Ze wilde álles weten over het leven

In deze rubriek elk weekeinde een necrologie van iemand die recent is overleden. Wetenschapsjournalist Sanne Deurloo (1967-2019) kon haar nieuwsgierigheid kwijt in haar vak.

Sanne Deurloo , hier 14 jaar, appte soms dagen over het CO2-gehalte in bloed
Sanne Deurloo , hier 14 jaar, appte soms dagen over het CO2-gehalte in bloed

De dag voor haar dood stuurde Sanne Deurloo haar baas een appje. „Ik ben er nog.” Of hij even langs wilde komen. Jeroen Wiegertjes: „Ze vroeg of we een serie wilden maken over kanker, vanuit het perspectief van de patiënt. Over hoe het is om de diagnose te krijgen, over rouwverwerking, verwachtingsmanagement. Want, zei ze, daar hebben mensen wat aan.”

Na haar studie scheikunde werkte Deurloo onder meer als adjunct-hoofdredacteur van het maandblad Natuurwetenschap en Techniek, om in 2007 in dienst te komen van het Amsterdamse wetenschapsmuseum NEMO. Eerst als manager van de tentoonstellingen en sinds 2012 als hoofdredacteur van Kennislink, de aan NEMO verbonden website over wetenschap. Daar kon ze haar ongebreidelde nieuwsgierigheid in uitleven, haar liefde voor taal, maar ook haar kwaliteiten als mentor en inspirator van jonge wetenschapsjournalisten. Ze was ook voorzitter van de VWN, de Vereniging voor Wetenschapsjournalistiek, tot ze wegens ziekte moest aftreden.

Een wetenschappelijke loopbaan heeft ze zelf nooit geambieerd, daarvoor was haar belangstelling te breed. „Ze was nieuwsgierig naar het héle leven, en hoe mooi dat in elkaar steekt”, zegt haar vriendin Saskia Bijvank, zelf biologe. „Van moleculen tot menselijke relaties.” Ze onderhield een grote vriendenkring van oud-medestudenten met wie ze die filosofische verwondering deelde. Wat niet wegneemt dat ze altijd precies wilde weten hoe iets zat. Bijvank: We konden dagenlang appen over iets als een verhoogd of verlaagd CO2-gehalte in je bloed. En waarom je dan bij stress en hyperventilatie in zo’n zakje moet ademen. Waarbij Sanne dan de zuurstofspanning in je kransslagaderen opeens ter sprake bracht.”

Haar gedrevenheid kwam ook voort uit een emancipatoire gedachte die ze van huis had meegekregen: dat kennis van de wereld het leven van mensen kan verbeteren. Sanne Deurloo groeide op in een Amsterdams sociaal-democratisch gezin. Haar vader was geschiedenisleraar en later rector van het Hervormd Lyceum-zuid, haar moeder had Nederlands gestudeerd en was actief voor de Partij van de Arbeid. Nicht Hermine Deurloo herinnert zich eindeloze wandelingen over de velden tijdens vakanties in Frankrijk. „Dan speelden Sanne en ik ‘zwerfkindje’, of we plukten graan, dat we zelf gingen dorsen en malen, om er daarna koekjes van te bakken. We zongen ook veel samen, tot Italiaanse socialistische strijdliederen aan toe.”

Een recente foto van Sanne Deurloo. Foto Theo Peppelman

Op volwassen leeftijd trokken ze nog steeds veel samen op, vertelt nicht Hermine. „Sanne was als een zus voor mij.” Met zijn tweeën op weg naar familie in Argentinië strandden ze door een staking eens op vliegveld Heathrow. „In plaats van te gaan mopperen, stapte Sanne zonder nadenken af op de oesterbar voor kreeft en champagne.”

In de reacties op haar dood komen haar vrolijkheid – haar „donderende lach” – en haar warme belangstelling voor anderen telkens terug. Jeroen Wiegertjes: „Als hoofdredacteur heeft ze altijd gezocht naar waar medewerkers goed in waren en naar wat ze het liefst deden, om zo het beste in hen naar boven te halen. En in haar gesprekken met wetenschappers kon ze door haar oprechte interesse in de mens achter de onderzoeker veel te weten komen over wat iemand fascineerde in zijn of haar vak.”

Ook haar ziekte, een agressieve vorm van borstkanker, benaderde ze met groot optimisme, al was op zeker moment duidelijk dat het goed mis was. Saskia Bijvank had daar als een van de weinigen in haar omgeving weleens moeite mee. „Enerzijds hoorde dat optimisme bij Sanne, anderzijds had ze, net als ik, een wetenschappelijke geest, waarin de dingen zijn zoals ze zijn. Niet plus of min, maar neutraal. De ‘nulstand’. Ik vond het af en toe ingewikkeld om te zien dat ze dat principe losliet. Waarschijnlijk was het de enige manier voor haar om verder te kunnen.”

Nadat een eerdere lange relatie verbroken was, ontmoette ze in 2010 Martin Kramer, tijdens een speeddate-avond in de Amsterdamse Club Panama. Hij vertelt hoe ze met de speeddate-regels brak en hem al meteen na afloop zijn telefoonnummer vroeg. „Dat was ze zo gewend, ook in haar werk.” Tot haar grote vreugde raakte ze al snel zwanger. Kramer: „Een kind krijgen was altijd een droom geweest voor haar, maar op haar 43ste had ze niet verwacht dat die nog zou uitkomen.” Dochter Nel werd in 2011 geboren.

Zij en hij waren tegenpolen, zegt Kramer. Hij heeft geen wetenschappelijke achtergrond, maar werkte in de bouw toen ze elkaar ontmoetten. Later ging hij, gestimuleerd door zijn vrouw, een zorgopleiding volgen en werd woonbegeleider in een instelling. Anders dan zij komt hij uit een arbeidersgezin. Op de vraag wat hen bond, antwoordt hij: „De liefde.”

Volgens Saskia Bijvank was Sanne Deurloo niet eerder zo gelukkig als met Martin en Nel. „Met wat er tussen haar en Martin was, liet ze me zien waar het echt om gaat in het leven. Dat die nulstand van mij misschien toch niet het allerbelangrijkste is.” Op zaterdag 29 juni overleed ze.

Schrijver Ingmar Heytze – die haar niet persoonlijk kende – maakte op basis van informatie van vrienden een gedicht over haar, Sanne. Het eindigt zo:

vanuit het standpunt /

van atomen gaat niets verloren alles wat is /

reist door ruimte en tijd, het raakt herschikt, /

maar blijft, veranderend, zoals het is. Zo komen /

alle dingen waaruit wij bestaan elkaar weer tegen. /

Liefde en troost zijn de hoogste elementen /

in ons periodiek systeem – dat blijft. /

Dag lieverds, zei ze, het is goed.