Beitske Visser: „Binnen de autosportwereld word ik gewoon als coureur gezien.”

Foto Maja Hitij/Getty Images

Beitske Visser blijft ook tussen de mannen racen

Interview Beitske Visser (24) maakt kans op de titel in de W Series, het kampioenschap voor vrouwen. Ze racet ook in andere klassen.

Beitske Visser heeft niet veel nodig. „Als het vier wielen heeft en het gaat vooruit, dan ben ik tevreden.” Zet haar in een auto, laat haar racen, en ze is al snel blij. Vandaar ook dat zij meteen enthousiast was over de W Series, de eerste klasse in de autosport waaraan uitsluitend vrouwen meedoen. In tegenstelling tot andere vrouwelijke coureurs, die het een stap terug noemden met het oog op die lang gekoesterde wens van een nieuwe vrouw in de Formule 1.

Visser (24) niet. Nou is ze ook niet activistisch ingesteld. Zij duikt niet achter haar toetsenbord als voorvechter van alle vrouwelijke coureurs. Dat ligt haar niet, misschien is dat de nuchtere Fries in haar. „Iedereen mag zijn of haar eigen mening hebben. Natuurlijk wil ik ook tegen iedereen racen uiteindelijk, maar ik zie het zo: hoe meer wedstrijden je rijdt, hoe beter je wordt. En alles in de W Series wordt voor je gefinancierd. Dat is altijd een moeilijk punt in de autosport: dat het duur is. Ik zie het als kans: oké, alles wordt voor me betaald, iedereen krijgt prijzengeld [de winnaar krijgt omgerekend 445.000 euro], dus je verdient er zelfs aan. Ik zie geen reden het niet te doen.”

Bakken met geld

Beitske Visser heeft het altijd zelf moeten doen, in een wereld waarin alleen de sport mogen beoefenen al bakken met geld kost. Geboren in Dronten in Flevoland, maar verhuisd naar Friesland, waar haar hele familie vandaan komt. Uitwellingerga, naast Sneek, toevallig hetzelfde dorpje waar Nyck de Vries vandaan komt, de huidig leider in het kampioenschap van de Formule 2. Haar ouders hadden een autobedrijf, ze verkochten BMW’s. Vader had in toerwagens geracet, maar stopte toen zijn dochter begon met karten. „Hij vond het leuker om met mij mee te gaan.”

Bij een 24-uurskartwedstrijd waar ze met haar vader naartoe ging, had Visser een babykartje zien staan. Toen ze vijf werd, kreeg ze die van haar ouders en begon ze met racen. Als meisje tussen de jongens. Maar, zegt ze, daar ben je op dat moment écht niet mee bezig. „Iedereen vraagt me dat, maar toen ik begon met karten, begonnen de jongens met karten – we zijn samen opgegroeid. Ik was niet anders. Pas als je internationaal wedstrijden gaat rijden, ben je ‘nieuw’. Dan merk je het pas.” Het is wel apart dat er zo de nadruk op wordt gelegd, zegt ze. „Eigenlijk is het de buitenwereld die dat zo doet. Binnen de autosportwereld word ik gewoon als coureur gezien. Ik moet presteren, en als ik niet snel genoeg ben, lig ik eruit.”

Visser kartte tot haar zeventiende. Ze racete daarna in de ADAC Formel Masters, een Duitse formuleracekampioenschap. Na haar eerste seizoen kreeg ze een telefoontje van Helmut Marko, de vermaarde talentenscout en huidige teamadviseur van Red Bull. Die belde haar na een succesvol eerste jaar in de ADAC op om in de simulator te testen. Hoe hij bij haar kwam? „Die man … die ziet alles”, zegt ze glimlachend. „Hij krijgt alles te horen, van alle juniorenklasses, heeft overal mensen lopen die hij kent.”

Foto Kai Pfaffenbach/Reuters

Contract bij Red Bull

Ze overtuigde in de simulator en kreeg een contract bij Red Bull als eerste vrouwelijke junior ooit. Wel kwam ze bij een team terecht dat bekendstaat als draaideur voor talenten: niet presteren en je bent ook zo weg. Visser zat slechts een half jaar bij Red Bull. „Ik had als doel kampioen te worden in de ADAC, Red Bull ook. We hadden problemen met de auto in het begin van het seizoen, het duurde een aantal wedstrijden voor we erachter kwamen wat er aan de hand was. Toen lagen we al te ver achter in het kampioenschap en stopte het aan het einde van dat jaar [2013].” Ze wist dat er druk op haar lag. „Mensen zeggen dat Red Bull heel hard is, maar als je ziet hoeveel geld ze in je investeren, horen ze dat ook te zijn.”

In 2017 werd ze opgepikt door BMW, waar ze nu nog steeds onder contract staat. Ze racete vorig jaar in de GT4 (toerwagenklasse), maakte vorig weekeinde nog haar debuut in de GT3-serie in een BMW en werd met haar racepartner Richard Gonda meteen tweede.

Lees ook: W Series, een nieuw tijdperk voor vrouwelijke coureurs

De W Series heeft ze vanaf de eerste gesprekken als mooie uitdaging voor erbij gezien. Het paste in haar programma, ze racet gewoon door in andere klassen, tussen de mannen. Tijdens de selectie schatte ze al wel in dat ze mogelijk zou meestrijden om de titel en dat bewijst ze dit seizoen. Ze won de race in Zolder, werd twee keer tweede en twee keer vierde en staat tweede in het kampioenschap.

Met dertien punten achterstand op de Britse Jamie Chadwick gaat ze de laatste race in, over twee weken op het circuit van Brands Hatch in Engeland. De eerste winnaar van de W Series worden, zou een bevestiging zijn, zegt Visser. „Zo van: hier heb je je hele leven hard voor gewerkt.”

Uiteindelijk hoopt Visser op een plek in de DTM, de hoogste toerwagensklasse, of de Formule E, waarvoor ze eind vorig jaar al eens testte. In die klassen heeft BMW teams, in tegenstelling tot de Formule 1. „Tuurlijk is de Formule 1 de droom. Maar ik heb geen dertig miljoen in mijn achterzak, dan moet je ook realistisch zijn.”