The Lion King-musical: al twintig jaar iedere avond opgevoerd

The Lion King Van de tien traditionele Disney-films waarvan een theatermusical is gemaakt, werden er acht een kassucces. Tekenfilm – theatermusical – fotorealistische remake blijkt voor Disney een succesvolle drietrapsraket.

Theatermusical The Lion King in het AFAS Circustheater Scheveningen. Foto Deen van Meer.
Theatermusical The Lion King in het AFAS Circustheater Scheveningen. Foto Deen van Meer.

De film die een musical werd, is weer een film geworden. Maar wel is er onderweg veel veranderd. In zijn oerversie was The Lion King (1994) een 2D-tekenfilm naar vertrouwde Disney-snit. Daarop volgde de gelijknamige theatermusical die opviel door de speelse toepassing van poppenspeltechnieken. En nu is er een nieuwe verfilming die animatie en virtuele werkelijkheid combineert.

The Lion King zet zodoende een nieuwe stap in het veelomvattende exploitatiebeleid van Disney. Disney bewerkte zijn eigen films lange tijd alleen in eigen pretparken tot mini-musicals, tot de animatiefilm Beauty and the Beast de kassa in 1991 ongehoord liet rinkelen en het idee ontstond daar een theatermusical van te maken. Zo moeilijk was dat niet: de film omvatte immers al een aantal songs die bij het publiek zeer in de smaak waren gevallen.

„Muziek zit in het DNA van de Disney-studio’s”, zei Thomas Schumacher, directeur van de Disney Theatrical Group, drie jaar geleden in NRC. „Walt Disney zelf was ervan overtuigd dat muziek essentieel is bij animatie. Sterker nog: hij liet altijd eerst de muziek opnemen en kon dan de animatie aanpassen aan het ritme van de muziek.”

Zo werd Beauty and the Beast de eerste Disney-film die een tweede leven kreeg als Broadway-musical – en nadien ook in de rest van de wereld. Met als gevolg dat de studio het er in 2017 op waagde ook nog een verfilming in live action te maken, met echte acteurs op veelal echte locaties. Disney lijkt op een goudmijn te zitten. Van de tien traditionele Disney-films waarvan een theatermusical is gemaakt, werden er acht een kassucces. „Dat is ongekend”, aldus Schumacher. „Op Broadway flopt 75 tot 80 procent van alle shows; het succespercentage is dus niet groter dan 20 à 25 procent. Voor Disney ligt dat omgekeerd.” De enige twee die niet meteen in de roos schoten, waren de musicalversies van Tarzan en The Little Mermaid.

The Lion King is de grootste hit van allemaal. De musical wordt al ruim twintig jaar lang elke avond opgevoerd in New York en Londen, terwijl een Nederlandse versie de afgelopen drie jaar volle zalen trok in het Circustheater in Scheveningen. Juist in de week dat de nieuwe verfilming uitkomt, wordt daar de laatste voorstelling gespeeld. In de theaters in New York en Londen blijft de musical gewoon doorspelen.

Lees hier de recensie van de nieuwe ‘Lion King’

Zo is The Lion King nu op drie verschillende manieren verteld. De oerfilm is het vakwerk van knappe tekenaars, die heus wel weten dat een tekenfilm nooit volstrekt realistisch kan lijken, maar wel geloofwaardig genoeg voor een overtuigend verhaal. De musical is daarentegen totaal theatraal – het toppunt van niet-echt. De spelers dragen hun dierenmaskers hoog op het hoofd zodat hun gelaatsuitdrukkingen zichtbaar blijven. De giraffes zijn steltlopers en alle vogels zweven aan lange stokken die door diverse dansers hoog in de lucht worden gezwiept. Alles is transparant; bij elk dier valt precies te zien hoe het in beweging wordt gebracht.

De nieuwe film – het slotstuk van de drietrapsraket – is daarvan het volstrekte tegendeel. Alles is echt, willen de makers ons doen geloven. Alles, zelfs zingende dieren.