Activisten wagen niet meer de oversteek naar Marokko voor vakantie

Hirak-activisten Veel Nederlandse Riffijnen mijden dit jaar Marokko. Ze vrezen intimidatie en arrestatie. „Ik word 1.000 procent zeker gemarteld.”

Passagiers en voertuigen in de rij in Spanje voor de veerboot van Algeciras naar Tanger. Deze zomer zullen naar verwachting minder Riffijnse Nederlanders naar Marokko gaan.
Passagiers en voertuigen in de rij in Spanje voor de veerboot van Algeciras naar Tanger. Deze zomer zullen naar verwachting minder Riffijnse Nederlanders naar Marokko gaan. Foto’s AFP, Getty Images

Het is half juli, maar van een traditionele chaos tussen de Spaanse exclave Ceuta en grenspost Tarajal is geen sprake. Binnen een half uur ben je met de auto de grens over. De verwachte stroom van Europese Marokkanen blijft uit, hier en op andere plekken, zoals de Marokkaanse havenstad Tanger. De volgepakte busjes met in plastic gewikkelde bagage op het dak zijn dit jaar de uitzondering.

De oorzaken? Het seizoen is net begonnen, het Offerfeest valt pas in augustus en Europese Marokkanen nemen steeds vaker het vliegtuig. Toch slaan ook tal van Riffijnse Europeanen een jaartje over. Uit angst, onzekerheid of omdat andere bestemmingen een beter alternatief zijn. „Als ik terugkeer naar mijn geboortegrond word ik 1.000 procent zeker opgepakt, gemarteld en vastgezet”, zegt de Riffijnse Nederlander Khalid Chamrouki (42).

Het ontbreekt aan officiële cijfers en onderzoek, maar volgens een peiling van website Republiek Allochtonië onder zeventig zogenoemde Hirak-activisten, gaat bijna 60 procent niet naar Marokko. Een jaar geleden meed nog iets meer dan de helft van de ondervraagden het Rifgebied. De volksbeweging Hirak strijdt sinds het najaar van 2016, toen zwaardvisverkoper Mohsin Fikri werd geplet in een vuilniswagen bij een poging zijn handel te redden, voor verbetering van leefomstandigheden en mensenrechten in de noordelijke regio van Marokko. In Nederland wonen circa 314.000 mensen met roots in het Rifgebied.

Lees ook Journalistiek in de Rif: de veiligheidsdienst reist mee

Het is met name de onzekerheid over de huidige situatie in Marokko die Riffijnse Nederlanders angst inboezemt, blijkt uit gesprekken die NRC afgelopen week met betrokkenen voerde. De arrestaties van Riffijnse activisten met een Belgisch en een Spaans paspoort gelden als afschrikwekkend voorbeeld. Buitenlandse journalisten worden scherp in de gaten gehouden en kunnen zich in het noorden van Marokko nauwelijks vrij bewegen. De voorbije jaren zijn meerdere verslaggevers het land uitgezet. Deze week moesten jonge journalisten uit Oost-Europa, die zich verdiepten in migratie, vertrekken.

Lastiggevallen door autoriteiten

Ook verschillende Riffijnse Nederlanders lopen de kans dat autoriteiten hen „lastigvallen”, zegt Abdessamad Taheri, lid van het Haagse PvdA-bestuur. Het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken laat weten dat Marokkaanse Nederlanders in Marokko mogelijk als Marokkanen worden beschouwd, waardoor Nederland niet altijd op de hoogte zal worden gesteld als iemand wordt vastgezet. „Wie over een Nederlands paspoort beschikt, kan altijd een beroep doen op de consulaire bijstand van Nederland”, zegt een woordvoerder.

Taheri had liever gezien dat Nederland „pal achter al zijn burgers” gaat staan. „Nederlanders moeten zich in Marokko veilig kunnen voelen en het mag niet uitmaken of ze ook een Marokkaans paspoort hebben”, stelt Taheri. „De Belgische en Spaanse overheid hebben niet daadkrachtig gereageerd toen hun burgers vast kwamen te zitten. Als Nederlanders langdurig worden ondervraagd of worden aangehouden, moeten ze zich toch direct goed kunnen verdedigen?”

Volgens Taheri houdt de Marokkaanse geheime dienst Riffijnen in de gaten die voor Hirak deelnemen aan demonstraties of actief zijn op Facebook. Dat weet hij uit eigen ervaring. „Vorig jaar werd ik aan de grens gefouilleerd en langdurig verhoord. Mijn vrouw en kinderen moesten uren in de brandende zon wachten. Dat is eigenlijk al niet meer acceptabel. Ik sla dit jaar over. Ik ken steeds meer Riffijnen die uit angst om gearresteerd te worden wegblijven uit Marokko.”

Deze zomer zullen naar verwachting minder Riffijnse Nederlanders naar Marokko gaan
AFP
Getty Images

De Riffijnse Nederlander Chamrouki, geboren in Dar el Kabdani en nu woonachtig in de Flevopolder, bezocht de Rif drie jaar geleden voor het laatst. Nog voordat de onrust eind oktober 2016 begon, voelde hij zich al niet meer op zijn gemak. „Ik had 2.500 kilometer van Nederland naar Zuid-Spanje zonder probleem afgelegd, maar in mijn eigen geboorteland werd ik tussen Nador en Tanger wel twintig keer aan de kant gezet. Agenten uit andere delen van Marokko vroegen me in het Arabisch waar ik vandaan kwam. Puur machtsvertoon en geldklopperij. Drie jaar geleden ging het nog om pesterijen. Als ik nu naar Marokko zou gaan, word ik direct opgepakt en vastgezet.”

Chamrouki staat naar eigen zeggen op een lijst van door Marokko gezochte Riffijnse Nederlanders. Zijn naam dook op in proces-verbalen van andere Hirak-activisten. Hij heeft een dossier in handen waarin staat dat hij zich bezig zou houden met het organiseren van protesten, het betalen van geld aan Hirak, opruiing en separatisme. „Het lijkt erop dat de Marokkaanse overheid me graag zou willen hebben. Via een advocaat heb ik om opheldering gevraagd over de lijst met namen. Maar daar kwam geen antwoord op. Het klopt dat ik demonstraties help organiseren in Nederland. De rest is onzin. We eisen alleen zaken als betere scholing, meer werkgelegenheid, een goede infrastructuur en een einde aan de corruptie.”

Asiel aanvragen is kansloos

De Nederlandse overheid ziet Marokko officieel als veilig land waardoor asielaanvragen vrijwel altijd kansloos zijn. Verschillende politici, onder wie Europarlementariër Kati Piri (PvdA), vinden dat activisten uit de Rif niet zomaar kunnen worden teruggestuurd. Een handvol activisten uit het gebied is nu in afwachting van een procedure in Nederland. De Immigratie- en Naturalisatiedienst doet over individuen geen uitspraken, net als Marokkaanse autoriteiten.

Lees ook Nawal Ben Aissa: symbool van het Rif-protest

Nawal Ben Aissa (38), het gezicht van de vrouwen in de Rif, koestert goede hoop dat ze voorlopig in Nederland mag blijven. Zij werd meerdere malen verhoord en zat korte tijd vast in Marokko. De jonge acteur Ridouan El Hamraoui (24) wist de Nederlandse autoriteiten nog niet te overtuigen. Nadat hij zich verzette tegen een uitzetting zit de Riffijn vast in een detentiecentrum in Rotterdam. „Het is heel moeilijk voor zo’n jongen om te bewijzen dat hij gearresteerd zal worden”, legt de Riffijnse Nederlander Natij Benseddik na een bezoek aan El Hamraoui uit. „Zoals ik en tal van andere activisten misschien ook gevaar lopen als we naar de Rif gaan.”

Toch zijn er op de boten naar Ceuta, Tanger en Al Hoceima nog wat Nederlandse nummerborden te zien. Wie zich volledig afzijdig houdt van politieke discussie heeft weinig te vrezen. „Ik ga vooral terug om het land waar ik geboren ben aan mijn kinderen te laten zien”, zegt een Riffijnse Limburger, hangend over de reling. „Voor een vakantie is het prima. Maar ik ben blij als ik straks weer terug ben in Nederland. Vrijheid is belangrijk. Jammer genoeg zet Marokko daarin stappen terug.”

Op de weg terug, van Tanger naar Tarifa, blijft het grootste deel van de stoelen aan boord van de ferry leeg. Talloze jonge Marokkanen zouden graag de oversteek maken, maar zijn uitgesloten van deze legale weg. De auto’s gaan door een scanner. Deze controles zijn, met miljoenensteun van de Europese Unie, in jaren niet zo scherp geweest. Bij gebrek aan toeristen is er alle tijd voor.