Gemeente Amsterdam en Haga Lyceum overhoop om bouw nieuwe lokalen

De gemeente en het schoolbestuur zijn het niet eens over de wie de benodigde extra lokalen voor nieuwe leerlingen mag bouwen. Donderdag dient een spoedprocedure over het geschil.

Het Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam Nieuw-West.
Het Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam Nieuw-West. Foto David van Dam

De gemeente Amsterdam en het Cornelius Haga Lyceum liggen met elkaar overhoop over de bouw van nieuwe lokalen voor de omstreden islamitische school. Dat blijkt uit een brief die wethouder Onderwijs Marjolein Moorman (PvdA) maandag aan de Amsterdamse gemeenteraad stuurde. Donderdag dient een spoedprocedure over de kwestie.

De gemeente en het bestuur van het Cornelius Haga Lyceum zijn het niet eens over bij wie het zogenoemde ‘bouwheerschap’ ligt voor de uitbreiding van de school, dat wil zeggen wie gerechtigd is de uitbreiding te verzorgen. De bouw van extra lokalen is nodig omdat het leerlingenaantal op het Cornelius Haga Lyceum volgend jaar met zeker 129 toeneemt tot ten minste 305. Voor dat aantal is op dit moment geen plaats.

In principe ligt de verantwoordelijkheid voor de bouw van extra lokalen bij een school zelf. De wet biedt de mogelijkheid dat de gemeente het bouwheerschap op zich neemt. Wethouder Moorman schrijft in de brief dat het Cornelius Haga Lyceum op 11 juli op de hoogte is gesteld van het voornemen van de gemeente „een uitbreiding van 665m2 te realiseren”. Daar zou het schoolbestuur mee akkoord zijn gegaan om vervolgens erop terug te komen. De gemeente besloot zelf de verbouwing op zich te nemen nadat minister Arie Slob (Onderwijs, ChristenUnie) eerder deze maand het bestuur had opgeroepen af te treden na publicatie van een bijzonder kritisch rapport van de Inspectie van het Onderwijs.

Niet voldoende

Het eigen bouwplan voor de extra lokalen dat het bestuur vervolgens ingediend zou hebben, was volgens de gemeente niet voldoende. Daardoor zette de gemeente vorige week haar eigen bouwplan door, maar werd de daarvoor aangetrokken aannemer bij de voorbereidende werkzaamheden op het schoolterrein herhaaldelijk „fysiek” en „verbaal” tegenwerkt door het bestuur van het Cornelius Haga Lyceum. Volgens de gemeente was de aannemer daardoor gedwongen de werkzaamheden te staken, ook omdat de school inmiddels zelf een aannemer in de arm had genomen om de eigen plannen uit te voeren.

Er is op dit moment onduidelijkheid over wie nou het recht heeft de uitbouw uit te voeren. Daardoor is een voorlopige voorziening, een spoedprocedure, aangespannen door de gemeente.

Het bestuur van het Cornelius Haga Lyceum bestrijdt het verhaal van de gemeente. Volgens directeur Soner Atasoy waren er al in 2017 en in 2018 aanvragen ingediend voor uitbreiding die de gemeente zelfs gedeeltelijk had goedgekeurd. Daardoor had de school, zegt Atasoy, in maart al een eigen contract afgesloten met een aannemer over de uitbouw. Die was daar begin deze maand mee begonnen. Daar zou de gemeente van op de hoogte geweest zijn. „Daar heeft de gemeente nooit bezwaar tegen gemaakt tot vorige week.” Volgens Atasoy is het „onzin” dat de aannemer die door de gemeente was ingeschakeld tegengewerkt is.

Extra leerlingen

Wethouder Moorman schrijft dat het niet meer gaat lukken op tijd nieuwe lokalen aan te leveren voor de 129 extra leerlingen. Bestuurder Atasoy gaat er vooralsnog van uit dat het Haga in september de benodigde extra lokalen kan afleveren.

Begin deze maand publiceerde de Inspectie van het Onderwijs een kritisch rapport over het Cornelius Haga Lyceum. Op de school zou sprake zijn van tekortschietend burgerschapsonderwijs, financieel wanbeheer en zelfverrijking. Minister Arie Slob (Onderwijs, ChristenUnie) liet het bestuur daarop weten dat het binnen acht weken moet opstappen. Doet het dat niet, dan kan de minister de financiering door het Rijk bevriezen.

Lees ook dit achtergrondstuk over de perikelen rond de school: Staat de Haga-top straks geïsoleerd?