Opinie

Zomers roddelend kachelt de EU op een keiharde Brexit af

In Europa

Deze column komt uit Brussel. Na de vier topbenoemingen van vorige week is hier, zoals elke vijf jaar, een enorme stoelendans op gang gekomen. De vier moeten nieuwe teams formeren. De nieuwe eurocommissarissen ook. Met roddels en speculaties hierover kun je pagina’s vullen. Allereerst over Ursula von der Leyen, de nieuwe commissievoorzitter, die zowel haar kabinetschef als haar woordvoerder mee wil nemen uit Berlijn. Deze mensen hebben vast een frisse blik, maar weten ze hoe de hazen in Brussel lopen? Ook over Frans Timmermans wordt gespeculeerd. Het commissievoorzitterschap ging aan zijn neus voorbij, daarna was hij een paar dagen onvindbaar. Nu vecht hij voor een zware portefeuille. Krijgt hij, bijvoorbeeld, ditmaal het Brexitdossier dat hem vorige keer ontglipte? Ook over secretaris-generaal Martin Selmayr raakt niemand uitgepraat. De regeringsleiders gaven Selmayr een rode kaart omdat hij had geprobeerd de conservatieve Kroatische premier Andrej Plenkovic te pushen als commissievoorzitter. Selmayr kleurde vaker buiten de ambtelijke lijntjes, maar dit ging wel heel ver. Zo werd de jaarlijkse zomerborrel van de secretaris-generaal, donderdag, ineens zijn afscheidsborrel. De vraag is nu of Selmayr echt gaat lesgeven aan de universiteit van Passau, teruggaat naar de Europese Centrale Bank, of erin slaagt om nog ergens ambassadeur te worden.

Allemaal heel boeiend, dit. Maar misschien moesten we het ook even over Brexit hebben. Von der Leyen mag Europarlementariërs deze week de hemel hebben beloofd, maar haar eerste grote politieke uitdaging wordt toch echt Brexit. En de kans dat dit een No Deal-Brexit wordt, is vrij groot.

De einddatum, 31 oktober, komt snel dichtbij. Boris Johnson, de gedoodverfde nieuwe premier, heeft hardliner Daniel Moylan aangesteld als speciale Brexitadviseur. Moylan is een eurohater uit het ideologische Tory-kamp. Dit kamp wil koste wat kost een Brexit op 31 oktober, om Nigel Farage’s Brexitpartij wind uit de zeilen te halen. Farage’s slogans bij de Europese verkiezingen gingen niet over Brexit, maar over ‘uitvoeren wat het volk wil’. Oftewel: deliver. Dit gaat om de geloofwaardigheid van de politiek – een issue dat breder is dan Brexit. Met de suggestie dat de Tories niet ‘leveren’ en het volk hebben bedonderd door tweemaal verlenging te vragen, werd de Brexitpartij in mei de grootste. Een nieuwe verlenging speelt Farage verder in de kaart: zie je wel, de Tories doen niet wat het volk wil. Dit verklaart misschien waarom ze in Brussel nog niets hebben gehoord van Johnson. Laat staan van die nieuwe Brexitadviseur.

Sommigen hopen dat Johnson op het laatst een U-turn maakt. Hij is in staat, zeggen zij, om de ‘Withdrawal Agreement’ waar premier May nooit een meerderheid voor kreeg, vlak voor de deadline alsnog te omarmen – en er nog mee weg te komen ook. Hij is een sprookjesverteller, een zigzagger met charisma. Als het iemand kan lukken om het parlement achter die verguisde deal te krijgen, is het Boris Johnson.

Aan Europese kant heeft men twijfels over dit scenario. Want zelfs al zou Johnson dit van plan zijn, dan nog duurt het procedurele goedkeuren van deze deal veel te lang. Dat lukt niet meer voor 31 oktober. Bij vervroegde verkiezingen loopt hij tegen hetzelfde bezwaar aan.

Wat de Britten nu proberen, is buiten Brussel om direct nationale hoofdsteden te bewerken. Tot nu toe levert dit niets op. Elke regering zegt: ga maar naar Brussel als jullie wat willen. Alleen druk op Ierland kan de Britten iets opleveren. Hun grote probleem, de ‘backstop’, stuit op Ierse bezwaren (de backstop is een noodoplossing ter garantie van een open grens tussen Ierland en Noord-Ierland, red.). Maar omdat Ierland door alle EU-landen wordt gedekt, heeft Dublin weinig reden om de Britten ook maar een centimeter tegemoet te komen.

Zo kachelt de EU, zomers roddelend, op een keiharde Brexit af.

Caroline de Gruyter schrijft wekelijks over politiek en Europa.