Opinie

De lijken blijven op de kusten aanspoelen

Migratie Terwijl op het Tunesische strand de lichamen worden geborgen, heerst er een algehele onverschilligheid in Europa, constateert Amade M’charek.

Een provisorische begraafplaats voor Afrikaanse migranten nabij de Tunesische kustplaats Ben Guerdane.
Een provisorische begraafplaats voor Afrikaanse migranten nabij de Tunesische kustplaats Ben Guerdane. Foto Fathi Nasri / AFP

Twee weken geleden, in de nacht van woensdag op donderdag 4 juli, verongelukte een schip niet ver van de Tunesische kust. Het schip, vol met migranten, was uit Libië richting Europa vertrokken. Van de 89 opvarenden konden vier mensen door vissers uit het Tunesische kuststadje Zarzis gered worden.

Precies een week later spoelen de lichamen van de verdronken slachtoffers aan; de meesten op de kust van Zarzis en een aantal op het eiland Djerba. Op donderdag 11 juli worden 48 lichamen geborgen, de andere 37 slachtoffers worden op vrijdag en zaterdag gevonden. Omdat het mortuarium in Zarzis slechts ruimte heeft voor zes lijken, worden alle lichamen naar Gabes gestuurd, een stad 180 kilometer ten noorden van Zarzis.

Op die bewuste donderdag ben ik onderweg naar een vriend, een kunstenaar waarmee ik samenwerk op het thema van verdronken migranten. Ik heb een uur extra tijd voor ik hem tref en besluit met mijn notitieboekje en een roman een strandje in de buurt op te zoeken. Als ik kom aanrijden valt me uit de verte een ongebruikelijke drukte op. Ik nader het strand en zie een ambulance, twee pick-ups van de politie en een grote truck van de gemeente. Onmiddellijk begrijp ik wat er aan de hand is. Trillend stap ik uit de auto, mijn ogen gericht op een tafereel in het water.

Twee mannen staan in het water gebogen over een lichaam. Beiden met mondkappen op en witte latex handschoenen aan. Ik loop er langzaam op af. Zij vouwen een wit stuk plastic uit en rollen het witte lichaam geroutineerd erin op. Haast gegeneerd werp ik een snelle blik op het witte lichaam. Ik zie zwart kroezig haar rond de schaamstreek van de volledig naakte man. Een wit lichaam van een zwarte man. Zijn donkere huid heeft door het zoute water losgelaten. Als zijn lichaam in de plastic zak gehesen wordt, hangt er een witte, slijmerig substantie omheen, de zogenoemde lijkenwas. Gek genoeg houdt die zeepachtige laag het lichaam in de eerste fase na de dood bij elkaar. Nadat het lichaam in de geritste zak verdwenen is, wordt het op een van de politietrucks gehesen.

Ik kijk om me heen en naar de andere omstanders, en realiseer me dat de meesten medewerkers zijn van de gemeente of de politie. Ik spreek een van de mannen aan die net het lichaam geborgen heeft. Hij blijkt van de politie te zijn en vertelt me dat het lijk nummer 41 is en dat er nog een lichaam verderop in het water ligt. Lijk nummer 42 wordt met een motorboot opgehaald.

Terwijl we op afstand de werkzaamheden van de vier politiemensen in de boot gadeslaan, word ik door voorbijgaande toeristen aangesproken. Als ik uitleg wat zich daar afspeelt, is er veel ongeloof. „Maar... ik heb net in hetzelfde water gezwommen. Hebben daar net lijken in gedobberd?”, roept een toerist verontwaardigd. Ik leg uit dat ze zich geen zorgen hoeven te maken over hun gezondheid, zo lang ze niet in contact zijn geweest met de lichamen.

Dobberende lijken op de Middellandse Zee of aangespoelde lichamen op de kusten van Zuid-Europa en Noord-Afrika lijken nu bij het landschap te horen

Helaas is het migratieprobleem en de dodelijke gevolgen voor velen geen nieuw fenomeen en heeft het alles te maken met de Europese grenspolitiek. Het valt me op dat er nauwelijks medeleven is met de slachtoffers die daar voor onze ogen geborgen worden, en dat dit in schril contrast staat met de betrokkenheid van de lokale bevolking.

Een Russisch-Amerikaanse toerist is duidelijk uit balans en vertelt me over andere slachtoffers verderop op het strand, namelijk verdronken kamelen. Zij werd waarschijnlijk door de medewerkers van haar hotel ontzien. Om haar voor een schok te behoeden, hebben ze haar het wonderlijke verhaal verteld van een schip vol kamelen dat op zee verongelukte, en dat het lichaam in de plastic zak van een kameel was. Terwijl ze duidelijk geraakt was door het lot van de kamelen, viel er in het gesprek dat we voerden geen woord van medeleven voor de menselijke slachtoffers.

Mij gaat het niet om deze vrouw, die ik verder sympathiek vond en waarmee ik onder andere omstandigheden misschien een langer gesprek zou hebben aangeknoopt. De reactie van deze vrouw staat voor mij symbool voor de algehele onverschilligheid die in Europa heerst. In toenemende mate horen de dobberende lijken op de Middellandse Zee of de aangespoelde lichamen op de kusten van Zuid-Europa en Noord-Afrika bij het landschap.

Als ook het lichaam dat met de boot is opgehaald in een witte plastic zak gewikkeld is, rijdt de pick-up naar de truck van de gemeente en worden de lichamen bij de andere gevoegd.

Lees ook over het huidige Europese migratiebeleid: EU verschuilt zich achter boeman Salvini

Die avond nog zal die truck met nog eens zes andere lijken naar Gabes rijden. In Gabes werkt het kleine team van de patholoog anatoom dr. Sami Krimi haast non-stop om de lichamen van de slachtoffers te onderzoeken. Voor het eerst zijn alle lijken gedocumenteerd en zijn er zelfs DNA-monsters genomen. Inmiddels zijn er achttien lichamen begraven op de provisorische begraafplaats voor migranten in Zarzis. Deze begraafplaats is helemaal vol en is door de gemeente gesloten. Meer dan dertig andere lichamen zijn reeds onderzocht, maar konden nog niet begraven worden omdat er geen plaats was. Het grote aantal slachtoffers maakte dat steden om Zarzis heen terugdeinsden voor het aanbieden van hulp.

Gisteren had ik, als voorzitter van de stichting Drowned Migrant Cemetery, een afspraak met de voorzitter van de gemeente Zarzis, om het probleem van de begraafplaats te bespreken en in de hoop snel een oplossing te vinden. De oplossing die de gemeente nu gekozen heeft is een nieuw provisorium. Een tijdelijke voorziening waarvan we nu al weten dat die snel overvol zal raken. Want de boten blijven komen, ook als we er militairen op afsturen in plaats van hulpverleners.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.