Recensie

Recensie Muziek

North Sea Jazz dag 1: laveren tussen feest der herkenning en losse-pols-jazz

North Sea Jazz Meezingen met hit-shows, een avantgardistische marathon, risicoloos binnen de lijntjes, maar ook volledig uit de losse pols jammen; de eerste festivaldag van de uitverkochte 44e editie van North Sea Jazz laveerde voortdurend tussen voorspelbaar en verrassend.

Burt Bacharach.
Burt Bacharach. Foto Andreas Terlaak

Van massaal meezingen met jaren tachtig-iconen als Anita Baker en Joe Jackson, via het gouden oeuvre van Bill Withers en een feelgood-show vol evergreens van Burt Bacharach naar zomeravond-bossa nova van Gilberto Gil: de uitverkochte 44e editie van North Sea Jazz Festival zette op de eerste festivaldag vol in op de succesnummers.

De poproute van het festival werd in de Maas-zaal knallend geopend door zanger José James samen met het maar net op het podium passende Noordpool Orkest, met een show waarin vooral zijn Bill Withers-covers centraal stonden. Het orkest voorzag nummers als ‘Ain’t No Sunshine’, ‘Lean On Me’, maar ook ‘Little Bird’ van Jazzanova en James zelf van een versterkte rijke klankkleur en dromerige sfeer. De kleinere bandsetting kon voluit grooven in door James met soepele, warme stem en relaxte timing gezongen nummers als ‘Who Is He (And What Is He to You)’ en ‘Use Me’.

Dezelfde Maas-zaal puilde uit voor het afscheidsconcert van Anita Baker die stevig opende met ‘Lady Marmalade’, en haar hits ‘Sweet Love’ en ‘Caught Up In The Rapture’ – voor de gelegenheid mooi uitgevoerd met José James als gast – vol sterke uithalen vertolkt voor een scherm met vuurwerkexplosies en gesteund door een voluit zingend publiek.

Anita Baker.
Foto Andreas Terlaak
Zanger José James vertolkte met het Noordpool Orkest zijn favoriete songs van Bill Withers.
Foto Andreas Terlaak
Anita Baker en José James.
Foto’s Andreas Terlaak

Joe Jackson kreeg zijn stampvolle zaal niet alleen aan het meezingen op de refreinen maar ook de karakteristieke melodielijnen van pophits als ‘Is She Really Going Out With Him?’ en ‘Real Men’ in zijn feest-van-herkenning-show.

Ook Burt Bacharach verzorgde met talloze hitnoteringen op zijn naam onvermijdelijk een nostalgische hitrevue, met een gastoptreden door Trijntje Oosterhuis. De 91-jarige songwriter liep op sneakers naar zijn piano en begon meteen met een medley waarin zijn werk voor Dionne Warwick centraal stond. In hoog tempo ging de jukebox langs ‘Don’t Make Me Over’, ‘Walk On By’ en ‘I Say A Little Prayer’. Hij bespeelde de piano veelal staand en ging van de ene evergreen naar de ander – helaas ontzielden de meegebrachte vocalisten een aantal liedjes vakkundig.

Elke piano-aanslag verrassend

Dat er ook een middenweg is tussen voorspelbaar en avantgarde, bewees Christian Sands, een van de jazz-hoogtepunten op de eerste festivaldag. Elke aanslag van de virtuoze pianist was verrassend, zonder dat hij zijn publiek onnodig op de proef stelde. Zijn trio hield alles bij elkaar met een onmiskenbare basis van gospel, terwijl de dertiger regelmatig leende uit de klassieke muziek. Een andere uitschieter was saxofonist Gary Bartz die zijn destijds experimentele album Another Earth uit 1969 speelde. Gedateerd klonk het vijftig jaar later allerminst. Ravi Coltrane verving Pharoah Sanders met verve en zijn ronde, melodieuze spel stak mooi af tegen de roestige trompet van Charles Tolliver.

Gary Bartz voerde 50 jaar na het verschijnen de muziek van zijn experimentele album Another Earth opnieuw uit met gastmuzikanten Ravi Coltrane en Charles Tolliver.
Foto Andreas Terlaak
Artist in Residence Robert Glasper gaf zijn eerste concert dit weekend met Chris Dave, Derrick Hodge en Yasiin Bey.
Foto Andreas Terlaak
Saxofonist Gary Bartz speelde muziek van zijn 50 jaar geleden verschenen album Another Earth, Robert Glasper zoekt vooral verbinding met de muziek van nu.
Foto’s Andreas Terlaak

De avantgardistische marathon van John Zorn kwam niet echt uit de verf. Vijf uur lang speelden verschillende groepen en solisten de composities van zijn project Bagatelles die zich vooral kenmerken door wild experiment – of het nou op scheurende rockgitaar was, viool of piano, als er maar klanken uitkwamen die eerder niet te horen waren. De eenheid was ver te zoeken, om het kwartier diende zich een nieuwe groep aan. Het publiek vond niet de rust om lang te blijven zitten en de zaal wilde maar niet meer dan halfvol worden.

Bij het optreden van zanger Curtis Harding uit Atlanta liep de Nile-zaal snel leeg – hij waarschuwde het publiek vooraf dat hij een „zware nacht” achter de rug had, en gaf een te matte en vlakke vertolking van zijn op plaat boeiende oeuvre.

Tubaspeler Theon Cross.
Foto Andreas Terlaak
Dobet Gnahoré gaf een spectaculair optreden.
Foto Andreas Terlaak
Tubaspeler Theon Cross en de opvallende zangeres en percussioniste Dobet Gnahoré waren te zien op de buitenpodia van het festivalterrein.
Foto’s Andreas Terlaak

Tegendraadse producties

Een stuk spannender was de intense en betoverende mix van soul, talloze elektronische muziekgenres, jaren tachtig-pop en jazzy improvisaties van Blood Orange van de live vrij introverte Britse singer-songwriter Dev Hynes. Het ene moment zong hij met ijle stem op dikke, tegendraadse elektronische producties met subbassen, echoënde snaredrums en dromerige geluiden, het volgende vol kleur en nuance terwijl hij zichzelf kaal begeleidde op piano – zoals in zijn prachtige vertolking van klassieker ‘Nobody’s Fault But Mine’. De muziek ging van galmende synthpop naar geweldig live gedrumde broken beats, en zat vol flarden vervreemdende elektronica.

Blood Orange.
Foto Andreas Terlaak
Gezelligheid, eten en drinken hoort ook bij North Sea Jazz.
Foto Andreas Terlaak
Blood Orange en lekker eten op het festival.
Foto’s Andreas Terlaak

Ook anders dan de voorspelbare hitshows was het losse-pols-optreden van artist in residence Robert Glasper, Derrick Hodge en Dave Free, die heerlijk voluit aan het grooven en freestylen waren, met later rapper/vocalist Yasiin Bey (Mos Def) erbij die vogelgeluiden imiteerde en in een ontspannen topvorm aan het rappen, zingen, chanten en scatten was. De 27-jarige singer-songwriter Jacob Banks maakte eveneens indruk. Hij zette zijn rauwe, geweldig raspende stem vol nuance en beheersing in en galmde machtig en krachtig genoeg om vele verschillende soorten liedjes naar arena-niveau te tillen.

Bij het optreden van The Internet wraakte zich het gebrek aan een dragende stem – de muziek is funky en relaxt groovend, maar de ontspannen, op plaat subtiele vocalen van frontvrouw Syd verdronken live vrijwel volledig in het bandgeluid.

The Internet.
Foto Andreas Terlaak
Joe Jackson.
Foto Andreas Terlaak
Zangeres Syd van The Internet en Joe Jackson.
Foto’s Andreas Terlaak

De eerste festivaldag werd afgesloten met drie latin jazz-knallers. Gilberto Gil – voor wie veel meer mensen kwamen dan er in de zaal konden – nam geen risico met zijn bossa nova. Een straf was dat allerminst. Nog altijd wisselt de grootmeester van de Braziliaanse tropicalismo zijn fluwelen stem af met funky gilletjes en ademstoten.

Daarnaast waren er nog twee Afro-Cubaanse groepen die de Yoruba-invloed in Cubaanse son, rumba en mambo centraal stellen. Orquesta Akokán speelde het erfgoed in klassieke vorm, met veel harde blazers en schelle zang. Chucho Valdés pakte het origineler aan. Bij hem staan de batá centraal: de drie heilige drums. Tegen het einde van de energieke percussieshow danste hij met een handdoek over het podium om één voor één het zweet van zijn muzikanten en alle drums te wissen.