Rutte sorteert in het Witte Huis voor op de Brexit

VS Bij het bezoek aan president Trump positioneerde premier Rutte Nederland als één van de belangrijkste Europese bondgenoten na de Brexit. Ondanks de zeer vriendschappelijke sfeer, zegde Rutte geen militaire steun toe in Syrië en rond Iran.

Minister-president Mark Rutte met president Donald Trump, tijdens de persconferentie in het Witte Huis.
Minister-president Mark Rutte met president Donald Trump, tijdens de persconferentie in het Witte Huis. Foto Bart Maat / ANP

Premier Rutte sorteerde donderdag bij zijn bezoek aan de Amerikaanse president Trump herhaaldelijk en nadrukkelijk voor op de plek die de Britten na hun Brexit in de Europese Unie openlaten.

Hij gebruikte voor de verstandhouding tussen Nederland en de Verenigde Staten het begrip „een bijzondere relatie”, waarmee doorgaans de verhouding tussen de VS en het Verenigd Koninkrijk wordt aangeduid. En: „President Trump en ik vinden het niet erg om met elkaar te praten, dat helpt.” Aan het eind van een kort persmoment in de Oval Office, toen het gesprek tussen president en premier nog moest beginnen, gaf Trump Rutte een ferme tik tegen zijn been. Rutte klopte Trump direct op de schouder. „We zijn in de loop der jaren vrienden geworden”, zei de Amerikaanse president.

„Na de Brexit moet Nederland een grotere rol pakken”, zei Rutte na afloop van zijn bezoek aan het Witte Huis. ’s Ochtends, bij een toespraak voor de Atlantic Council, een denktank op het gebied van de internationale relaties, had de premier al gezegd dat hij vindt dat het debat in de EU „nu al veel te lang wordt gedomineerd door de Brexit. We moeten verder.” Volgens hem wordt het tijd dat Europa zijn economische kracht als hefboom gebruikt voor politieke invloed. Hij vindt dat de kritische houding van Trump en zijn regering een goede gelegenheid biedt om internationale instellingen als de VN en zijn organisaties te veranderen.

‘Dichter bij Amerika’

De vraag of hij verwacht dat hij voor Trump na de Brexit het eerste aanspreekpunt in de Europese Unie zal worden, hield Rutte een beetje af. „Nederland komt niet in plaats van de grotere lidstaten”, zei hij. Maar: „Wij zijn straks wel het meest transatlantische land van de EU.” Rutte wees erop dat Nederland een groter voorvechter is van vrijhandel dan Frankrijk en Duitsland, en dat hij met enkele andere EU-lidstaten – „of je dat nu de New Hanseatic League noemt of hoe dan ook” – dichter bij de Amerikaanse ideeën daarover staat.

Het gesprek met Trump in het Oval Office nam aanzienlijk langer in beslag dan de tevoren geplande 10 à 15 minuten. Daarbij was het volgens de premier vooral gegaan over de voortgang van de afspraken die zij bij Ruttes bezoek van vorig jaar hadden gemaakt. Zo willen beide landen over en weer het aantal banen doen toenemen, die uit elkaars investeringen voortkomen.

Nu leiden Nederlandse investeringen tot zo’n 825.000 banen in de VS en omgekeerd Amerikaanse investeringen tot 250.000 banen in Nederland. Rutte had nog een plagerige opmerking over die onbalans gemaakt tegen Trump. „Het maakt uiteindelijk niet uit of de een evenveel banen voortbrengt als de ander, of dat er een handelstekort is, als je over en weer maar een profijtelijke relatie hebt.”

Ook het handelsconflict met de EU was aan de orde gekomen, met name de tarieven op soja en vloeibaar aardgas, aldus Rutte. „Het gaat niet makkelijk, maar het helpt om elkaar daar zo intensief over te spreken.”

Rutte benadrukte dat hij geen toezeggingen had gedaan op twee verzoeken die de Amerikaanse regering aan Nederland heeft gedaan. De Amerikanen vragen om een Nederlandse militaire bijdrage in Syrië en om patrouilles van de marine in de wateren rond Iran. De Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken, Stef Blok, ook in het Witte Huis aanwezig, zei eerder deze week dat Nederland er „absoluut” niet voor voelt een oorlog met Iran in gerommeld te worden.

Lees ook: VS schieten Iraanse drone uit de lucht

Trump greep een verondersteld incident van donderdag in de Straat van Hormuz aan om aan te dringen op „steun van andere landen” bij het beveiligen van de koopvaardij. Volgens Trump had een amfibisch aanvalsschip van de Amerikaanse marine een Iraanse drone neergehaald die het vaartuig te dicht naderde – wat later werd tegengesproken door Iran. Trump deed die mededeling aan het begin van een plechtigheid in de East Room van het Witte Huis. Hier overhandigde premier Rutte samen met de Nederlandse zakenman Bert Kreuk aan president Trump een Amerikaanse vlag die tijdens D-Day in 1944 aan boord van een landingsvaartuig had gewapperd.

Het door olie en rook vervaalde dundoek met kogelgaten, gaat naar het Smithsonian National Museum of American History in Washington. De plechtigheid werd bijgewoond door een zware Amerikaanse delegatie. Behalve president Trump en First Lady Melania waren ook vicepresident Mike Pence, nationaal veiligheidsadviseur John Bolton en de interim-minister van Defensie, Richard Spencer, aanwezig.

‘Geen extra druk’

Rutte zei achteraf dat hij Trumps opmerkingen over de neergeschoten drone niet als extra druk had ervaren. „Ik wil niet één zo’n incident er uit tillen om ons besluit te nemen”, aldus Rutte.

Hij had de Amerikaanse verzoeken om steun zelf ter sprake gebracht in de Oval Office, zei hij. „Ik heb gezegd dat wij ons in Nederland zullen beraden of wij de twee verzoeken zullen honoreren en zo ja in welke vorm.”

Dat de Nederlandse regering aan de vooravond van het bezoek van Rutte had bekendgemaakt negen extra JSF-gevechtsvliegtuigen van de VS te kopen, houdt volgens Rutte geen verband met de Amerikaanse verzoeken. Hij had het er met Trump over gehad, zei hij. „Maar ik heb niet over extra kortingen onderhandeld. We zitten daar niet als autoverkopers.”