VS niet blij met conflict Japan, Zuid-Korea

Handelsoorlog Net als China en de VS zijn Japan en Zuid-Korea in een handelsconflict verwikkeld. Oude wonden spelen mee. De VS zijn bezorgd.

Japanse (links) en Zuid-Koreaanse ambtenaren bespreken hun handelsconflict.
Japanse (links) en Zuid-Koreaanse ambtenaren bespreken hun handelsconflict. Foto Reuters

Er woedt niet alleen een handelsoorlog tussen de Verenigde Staten en China, maar ook tussen Japan en Zuid-Korea. Maar waar het er tussen de VS en China mede om gaat wie de wereldmacht wordt van de toekomst, draait het tussen Japan en Zuid-Korea om het verleden. Ook dat conflict kan ontwrichtend uitpakken voor de wereldwijde productie van elektronica.

Japan verbiedt sinds begin deze maand de export naar Zuid-Korea van drie hightech materialen die nodig zijn om geheugenchips te produceren. En juist in Zuid-Korea zitten de twee grootste producenten van dergelijke chips: Samsung Electronics en SK Hynix. Als de productie van chips terugloopt, dan is dat lastig voor de productie van onder meer mobiele telefoons en dan schaadt het bedrijven als Apple, Dell en Sony wereldwijd.

Het Japanse exportverbod was er nooit gekomen als Japan en Zuid-Korea niet zo’n getroebleerd verleden deelden. Tussen 1910 en 1945 stond Korea onder Japans koloniaal bestuur, en Koreanen werden vooral tijdens de Tweede Wereldoorlog massaal gedwongen tot grootschalige dwangarbeid voor Japanse bedrijven.

Lees ook: Nieuwe onderhandelingen VS en China hoogst haalbare voor nu

Japan dacht dat conflicten rond die dwangarbeid voorgoed waren afgedaan met een excuus en een compensatieregeling die het land in 1965 met Zuid-Korea sloot, maar daar dacht een Koreaanse rechter anders over. Die bepaalde eind vorig jaar dat individuele Koreanen nog wel degelijk compensatie kunnen claimen voor hun dwangarbeid.

Japan ontkent dat, en het land vindt dat Zuid-Korea de zaak moet voorleggen aan een internationale geschillencommissie als het meent dat de regeling van 1965 niet volledig is. Dat heeft Zuid-Korea tot nu toe niet gedaan, en intussen is de zaak steeds hoger opgelopen.

VS in verlegenheid

De ruzie tussen Japan en Zuid-Korea, beide belangrijke bondgenoten van de Verenigde Staten, brengt Amerika nu in verlegenheid. David Stilwell, de hoogste Amerikaanse diplomaat voor Oost-Azië, heeft op woensdag in Seoul gezegd dat Amerika zal „doen wat het kan” om het probleem op te lossen. Daarbij staat er ook voor de VS veel op het spel, want Washington heeft beide landen maar al te hard nodig, niet alleen als tegenwicht tegen een opkomend China, maar Zuid-Korea speelt ook een voorname rol in de pogingen van de Amerikaanse president Trump om een akkoord met Noord-Korea te sluiten.

Officieel ontkent Japan overigens dat de exportmaatregel een straf is voor de Koreaanse opstelling in zake de claims van ex-dwangarbeiders, ook al refereerde een Japanse minister wel aan het conflict daarover. Hij sprak over het geschonden vertrouwen als reden voor de maatregel. In Japanse media verschenen ook berichten dat het daar niet om ging. Het zou juist zijn omdat Zuid-Koreaanse bedrijven de stoffen illegaal zouden verkopen aan Noord-Korea. Zuid-Korea heeft dat ontkend.

Politiek conflict

Opvallend is dat na de VS nu ook Japan ervoor kiest om een conflict dat in wezen politiek van aard is uit te vechten met economische middelen. Misschien heeft Japan dat van de VS afgekeken. In het geval van Japan en Zuid-Korea komt het conflict voort uit een onverwerkt verleden, in het geval van China en de VS mede uit een strijd om de verdeling van de wereldmacht in de toekomst. Maar beide landen zetten handelsmaatregelen in op meer politieke dan op economische gronden.

Op deze manier economie en politiek vermengen, is pas weer onder de Amerikaanse president Trump gemeengoed geworden. Daarvoor dienden politiek en internationale handel zoveel mogelijk van elkaar gescheiden te blijven. Dat was het beste voor de wereldwijde vrijhandel, was toen het credo. Economische conflicten konden het beste worden voorgelegd aan onafhankelijke, multilaterale organen als de Wereldhandelsorganisatie, juist om de politieke relaties tussen landen niet nodeloos te belasten. Dat lijkt nu bijna ouderwets gedacht.