Recensie

Recensie Boeken

Met drugs en muziek ontsnappen aan het neoliberalisme

Last van burn-out, depressie of een angststoornis? Het ‘Zelfverwoestingsboek’ laat zien hoe deze moderne kwalen voortkomen uit de idealen van het neoliberalisme.

Schrijver Marian Donner
Schrijver Marian Donner Foto via Das Mag

Depressief? Angstig? Boos? Mogelijk heeft u last van het kapitalisme, zo luidt de boodschap van Marian Donner. Haar Zelfverwoestingsboek is een vlammende bundel essays vermomd als parodie op het zelfhulpgenre. ‘Dit is het tegenovergestelde van een zelfhulpboek’, schrijft ze.

Het Zelfverwoestingsboek neemt een loopje met de clichés van het genre. Als psycholoog buigt Donner zich over moderne kwalen – burn-out, depressie, angststoornissen – en laat ze zien hoe die voortkomen uit de ijzingwekkende idealen van het neoliberalisme, dat ze definieert als de ideologische pendant van het kapitalisme. Het zelfbeeld dat ons door bedrijven, media en de farmaceutische industrie wordt aangesmeerd is rijp voor vernietiging, meent ze.

Daarmee is Donners boek een vrolijk pleidooi voor nietsontziende woede. En er is genoeg om boos over te zijn. Uit de smeulende as van de derde weg kruipen inmiddels allerlei merkwaardige types: alt-right gekkies, nationalisten, neofascisten. Die leveren allemaal op hun verwrongen manier kritiek op de neoliberale orde. Maar een overtuigend links alternatief blijft uit. Waar blijft de progressieve verontwaardiging?

Drugs

We zijn van elkaar vervreemd, meent Donner. Terwijl het neoliberalisme om ons heen uit elkaar dondert, staat het neoliberale zelfbeeld nog altijd fier overeind. Onze identiteit is vercommercialiseerd. We hebben de belachelijke eisen van de markt geïnternaliseerd. Iedere vorm van verzet wordt door bedrijven geïncorpereerd en onschadelijk gemaakt: ‘De moderne mens kan zich geen toekomst meer voorstellen, alleen nog het einde van de wereld.’

In de essays in het boek – met spraakmakende titels als Drink, Stink, Bloed – zoekt Donner naar de onderdelen van onze identiteit die nog wél een radicale kern bevatten. Verhalen. Muziek. Drugs. Ze pleit ervoor dat we hun kracht gebruiken om de ideologie van het neoliberalisme te ondermijnen. Dat is de kracht van de roes: ‘Heel even ontsnapte ik uit die wereld van praktisch nut, van doelen en goals, van het in mezelf investeren, of nog erger: mezelf moeten optimaliseren. Heel even voelde ik niet de zwaarte van de toekomst die overal een schaduw over werpt.’

De meest intieme relatie van de mens is die tussen lichaam en geest. Daar schort veel aan, aldus de Vlaamse psychoanalyticus Paul Verhaeghe in zijn nieuwe boek Intimiteit. Lees ook: Perfecte lijven en levens penetreren onze slaapkamer

Want dat is volgens Donner de essentie van het neoliberalisme: dat we onszelf voortdurend moeten optimaliseren, als machines. Donner is vlijmscherp als ze beschrijft hoe het kapitalisme onze identiteit in kwantificeerbare mootjes hakt. Ze citeert Camus: ‘Verder kan het nihilisme niet gaan: de blinde dolle moord wordt een oase en de argeloze misdadiger lijkt verfrissend in vergelijking met onze zeer intelligente beulen.’

Vilein

De vraag is of je intelligente beulen kunt verslaan met rebellie alleen. Donners boek is een overtuigend pleidooi om weer in contact te treden met ons feilbare zelf. De hoop is dat uit de brokstukken van de zelfverwoesting – of liever: de verwoesting van het neoliberale zelf – een nieuwe verhouding tot de wereld kan ontstaan.

Het Zelfverwoestingsboek is vilein en grappig en vol genade. De boodschap aan de lezer is: jij hebt geen schuld aan die ellende. Het is de schuld van de omgeving waarin je geworpen bent. Zo verschuift Donner de verantwoordelijkheid van het individu naar het collectief.

Maar als Donner meent wat ze zegt – als het kapitalisme inderdaad de oorzaak is van de vervreemding die ons lam slaat – dan hebben we naast ontnuchterende boosheid ook de verantwoordelijkheid om te zoeken naar louterende alternatieven. Sterke vakbonden, coöperatieven, zelfbestuur: ideeën die het neoliberalisme succesvol heeft verdrongen. En dat betekent naast het verwoesten van het oude, ook het opbouwen van iets nieuws. ’s Nachts de roes, overdag de strijd.