor en Hochtief. Ze zetten het werk stop en haalden honderden bouwvakkers van het project nadat Rijkswaterstaat hun ontwerp op onderdelen had afgewezen. Ook zou tussen de bouwbedrijven onderling verschil van inzicht bestaan over de aanpak: het project in delen opsplitsen om het overzichtelijker te maken, of juist niet.

Als bemiddelaar schakelden de opdrachtgevers hoogleraar Marcel Hertogh in, hoofd van de onderzoeksgroep Infrastructure Design and Management aan de TU Delft. Voor de zomer zou er een advies moeten liggen over hoe hoe het verder moet met het project. Die oplossing lijkt nog niet in zicht. Van Nieuwenhuizen schrijft dat de gesprekken onder leiding van Hertogh met het consortium „worden voortgezet”.

Het laatste infrastructuurproject in Amsterdam van vergelijkbare omvang en complexiteit, de Noord-Zuidmetrolijn, duurde dertien jaar langer dan gepland en kostte zo’n 1,7 miljard euro meer dan begroot.