Haga en A’dam naar rechter

Uitbouw Het schoolbestuur en de gemeente zijn het niet eens over wie extra lokalen mag bouwen. Donderdag dient een spoedprocedure.

Het Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam.
Het Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam. Foto Koen van Weel / ANP

De gemeente Amsterdam en het Cornelius Haga Lyceum liggen met elkaar overhoop over de bouw van nieuwe lokalen voor de islamitische school. Dat blijkt uit een brief die wethouder Onderwijs Marjolein Moorman (PvdA) maandag aan de Amsterdamse gemeenteraad stuurde. Donderdag dient een voorlopige voorziening over de kwestie.

De gemeente en het bestuur van het Cornelius Haga Lyceum zijn het niet eens over bij wie het zogenoemde ‘bouwheerschap’ ligt voor de uitbreiding van de school, dat wil zeggen wie gerechtigd is de uitbreiding te verzorgen. De bouw van extra lokalen is nodig omdat het leerlingenaantal op het Cornelius Haga Lyceum volgend jaar met 129 toeneemt tot 305. Voor dat aantal is op dit moment geen plaats.

In principe ligt de verantwoordelijkheid voor de bouw van extra lokalen bij een school zelf. De wet biedt echter de mogelijkheid dat de gemeente het bouwheerschap op zich neemt. Wethouder Moorman schrijft in de brief dat het Cornelius Haga Lyceum op 11 juli op de hoogte is gesteld van het voornemen van de gemeente „een uitbreiding van 665m2 te realiseren”. Daar zou het schoolbestuur mee akkoord zijn gegaan om er daarna op terug te komen.

Niet voldoende

Het eigen bouwplan dat het bestuur vervolgens ingediend zou hebben, was volgens de gemeente niet voldoende. Daardoor zette de gemeente vorige week haar eigen bouwplan door, maar werd de daarvoor aangetrokken aannemer bij de voorbereidende werkzaamheden op het schoolterrein herhaaldelijk „fysiek” en „verbaal” tegenwerkt door het bestuur van het Cornelius Haga Lyceum.

Er is op dit moment onduidelijkheid over wie nu het recht heeft de uitbouw uit te voeren. Daardoor is een voorlopige voorziening, een spoedprocedure, aangespannen door de gemeente. (NRC)