Kans op verlaging pensioen neemt toe door rentedaling

Pensioenfondsen De grote pensioenfondsen zien hun rendementen vervliegen door de lage rentestand. Dat heeft gevolgen voor pensioenen.

Minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66) heeft in het recente pensioenakkoord afgesproken dat hij die wettelijke verplichting laat vervallen voor pensioenfondsen die een dekkingsgraad boven de 100 procent hebben.
Minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66) heeft in het recente pensioenakkoord afgesproken dat hij die wettelijke verplichting laat vervallen voor pensioenfondsen die een dekkingsgraad boven de 100 procent hebben. Foto Bart Maat/ANP

De financiële situatie van de vier grootste pensioenfondsen is de afgelopen maanden verder verslechterd. Daardoor groeit de kans dat ze volgend jaar pensioenuitkeringen en de opgebouwde rechten van werknemers moeten verlagen.

Dat blijkt uit de kwartaalcijfers van de pensioenfondsen ABP (overheid en onderwijs), PFZW (zorg en welzijn) en de metaalfondsen PMT en PME, die deze donderdag verschijnen.

Dekkingsgraden gezakt

Eind maart hadden alle vier de fondsen nog een dekkingsgraad van ongeveer 100 procent. Dat betekent dat ze precies genoeg vermogen hadden om alle toekomstige pensioenen te kunnen betalen. Nu zijn de dekkingsgraden gezakt naar 95 tot 97 procent.

De beleggingswinsten waren goed. De fondsen boekten rendementen tussen de 2,5 (ABP) en 4,8 procent (PMT). Maar opnieuw werden die winsten tenietgedaan door de gedaalde rente. Bij een lage rentestand moeten fondsen ervan uitgaan dat hun geld maar langzaam in waarde stijgt. Daarom moeten ze nu al meer geld in kas hebben.

Volgens de wet moet een fonds de pensioenen verlagen als zijn dekkingsgraad vijf jaar op rij onder de 104,2 procent zit. Voor de twee metaalfondsen is dat cruciale vijfde meetmoment eind december al, voor ABP en PFZW een jaar later.

Minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66) heeft in het recente pensioenakkoord afgesproken dat hij die wettelijke verplichting laat vervallen voor pensioenfondsen die een dekkingsgraad boven de 100 procent hebben. Maar nu zijn de fondsen dus ook onder die grens gezakt.

Fondsen moeten óók verlagingen doorvoeren als hun dekkingsgraad aan het eind van het jaar onder een ‘kritische ondergrens’ is gezakt. ABP en PFZW naderen die ondergrens van ongeveer 95 procent, waardoor ook daar al volgend jaar kortingen dreigen.

Vertrouwen herstellen

Die kritische ondergrens was eerst lager. Maar het kabinet heeft vorige maand besloten strengere regels te hanteren, op advies van een deskundigencommissie onder leiding van oud-minister van Financiën Jeroen Dijsselbloem (PvdA).

Lees ook deze reconstructie van het pensioenoverleg: Hoe er na negen jaar toch een pensioenakkoord op tafel ligt

Vakbond FNV riep gisteren in De Telegraaf op om de pensioenkortingen helemaal op te schorten, zolang een nieuw pensioenstelsel wordt voorbereid. Die aanpassingen zijn mede bedoeld om het vertrouwen in de pensioenen te herstellen, zei vicevoorzitter Tuur Elzinga. „Nu korten zou een heel slecht begin zijn.”

Zijn pleidooi lijkt weinig kansrijk. Begin deze maand deed 50Plus-senator Martin van Rooijen dezelfde oproep in een Eerste Kamerdebat met minister Koolmees. Die reageerde er afwijzend op.