Uit de cel, maar nog niet vrijgesproken

Turkije De Rotterdamse Rojda A. die in Turkije terechtstaat wegens banden met de PKK mag de cel uit. Maar ze mag het land nog niet verlaten.

Een beveiliger houdt de wacht voor het gerechtsgebouw van Istanbul.
Een beveiliger houdt de wacht voor het gerechtsgebouw van Istanbul. Foto Ozan Kose / AFP

Er klinkt luid juich buiten de rechtszaal in Istanbul als bekend wordt dat de Rotterdamse Rojda A., die terechtstaat wegens banden met de Koerdische terreurorganisatie PKK, wordt vrijgelaten uit voorarrest. De opluchting is groot bij haar moeder, haar man en andere familieleden, die speciaal uit Nederland zijn overgevlogen om de eerste zitting van het proces bij te wonen. Ze vallen elkaar huilend in de armen.

„Ik kan eindelijk mijn dochter weer vasthouden”, zegt Rojda’s man Hikmet. Zijn negen maanden oude dochter zat samen met zijn vrouw in de cel. Toch heeft Hikmet een dubbel gevoel over de uitspraak, die inhoudt dat Rojda A. de rest van haar proces in vrijheid mag afwachten. „We hadden vrijspraak verwacht. De enige reden dat ze niet is vrijgesproken is omdat ze het onderzoek naar haar telefoon niet op tijd is afgerond. Nu zit ze hier nog drie maanden voor niks vast.”

Rojda werd op 5 april aangehouden op de luchthaven van Istanbul. Ze stond op het punt om terug naar Nederland te vliegen na een stedentrip met haar pasgeboren dochter, haar zus en haar nichtjes. Aanvankelijk dachten ze dat het om een misverstand ging, maar al snel werd duidelijk dat hun vakantie eindigde in een nachtmerrie.

Lees meer over de arrestatie van Rojda A.: Al twee weken vast in Turkse gevangenis na stedentrip

Rojda wordt verdacht van banden met de PKK omdat ze in 2015 en 2016 co-voorzitter is geweest van DemNed, een legale Koerdische organisatie in Nederland. Zelf zegt ze dat ze alleen huiswerkbegeleiding heeft gegeven en culturele evenementen heeft georganiseerd. In de tenlastelegging staat geen bewijs dat Rojda of DemNed banden hebben met de PKK.

Vrijheid van vereniging

Volgens Rojda’s advocaat is er geen juridische basis is voor een proces omdat de aanklagers zich baseren op vermoedens. „En de wet schrijft voor dat vermoedens niet genoeg zijn. Zowel in Nederland als in Turkije is vrijheid van vereniging een grondrecht. We hebben deze rechtbank eerder gevraagd om te onderzoeken of deze Nederlandse vereniging [DemNed] illegaal was of strafbare feiten pleegde, maar dat is niet gebeurd.”

Rojda is meerdere keren in Istanbul geweest sinds ze is gestopt als co-voorzitter van DemNed. „Ik snap niet waarom dat nu ineens problemen oplevert”, zegt ze tijdens haar verhoor. „Ik ben samen met mijn dochter weggerukt van mijn familie.” Ze stokt en begint te huilen. „Waarom? Hoe? Wat heb ik gedaan dat de Turkse staat mij ineens als een bedreiging ziet?”

Voor de familie is de situatie erg moeilijk, vooral omdat Rojda’s pasgeboren dochter bij haar in de gevangenis zat. Dat is niet ongebruikelijk in Turkije. Volgens de Turkse wet moeten kinderen tot zes jaar bij hun moeder in de gevangenis zitten als ze niemand anders hebben om voor hen te zorgen. Met als gevolg dat er 703 kinderen gevangen zitten in Turkije.

„Mijn dochter is negen maanden oud en heeft de helft van haar leven doorgebracht in de gevangenis”, zegt Rojda tijdens haar getuigenis. „Ik heb geen familie in Turkije dus ik kon haar nergens onderbrengen. En in de cel is mijn melkproductie gestopt, waardoor ik haar niet meer zelf kon voeden. Ze herkent haar eigen vader niet eens meer tijdens zijn maandelijkse bezoeken aan de gevangenis.”

Naast Rojda zitten nog zo’n twintig Nederlanders vast in Turkije in afwachting van hun proces. Een van hen was Murat Memis, de fractievoorzitter van de SP in Eindhoven, die op 30 april werd aangehouden in Antalya wegens vermeende banden met de PKK.

Stille diplomatie

De Nederlandse reactie op de zaak leidde tot kritiek in Den Haag. Diverse Kamerleden riepen de regering op zich harder op te stellen jegens Turkije. Maar minister van Buitenlandse Zaken Stef Blok (VVD) zei tijdens een Kamerdebat dat hij stille diplomatie prefereert omdat dat effectiever is.

„Stille diplomatie kan nuttig zijn”, reageert Erik Weststrate, de tweede man van de Nederlandse ambassade in Ankara, nadat duidelijk is dat Rojda vrijkomt. „Als je ziet hoe de Verenigde Staten en Duitsland het doen, de Turken zetten direct hun hakken in het zand.” Washington en Berlijn zijn meermaals in conflict gekomen met Turkije omdat hun burgers daar vastzaten, maar dit leidde niet altijd tot versnelde vrijlating.

Memis werd begin juni vrijgesproken. De aanklagers lieten beide aanklachten – lidmaatschap van en propaganda voor een terroristische organisatie – vallen. Na acht weken werd zijn reisverbod opgeheven.

Het proces tegen Rojda wordt op 3 oktober hervat. Tot die tijd heeft ze een reisverbod en moet ze zich eens per week melden bij de politie.