Slechts 623 dagen was Jan de Jong de baas bij Feyenoord

Feyenoord Directeur Jan de Jong lijkt te zijn gestruikeld over Feyenoord City, het nieuwbouwproject dat de clubbelangen overstijgt.

Algemeen directeur Jan de Jong tijdens de nieuwjaarsreceptie van Feyenoord.
Algemeen directeur Jan de Jong tijdens de nieuwjaarsreceptie van Feyenoord. Foto Koen van Weel/ANP

Ongetwijfeld had Jan de Jong Feyenoord nog veel langer dan 623 dagen willen leiden, ware het niet dat de voormalige baas van de NOS is vastgelopen op een met sentiment doordrenkt dossier dat de belangen van zijn club ruimschoots oversteeg: De Kuip.

Terwijl hij vorige week nog het trainingskamp in Oostenrijk bezocht en daar de indruk wekte dat hij intensief aan het werk was, komt er nu na alle speculatie en twijfels daadwerkelijk een einde aan zijn dienstverband bij Feyenoord. „Feyenoord staat voor een aantal belangrijke beslissingen aangaande de toekomst van de club. In een aantal van die te nemen beslissingen kan ik mij niet vinden”, verklaart De Jong op de website van de club.

Op papier vertrekt hij in goed overleg. In werkelijkheid zal het voor De Jong een hard gelag zijn om nu al, na nog geen twee seizoenen, te vertrekken.

De beslissingen waar hij op doelt zullen te maken hebben met Feyenoord City, het grootste (private) bouwproject van Rotterdam, waarin een nieuw stadion van Feyenoord als paradepaardje aan de Maas zou worden verankerd. De gemeente, vastgoedontwikkelaars, durfinvesteerders, Goldman Sachs, supporters en vele andere partijen trof De Jong op zijn weg bij zijn missie om Feyenoord toekomstbestendig te maken. Dat dat middels een nieuwe Kuip zou gebeuren, leek na jaren steggelen een feit. Ook voor hem. Het was bouwen of afhaken.

Jan de Jong stond voor een historische keuze: wel of geen nieuw stadion?

25 miljoen euro

Toch heeft de directeur zich na zijn aantreden in november 2017 nooit helemaal overgeleverd aan de nieuwbouwplannen. Hij hield gezonde argwaan en stapte er blanco in, ondanks het feit dat voorganger Eric Gudde voorstander was. Memorabel was wat De Jong eind 2018 in het AD zei: nieuwbouw was oké, mits Feyenoord gegarandeerd een bedrag van 25 miljoen euro kreeg. Een soort artiestenfee. Immers: zonder optredens van Feyenoord geen Feyenoord City. Geld dat de club vervolgens kon spenderen aan spelers van een ander kaliber.

Maar die stellige opmerking leidde ook tot vraagtekens. Feyenoord kon dit wel willen, maar ondanks positieve schattingen was niet duidelijk of er aan het einde van de exploitatie wel zoveel geld zou overblijven, na aftrek van bedragen die crediteuren als Goldman Sachs toe zouden komen. Hooguit konden ze met 25 miljoen euro beginnen. Was dat geld er niet, dan zou Feyenoord met minder genoegen moeten nemen.

De Jong creëerde als het ware een patstelling. En al zijn er nog zoveel partijen bij Feyenoord City betrokken, als directeur van Feyenoord bezette hij een cruciale positie in het onrustige krachtenveld. De ontwikkelaars hebben immers goedkeuring van de club en dus die van hem nodig om de plannen te realiseren. In dat spel moet hij hebben gemerkt wat hij bij zijn aantreden al zei: „Feyenoord is groter dan een voetbalclub. Feyenoord is voor zoveel mensen, zóveel.”

Nu het dossier zich nog altijd voortsleept én ook prestaties tegenvallen, moet de Raad van Commissarissen van Feyenoord het gevoel hebben gekregen dat de club na het vertrek van trainer Giovanni van Bronckhorst en technisch directeur Martin van Geel ook behoefte heeft aan een andere directeur.

De Tafel van Kees

Bij zijn entree ging het de club juist voor de wind. Net kampioen, Champions League-miljoenen in het vooruitzicht, positieve sfeer rond de club. Maar de opmars stokte snel. In zijn eerste jaar werd Feyenoord vierde, afgelopen seizoen derde. En dat straalde ook op De Jong af. Zo werkt dat in het voetbal, of dat nou gek is of niet.

Terwijl algemeen directeuren doorgaans afstand houden, liet De Jong zich met name in het begin toch verleiden om mee te praten voetbalzaken. Bij De Tafel van Kees zei hij dat Feyenoord het team is met de meeste passes. So what? Zonder context zei het niets. Ook een opmerking bij Studio Voetbal viel slecht. „Feyenoord is als Robin Hood. We pakken punten bij de rijken en geven ze aan de armen.”

Zo bagatelliseerde hij zwakke prestaties, vonden supporters. En wie op tv matig acteert, komt zelden nog van de ongelukkige beeldvorming af. Wat in het geval van Jan de Jong opvallend was, aangezien hij hiervoor 24 jaar bij de NOS werkte.

Anderzijds kon je het ook omdraaien: De Jong wilde zich laten gelden, gaf tekst en uitleg en probeerde daarbij te voorkomen dat hij als een pratende pop in talkshows zat, wat sommige andere directeuren geregeld overkomt.

Hij verscheen nadien minder voor de camera, maar het negatieve beeld is altijd gebleven.