Opinie

De luxe van geen vakantie

Ilja Leonard Pfeijffer

Ik werd vanochtend in Vico del Ferro staande gehouden door een keurige maar verhitte, buitenlandse mevrouw die mij in moeizaam Italiaans de weg vroeg naar Vico dei Garibaldi. Het was warm. De gevolgen van een lange, hete autoreis stroomden haar over de rug.

Vico del Ferro is een zijstraat van Via Giuseppe Garibaldi en de gedachte dat Vico dei Garibaldi in de buurt moest zijn, leek niet geheel absurd. Helaas is dat niet zo. Het is niet ver, maar ook niet heel dichtbij. De kortste weg voert dwars door het labyrint. Om didactische redenen koos ik ervoor de iets langere, maar eenvoudigere weg uit te leggen.

Ik antwoordde in het Italiaans. Ik was nog niet gevorderd tot Piazza Fontane Marose in mijn exposé, toen zij mij onderbrak.

„Bent u niet die ene schrijver?” vroeg zij in het Nederlands. „Ik dacht: ik spreek hem aan, want dat is een typische Italiaan. Maar dat valt dus nogal tegen. Ik moet naar Hotel Doria. Mijn man wacht in de auto. Kun je daar parkeren? We hebben ook ons hondje bij ons. Hij heeft al uren niets gegeten.”

Hotel Doria is in Vico dei Garibaldi, dat klopte. Ik dacht terug aan het moment dat ik daar Kumuna uit Gambia had ontmoet. Hotel Doria is een van de hotels die zo slecht lopen dat ze kamers verhuren aan de gemeente voor de opvang van asielzoekers. Maar als ik dat begon te vertellen, zou ik nog zoveel meer moeten vertellen.

Ik bood aan met haar mee te lopen. Zij vertelde dat zij lerares Frans was geweest aan een Haags gymnasium. Ze was net met pensioen. Nu had ze de tijd om te reizen. Op Piazza Fontane Marose zag ik een oude jeep met gele nummerborden. Die had geen airconditioning, dat zag ik zo. Zij gebaarde naar haar echtgenoot. Hij volgde ons stapvoets over Via XXV Aprile. Bussen en taxi’s toeterden. De man in de jeep stuurde naar een plek tussen de plantenbakken om hen erlangs te laten. Ik hoorde het hondje wanhopig blaffen. Vanaf de straat liepen er trappen naar beneden de steeg in waar Hotel Doria was gevestigd.

„Maar hier kunnen we niet parkeren”, observeerde zij volkomen terecht. „En hoe moet het dan met onze bagage?”

Er klonk paniek door in haar stem. De gevelthermometer van de apotheek gaf aan dat het 34 graden was. Ik suggereerde dat laden en lossen was toegestaan, waarbij ik minder zeker was van mijn zaak dan ik deed voorkomen, en ik wees op het bestaan van de ondergrondse parkeergarage onder Piazza De Ferrari. Van een afstandje zag ik dat de ene ster die Hotel Doria rijk was, was losgeraakt van het neonbord en hing te bungelen aan een elektriciteitsdraadje. Ik wenste haar en haar echtgenoot een prettig verblijf toe.

Ik liep verder naar een van mijn geheime terrassen in de schaduw. Ik hoop oprecht dat ze een fijne vakantie hebben. En tegelijkertijd was ik zielsgelukkig dat ik woon waar ik heen zou gaan als ik op vakantie zou gaan en dat ik dus niet meer hoefde.

Ilja Leonard Pfeijffer vervangt Frits Abrahams tijdens de vakantie