Tegels lichten met overheidssteun

Lokale journalistiek Het aantal fondsen voor lokale media groeit snel. Maar die financiële afhankelijkheid van de overheid leidt tot ongemak.

De molen Zeldenrust in Westerwijtwerd, onderwerp in het gesubsidieerde project ‘Het verdwenen Groningen’.
De molen Zeldenrust in Westerwijtwerd, onderwerp in het gesubsidieerde project ‘Het verdwenen Groningen’. Dagblad van het Noorden/Carlien Bootsma

Trend in lokaal bestuur: maak geld vrij voor journalistiek. De afgelopen twee maanden werden vier ‘mediafondsen’ voor lokale journalistieke projecten gestart of aangekondigd. De gemeente Hilversum wil 375.000 euro verdelen. De raad stemt er nog over. Ook Haarlem zal een aantal ton investeren.

Reeds gelanceerd: fondsen in de provincie Noord-Brabant, Leiden, de provincie Groningen en Amersfoort. „De lokale journalistiek zit in zwaar financieel weer en dat is niet goed voor de democratie. Die heeft media nodig die kritisch politiek en bedrijfsleven volgen”, zegt Hedwig Zeedijk, voorzitter van het Tilburgs Mediafonds. Volgens haar raken de perstribunes bij raadsvergaderingen steeds leger. „Dus sturen gemeenten zelf verslagjes rond. Dat zou niet moeten gebeuren. Er lopen genoeg journalisten in Tilburg rond die capabel zijn, maar ze hebben niet de middelen.”

Luis in de pels

Landelijke media kunnen voor subsidies terecht bij het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek; zzp’ers bij het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten. Lokale fondsen zijn relatief nieuw. Ze worden opgericht omdat de ‘diepgang’ bij lokale media onvoldoende zou zijn. „Ik ben de Tweede Kamer gewend. De luis in de pels die media daar zijn, heb je ook lokaal nodig”, zegt wethouder Fatma Koser Kaya (D66, Cultuur), verantwoordelijk voor het fonds in Amersfoort. Zéker nu gemeenten er veel beleidstaken bij kregen. „Voor de democratie zijn lokale en regionale media gewoon nodig. Nu gaat het rond gemeenteraadsverkiezingen over landelijke onderwerpen.”

Gemene deler tussen de fondsen is dat ze onderzoeksjournalistiek beogen te stimuleren, als tegenhanger voor vluchtige berichtgeving. Andere criteria zijn onafhankelijkheid, lokale relevantie en democratisch nut. Zowel freelancers als media-organisaties mogen aanvragen doen.

Greep uit de resultaten: een videoserie over de waterschapsverkiezingen (lokale omroep, Leiden), een onderzoek naar gaswinning in het Dagblad van het Noorden en politieke verslaggeving door een Amersfoortse site. Of publicaties inhoudelijk slagen, wordt meestal niet beoordeeld. Men wil geen scherprechter zijn. Als er niks van terechtkomt, moet de subsidie terugbetaald worden.

Onafhankelijk

Een overheid die indirect tegenspraak financiert lijkt lastig verenigbaar met journalistieke onafhankelijkheid. Bij de meeste fondsen tracht men dit te ondervangen door een tussenlaag te creëren die de gelden verdeelt. Bij het Tilburgs Mediafonds en het Leids Mediafonds is die tussenlaag een stichting. „Iedereen zal beamen dat de overheid niet mag bepalen waarover media die subsidie ontvangen schrijven”, zegt Bob Nieman, voorzitter van het Leids Mediafonds. „Op deze manier heeft de gemeente 0 procent invloed op onze beslissingen.” Toch was er onlangs in de Leidse raad onrust over de relatie tussen subsidieverstrekker en politiek. De gemeente had ‘haar’ mediafonds ingezonden voor een communicatieprijs, wat de suggestie wekt dat de gemeente het fonds als communicatievehikel ziet. De hoofdredacteur van het Leidsch Dagblad – zelf subsidie-ontvanger – wil dat de gemeente de inzending terugtrekt.

In Amersfoort en Groningen beslist de gemeente respectievelijk de provincie zélf over toedeling van gelden, maar volgt daarin blindelings het advies van een onafhankelijke commissie, zo bezweert men desgevraagd. Alleen in Brabant ontbreekt een tussenlaag. „Maar de ambtenaren maken geen afweging op onderwerp en kijken alleen of de aanvraag voldoet aan de criteria”, zegt gedeputeerde Marianne van der Sloot (CDA, Cultuur). Het scheelt dat Brabant subsidies enkel toekent aan lokale media, die zich vooral op gemeenten richten. En niet op de hand die hen voedt.

Maar toch: wat als een journalist geld vraagt voor onderzoek naar een ambtelijk schandaal in Brabant? Van der Sloot gelooft dat zo’n aanvraag niet zou worden geblokkeerd. „Zoiets kan ons als overheid alleen maar scherper maken.” Ook Hilversum krijgt een onafhankelijke commissie, vertelt wethouder Wimar Jaeger (D66, Media). „Tussen financiering en inhoud moet een muur staan van driedubbel gewapend beton.”

Opvallend is dat het budget afkomstig is van Ziggo: het residu van een deal uit het kabeltijdperk, die inhield dat de telecomprovider media financieel steunde. De provider oefent volgens Jaeger echter geen invloed uit.

Niet structureel

De constructie in Hilversum maakt scherp duidelijk dat veel mediafondsen de noden van de lokale journalistiek niet structureel verlichten.

Omdat het niet om een klassieke gemeentelijke taak gaat moet creatief naar geld worden gezocht. Bovendien kunnen de budgetten elk moment worden gekort of gestopt. Zo is Leiden nú al voornemens om het budget van het ‘prijswaardige’ Leids Mediafonds terug te brengen van een kwart miljoen tot een ton.

Volgens Hedwig Zeedijk (Tilburgs Mediafonds) zijn mediafondsen niettemin de meest voordehandliggende oplossing. „De ideale situatie is dat burgers zelf betalen voor lokale journalistiek, maar dat station zijn we voorbij. De sociale laag van de bevolking die dat wil doen is op lokaal niveau te klein. Wie naar de Voedselbank moet, gaat niet betalen voor nieuws. De politiek draagt daarom verantwoordelijkheid.”