God, seks en de dood: daar draait het om in Arles

Fotografie Fotofestival Les Rencontres d’Arles mikt dit jaar nadrukkelijk niet op esthetiek, maar op rauwheid en authenticiteit. Dat werkt goed, tenzij het om milieuproblemen gaat.

Pixy Liao, ‘Begin je dag met een goed ontbijt samen’. Uit de serie ‘Experimental Relationship’ (2013)
Pixy Liao, ‘Begin je dag met een goed ontbijt samen’. Uit de serie ‘Experimental Relationship’ (2013)

Voor de deur staat een man. Hij heeft één been wat gestrekt, alsof hij op het punt staat een dansje te gaan doen. Zijn zwarte laarzen glimmen, maar vallen vooral op door hun enorme lengte. Ze laten maar een klein stukje wit bovenbeen over dat te zien is tussen laars en de hoog opgetrokken korte broek. Zijn schaduw is nog imposanter dan de man die zelfverzekerd voor de deur staat. Dit is niemand minder dan Zorro, de gemaskerde held die Mexico bevrijdde van de corrupte bezetter.

Het is een van de zelfportretten van een man die Zorro als zijn grote voorbeeld ziet en zichzelf dan ook graag als zodanig vastlegt, met dat verschil dat hij soms zijn masker afdoet. Waarom zou je als held immers altijd anoniem moeten blijven? Dat echt heldendom er voor deze fotograaf niet inzat, had hij misschien kunnen weten, dat hij anoniem te zien zou zijn in de collectie ‘Photo Brut’, had hij vermoedelijk nooit zien aankomen.

Anoniem, Zorro (rond 1940)

Collectie Bruno Decharme

Bekijk De fotoserie over de mens als attribuut van uitvindingen in onze In Beeld

Photo Brut betekent zoveel als ‘rauwe fotografie’, een etiket dat afgeleid is van ‘Art Brut’, de benaming voor kunst die geheel buiten de officiële kunstwereld tot stand is gekomen, vaak door autodidacten gemaakt en die nooit is gecanoniseerd, totdat de Franse schilder Jean Dubuffet dit werk serieus ging nemen. Het was verzamelaar Bruno Decharme (1951) die de Photo Bruts bijeenbracht vanuit het idee dat mensen die niet zijn opgeleid tot fotograaf vaak authentieker en intiemer te werk gaan dan beroepsfotografen. Je kan je afvragen of het waar is. In ieder geval is ‘Photo Brut’ een van de beste tentoonstellingen op Les Rencontres d’Arles, het jaarlijkse fotofestival dat dit jaar voor de vijftigste keer wordt georganiseerd. Al sinds 1969 wordt in Arles – inmiddels op meer dan 25 locaties – werk getoond van fotografen die ertoe doen, over thema’s die ertoe doen.

Sergi Cámara, ‘De muur van Europa’, Spanje (2014)

Dit jaar gaat het vaak over de thema’s migratie, emancipatie en milieu, waarbij opvalt dat het belang van de onderwerpkeuze onderstreept wordt door een nadrukkelijk onopgesmukte weergave. Geen esthetiek dus, maar rauwe beelden. Op een tentoonstelling over grenzen zijn nieuwsachtige foto’s te zien waar het gaat om prikkeldraad, behendige klimmers en grenswachten. Kaal, lelijk en goed zijn ze. Interessant is de serie over Oost-Duitsland voor de val van de Muur. De verbeelding van Praag halverwege de jaren tachtig is even troosteloos als fascinerend op de foto’s van Libuse Jarcovjakova.

Abortusarts

Les Rencontres mikt dit jaar dus nadrukkelijk niet op schoonheid en esthetiek. Van Eve Arnold (die ook veel ‘mooi’ werk heeft gemaakt) zijn indrukwekkende foto’s te zien waarop ze de keerzijde van het schoonheidsideaal voor actrices vastlegt. De actrice Joan Crawford fotografeerde ze op het moment dat die met een ingezwachteld hoofd ligt. Of het hier om een heftige make-upsessie of een heuse make-over gaat, blijft in het midden. Extreem in haar benadering is Abigail Heyman, die in 1972 de arts fotografeerde vlak voordat ze een abortus onderging: tussen haar gespreide knieën zie je de man met het gereedschap in de hand en een dokterslapje voor de neus.

De rauwheid van deze foto’s laat weinig ruimte voor ironie; hier wordt het vrouwelijke verhaal verteld in een tijd dat dat nog vaak onderbelicht was. Daar heeft de in New York woonachtige Chinese fotograaf Pixy Liao minder last van; zij objectiveert de man in haar serie Experimental Relationship. Zo is er een foto van een man op een ontbijttafel, waarbij een papaja op zijn geslachtsdeel ligt, met als titel ‘Begin je dag met een goed ontbijt samen’. Op een andere is de man over haar schouders gedrapeerd: ‘Het was nooit makkelijk om je te dragen’. Of een klerenhanger waar haar man passief in hangt, onder het woordspelerige motto ‘Hang in there’.

Er zijn wel politiek gekleurde foto’s waarop esthetiek een rol speelt. De foto’s van Philippe Chancel bijvoorbeeld, die de ruimte krijgen in een ruime voormalige kerk. Ze gaan over de teloorgang van democratie en tolerantie, of de milieuproblematiek. De toeschouwer moet beseffen dat de foto’s zijn bedoeld als waarschuwing, en Chancel spreekt zijn aarzeling uit over het mogelijke effect van zijn foto’s: dat de schoonheid de ellende te veel maskeert. Het gaat niet om het bloemetjesbehang dat weerspiegeld wordt in de bril van de Aziatische werker in het Midden-Oosten, maar om de uitbuiting. De met prikkeldraad afgezette muur waarachter zich het ministerie van cultuur en informatie bevindt, is niet prachtig in zijn desolaatheid. Nee, het is de confrontatie die de kijker met de werkelijkheid aangaat, ongeacht of het nu de oliesjeik achter zijn bureau met een ventilator (‘ultra-kapitalisme’) is of de armoede in een vervuild, democratisch India.

Ecologisch kostuumdrama

Toch zit daar een probleem: bij de milieufoto’s van Chancel is de mens afwezig en de kleurige olie in de Nigerdelta is bijna een cliché. Fotografie en milieuproblematiek lijkt in Arles toch al een weinig gelukkige combinatie. Een andere tentoonstelling, On Earth, toont dode vissen, geknakte bomen en andere schoonheid die aan vervuiling ten onder gaat. Het dieptepunt daarbij is de video-installatie Enclosure van Rachel Rose, die zich zo te zien afspeelt in de Middeleeuwen maar desondanks gaat over de laatste resten Engels landschap. Het resultaat is een historisch ecologisch kostuumdrama dat de bezoeker kan bekijken door een soort stoffen berg te beklimmen.

Helen Levitt, New York, 1980

Foto Film Documents LLC/Courtesy Thomas Zander Gallery

Een succesvoller voorbeeld van esthetisering zijn de foto’s van Helen Levitt (1913-2009). In de New Yorkse ondergrondse maakte ze in 1938 foto’s van reizigers, stiekeme snapshots die een mooi tijdsbeeld geven. Veertig jaar later herhaalde ze de exercitie, maar nu open en bloot. De blik van de mens is niet veranderd, de camera staat authenticiteit niet meer in de weg. Ook niet in haar straatbeelden: het kind dat verstoppertje speelt achter een knalgroene auto of de armoede die achter kindermaskers verstopt zit: ze blijven je bij in hun ongedwongenheid én esthetische benadering.

Levitts werk is authentiek, of lijkt dat in ieder geval, want zeker weten doe je het niet – de grens tussen pose en momentopname is onhelder. Maar niet bij de foto’s die Bruno Decharme verzamelde onder het etiket Photo Brut. Zo’n vijfhonderd foto’s van autodidacten, technisch soms uiterst onbeholpen, vaak een schreeuw om aandacht; veel foto’s werden gemaakt door mensen met een psychische stoornis. Soms getekend door een religieuze obsessie, zoals Elke Tangeten, die afbeeldingen van Jezus en Maria met borduurstiksels verrijkte, om daarbij haar onderwerpen soms ook te verminken.

Pijnlijker is de gruwelijke Jezus-obsessie van de Tsjech Luboš Plný (1961). Hij liet vastleggen hoe hij zijn lippen en ogen dichtnaaide, en nota bene een elleboog aan zijn wang wist te naaien. Hij maakte van zichzelf een dwangbuis, en dat klinkt net zo gruwelijk als het is.

Of neem de foto’s van de Poolse Marian Henel (1926-1993). Als kind werd hij misbruikt, om het trauma te verbeelden fotografeerde hij zichzelf in strakke verpleegstersuniformen. Ook nam hij foto’s van een speelgoedpop, die in de posities staat waarin zijn belager hem seksueel misbruikte. Het zijn de verhalen die je liever op afstand houdt, net als de eenzame zelfportretten van Marcel Bascoulard (1913-1978). Op alle foto’s staat hij in vrouwenkleren, een behoefte die hij voelde nadat zijn moeder zijn vader had vermoord. Hij was 19 jaar oud en bleef daarna dakloos achter. In 1978 werd hij als dakloze man in vrouwenkleren zelf vermoord. De moordenaar bleef onbekend.

Behalve God en mishandeling getuigen veel ‘rauwe’ foto’s ook van een obsessie met seks: de poppen die gefotografeerd worden als pin-ups, of de honderden foto’s van zich onbespied wanende vrouwen, gemaakt door de Tsjechische voyeur/fotograaf Miroslav Tichý.

Als het klopt dat een gebrek aan een officiële status leidt tot meer authenticiteit en intimiteit, zoals Photo Brut veronderstelt, dan kan je alleen maar concluderen dat migratie, emancipatie en het milieu niet de verhalen zijn die ons echt bezighouden, maar dat het uiteindelijk gaat om seks, God en de dood.

Fotofestival Arles (Les Rencontres d’Arles) is tot 22/9 te zien op ruim 25 locaties in Arles. Inl: rencontres-arles.com

Anoniem, Bril geschikt voor poolreizen (1926)