‘Ik wil niet in mijn eentje oud worden’

Verdienen en uitgeven Hermien Miltenburg (65) geeft voorlichting aan ouders van (aanstaande) studenten aan Wageningen University. Ze bereidt zich voor op haar pensioen. „Dat komt opeens wel heel dichtbij.”

In

‘Ik zit aan het einde van mijn loopbaan en bereid me al enige tijd voor op mijn pensioen. Zo weet ik dat ik straks, net als nu, voldoende inkomen heb om rond te komen. Alleen dan is nog wel de vraag: hoe vul ik mijn leven in? Ik ben al vijftien jaar weduwe, maar wil niet in mijn eentje oud worden. Bovendien verwacht de overheid van ouderen dat ze voor zichzelf zorgen. Met een groep vrienden wil ik daarom een stuk grond kopen bij Nijmegen, om een groepswoning op te bouwen. Daarin heeft ieder een eigen plek, maar is er ook een gemeenschappelijke ruimte om samen te komen als daar behoefte aan is.

„De zoektocht naar hoe ik mijn leven straks indeel, lijkt op dat van een student. Je ouders willen het beste voor je en denken met je mee, maar uiteindelijk moet je het zelf uitzoeken. Je ouders kunnen je alleen een spiegel voorhouden. Mijn kinderen, allen in de dertig en op zichzelf wonend, willen ook graag dat ik gelukkig word. Ze vertellen me graag wat goed voor mij zou zijn. Maar ik moet zelf de juiste weg vinden. Aanvankelijk zou mijn pensioen pas over een jaar ingaan, maar door het nieuwe pensioenakkoord heb ik nog negen maanden. Daar schrok ik wel even van. Ik doe mijn werk met ontzettend veel plezier.

„Gelukkig kan ik mijn blog over het maken van studiekeuzes aanhouden. Het is vrijwillig, de universiteit faciliteert mij daarin. Ik heb mijn hele werkende leven pensioen opgebouwd. Met de verkoop van mijn huidige huis heb ik straks voldoende om het nieuwe avontuur aan te gaan.”

Uit

‘Ik reis veel en graag, ook met het vliegtuig. Ik weet dat dat ontzettend slecht voor de natuur is. Ik vind dat ik er daarom voorzichtiger mee moet zijn, maar ik zie ook wat het toerisme oplevert voor bepaalde gebieden. Het blijft een lastig vraagstuk. Om mijn vluchten te compenseren, maak ik na de reis altijd een kwart van de kosten voor het vliegticket naar een van de Nederlandse natuurfondsen over.

„Ik ben sportduiker en ga in de zomer zeker één keer per week het water in. Als dat niet op vakantie is, dan is het in Nederland, bijvoorbeeld in de Oosterschelde. Als je daar je kop onder water doet, dan zie je de meest fantastische dingen: krabben, schelpen en slakken. Natuurlijk is het zicht niet altijd heel goed, maar soms kan je zeker wel vier tot vijf meter om je heen kijken.

„Mijn laatste reis was niet om te duiken, ik ging naar Nepal met een vriendin. We hebben daar drieënhalve week gewandeld. Geen filewandeling naar de Mount Everest, daar ben ik veel te oud voor. Mijn vriendin heeft in Nepal gewoond, dus ze kent veel mooie, niet-toeristische plekken. De tickets had ik anderhalf jaar van tevoren geboekt, toen waren ze 600 euro per persoon. Verder hebben we daar heel sober geleefd, in totaal was ik 1.100 euro kwijt.”