Opinie

America First: Trump staat in een traditie

Paul Scheffer

De reactie van senator Kamala Harris was kort en krachtig: „It is absolutely racist and un-American, and it is an old trope”. Haar kwalificatie van Trumps uithaal naar de vier volksvertegenwoordigers van haar partij had een duidelijke bedoeling. Tegenover zijn nationalisme probeerde ze een liberaal patriottisme te stellen: de woorden van de president zijn in haar ogen on-Amerikaans.

Het probleem met dat ‘un-American’ is dat een verleden wordt verdoezeld, waarin nogal wat weerzin tegen immigratie bestond. Daarom had Harris gelijk toen ze eraan toevoegde dat het ‘ga terug naar je eigen land’ van ver komt. Wie zich verdiept in de Amerikaanse geschiedenis ontdekt al snel dat immigratie vaak omstreden is geweest. Nieuwkomers – om te beginnen de Ieren, Italianen en Polen – waren lang niet altijd welkom.

Trumps woorden haken terug naar de jaren aan het begin van de vorige eeuw, toen een beweging opkwam om immigranten te ‘amerikaniseren’. In die beweging liepen aanvankelijk emancipatoire en nationalistische motieven door elkaar. De nationalistische motieven kregen gaandeweg meer nadruk. In 1915 werd uit de Onafhankelijkheidsdag een Americanization Day gemaakt. Rond deze tijd kwam ook de leuze ‘America First’ op.

De gisting van die jaren leidde tot restrictieve immigratiewetten. De omslag werd al eerder ingezet met de Chinese Exclusion Act van 1882 – overigens ook door de vakbonden gesteund. Die wet maakte arbeids- en gezinsmigratie uit China vrijwel onmogelijk. Verder werd de naturalisering van Chinese immigranten uitgesloten: ze konden immers nooit echte Amerikanen worden. De wet werd pas in 1943 ingetrokken.

Het denken in raciale categorieën vinden we ook terug in de wetgeving van 1924. Die was mede geïnspireerd op het werk van de jurist en zoöloog Madison Grant. In zijn invloedrijke The Passing of the Great Race uit 1916 schrijft hij: „De nieuwe immigratie bevat een groeiend aantal zwakkeren, armen en geestelijk kreupelen van alle rassen die afkomstig zijn van de laagste klassen uit het mediterrane gebied en de Balkan. De hele sfeer van het Amerikaanse leven is daardoor naar beneden gehaald en ontluisterd.”

Het is opvallend dat de botsingen vooral gingen over Europese migranten. Door Grant en anderen werden deze nieuwkomers verdeeld in Noordse, Alpine en Mediterrane ‘rassen’. Deze zienswijze werkte door in de nieuwe wetgeving. De Nederlanders werden kenmerkt als „the Englishmen of the Continent”. Ze waren welkom – de Italianen en Polen zeker niet. Die geschiedenis leert dat vooroordeel uiteindelijk geen kleur nodig heeft: het kan iedereen raken.

Op basis van dit soort ‘wetenschappelijk’ racisme werd een quotaregeling ontworpen. De bedoeling was om de etnische verhoudingen van dat moment vast te leggen. Men wilde liever Britse en Duitse migranten en probeerde de komst van de ‘minderwaardige’ Polen en Italianen zoveel mogelijk tegen te gaan. Voor mensen uit andere werelddelen was de deur zo goed als gesloten.

Het effect van de strengere wetten was al snel zichtbaar. Terwijl in de periode 1901-1910 iets meer dan negen miljoen immigranten werden toegelaten, daalde dat aantal in de periode 1931-1940 naar een half miljoen. De economische crisis speelde zeker een rol, maar in 1910 was nog tien procent van de bevolking in het buitenland geboren en in 1960 niet meer dan drie procent. Pas in het midden van de jaren zestig werd het migratiebeleid meer open.

Het is goed om deze kant van het verleden te kennen, want anders begrijpen we niet waar de retoriek van Trump vandaan komt. ‘Eigen volk eerst’ kenmerkt al het populisme – ook het populisme van honderd jaar geleden in Amerika. Juist daarom kan het niet eenvoudigweg worden afgedaan als ‘un-American’ – het maakt deel uit van het verleden dat niet moet worden geïdealiseerd. Het is inderdaad ‘an old trope’.

Je kunt het opsplitsen van een samenleving in etnische groepen zien als strijdig met de grondbeginselen van de Amerikaanse republiek, laat staan dat een hiërarchie van zulke groepen ooit zou kunnen passen bij het mooie credo ‘All men are created equal’. Zulke vooroordelen zien we echter wel door de hele geschiedenis terugkeren.

Er zijn genoeg verschillen tussen toen en nu, maar we hebben eerder gezien hoe een samenleving verdeeld kan raken door conflicten rond afkomst. De manier waarop de huidige president zijn aanhang bespeelt – de spreekkoren ‘send her back’, aan het adres van afgevaardigde Ilhan Omar, kwamen niet uit de lucht vallen – roept bij anderen een gevoel van ontheemding op. Juist omdat Trump in een lange traditie staat moeten we ons zorgen maken over zijn giftige woorden.

Paul Scheffer is hoogleraar Europese studies.