Opinie

Het geluk dat er een rijkere wereld bestaat

Marjoleine de Vos

Eén van de meer onbegrijpelijke reflexen is de angst voor ‘elite’. Zeker in deze tijd, waarin voortdurend om ‘topkunst’ gevraagd wordt, om opleidingen die ‘excellentie’ bieden, waarin alleen de zeer gedrevenen en superslimmen geld kunnen krijgen om wetenschappelijk onderzoek te doen. Waarin men smeekt om een elite kortom. Dan is het raadselachtig waarom mensen die van literatuur, beeldende kunst of muziek houden afgeschilderd moeten worden als elitaire types waar je verre van moet blijven. Iedereen die een beetje populair wil doen zegt zulke dingen, zelfs premier Rutte deed het een poosje geleden.

Onlangs begon Rosanne Hertzberger wild om zich heen te schieten. Ze noemt boekhandelaren „hautain” en literatuur „bedrukt papier” en ze weet, nadat ze een boek heeft gelezen van de notoire seksist Ilja Leonard Pfeijffer waarin vrouwen vernederd worden, dat dat „nu eenmaal gebruikelijk [is] in de literatuur met grote L”. Oh?

Het is bon ton geworden om af te geven op kunst en te zeggen dat je er niets van weet en ook niets van wilt weten. De overtuiging dat kunst een verrijking is van het leven wordt, althans ogenschijnlijk, door minder mensen gedeeld dan vroeger. Ik begrijp alleen de agressie niet. Komt die voort uit het simplistische geloof dat de markt alles het beste weet en het beste regelt? Grote bedrijven als Bol.com en Amazon bedienen grote groepen lezers die veelal hetzelfde lezen. Waarom is het hinderlijk als de gewone boekhandel daarnaast ook probeert te blijven bestaan?

Ergerlijk is de suggestie die verscholen zit in woorden als ‘hoog’, ‘elitair’, ‘hautain’: dat de gewone man of vrouw, de echte mens, helemaal geen behoefte heeft aan kunst en moeilijk doen. Die wil niet ‘grasduinen’ in zoiets overbodigs als een boekhandel waar je kunt bladeren of een onverwacht boek kunt tegenkomen, een kleine aanvulling, een grappig uitgaafje. Alleen welgestelde aanstellers moeten weer zo nodig ‘kunst’ hebben en een te duur boek kopen in een echte winkel.

Natuurlijk is het allemaal een beetje kinderachtig provoceren van de nieuwe kunsthaters, die graag doen of ze te eenvoudig zijn om naar museum, concertgebouw of boekhandel te gaan. Die hele door hen gelaakte keiharde tegenstelling tussen hoog en laag is onzin, iedereen leest weleens genotzuchtig een ongecompliceerd boek, het kan niet alle dagen Proust wezen. Waar zijn die mensen van wie je geen boek mag downloaden en tegenover wie je heel stoer kunt zeggen dat je dat tóch hebt gedaan? Een onbenullig boek nog wel, waarvan je genoten hebt?

Nou nou. Jij durft.

Hertzberger, die zelf haar man, de schrijver Arjen van Veelen, opvoert, moet toch ook weten dat literatuur verdieping zoekt, bemoeilijking (wat iets anders is dan moeilijk doen en meer te maken heeft met niet gladstrijken), nuance, verbeelding, ongrijpbaarheden enzovoort. En dat dat niet alleen voor snobs van belang is. Waarom wordt zoveel van wat mensen van waarde vinden direct naar de vuilnishoop verwezen als het zich economisch niet weet te redden? Laten wij toch zacht zijn voor elkander, kind.

Ja, literatuur lezen is elitair. Maar die elite is er niet een met macht of geld of privileges. Het gaat meer om wat Vladimir Nabokov eens schreef, dat je als je leest op een of andere manier verbonden bent met een andere staat van zijn, één „waarin kunst (nieuwsgierigheid, tederheid, zachtmoedigheid, extase) de norm is”. Degenen die van literatuur houden hebben het geluk dat er een wereld voor ze bestaat die eindeloos de moeite waard is, die ze verrijkt en ze diep aangaat. Of ze nu jong of oud of rijk of arm zijn.

Marjoleine de Vos is redacteur van NRC.