Probeer maar eens aan zwarte bessen te komen

Wat eten we? Iedereen weet wat cassis of zwarte bessenjam is. Maar waarom is dan de zwarte bes zo moeilijk te vinden in de supermarkt?

Foto iStock

Sommige heel gewone etenswaren hebben de raadselachtige eigenschap dat ze zo goed als onverkrijgbaar zijn. Iedereen drinkt wel eens cassis of eet wel eens zwarte bessenjam. En wie dat niet doet, weet dat cassis en zwartebessenjam bestaan en dat daar niets exotisch aan is.

Maar ga maar eens proberen een zwarte bes te pakken te krijgen. Albert Heijn schijnt ze te verkopen maar nooit als je ze wilt hebben. In andere supermarkten bestaan voornamelijk de rode bessen – onverslaanbare kleine, zurige, vrolijke typetjes – of blauwe bessen, een soort giga-bosbes zonder de bijbehorende smaak.

Waarom is de zwarte bes zo moeilijk te vinden? Het is een robuuste bes, om het maar eens modern te zeggen, eentje die heus niet meteen gekwetst is of verzuurd of verbitterd of beschimmeld – heel anders dan de tere framboos dus, die wél overal te krijgen is, zij het ook weer vaak in een smaakvrije variant. (Koop ze hoe dan ook nooit in de winter! die smaken echt naar niets of naar iets chemisch. Wie ’s winters per se frambozen wil – en wie aan de Ottolenghi merenguerol denkt wil dat per se – kan beter diepvriesframbozen kopen.)

Bij sommige supermarkten hebben ze een productlijn die ‘Lekker lokaal’ heet of die beweert ‘van plaatselijke boeren’ te zijn. Dan vind je in een supermarkt in Loppersum worst uit Limburg of appelsap van de Betuwe. Vaak lijkt het meer te gaan om iets van authenticiteit, een gezicht en een naam op de verpakking, maar niet zozeer om iets wat om de hoek groeit.

Daar groeien die zwarte bessen. Menigeen heeft ze in de tuin staan en als je jam zou willen maken, of een zomers zwarte bessentaartje, of, oh heerlijkheid, summer pudding, dan moet je rondfietsen langs tuinen in de hoop dat iemand op een tafeltje buiten een bakje of wat heeft neergezet. Dat is geen handige manier van doen, dus het gaat meestal andersom: ziet men een bakje, dan slaat men toe en maakt summer pudding. Want daar was deze hele tirade over de zwarte bes natuurlijk om begonnen. Zo’n verrukkelijke, eenvoudige, Engelse broodpudding met niets dan frambozen, zwarte bessen, rode bessen. En suiker.

Idioot lekker

Okay dan, dat gaat zo: Men neme ruim een pond, mag ook wel anderhalf pond zijn, van de drie genoemde fruitsoorten (hoeven geen gelijke hoeveelheden te zijn) plus 250 g suiker. Doe alles in een pan, laat er de kook even overheen gaan zodat er sap ontstaat en de suiker min of meer is opgelost en haal van het vuur. Kort koken! Bekleed een schaal of charlottevorm met korstloos wittebrood, geen gaatjes en kieren overlaten. Giet het fruit erin. Beleg de bovenkant ook met witbrood. Leg er een passend schoteltje op, zet daar een gewicht op en laat een paar uur, liefst een dag, staan. Eet op.

Idioot lekker. Zeer lokaal. En wie geen zwarte bessen heeft kunnen vinden, die neme andere bessen. Het is zomer! We doen luchtig!