Onderzoek Ajax-Juventus: veel fouten, optreden politie deels terecht

De politie trad tijdens de entrada voorafgaand aan de wedstrijd Ajax-Juventus in april terecht op tegen het supportersgeweld. Wel zijn in de voorbereiding veel fouten gemaakt.

Voorafgaand aan de Champions League wedstrijd tussen Ajax en Juventus waren er ongeregeldheden naast de Johan Cruijff Arena.
Voorafgaand aan de Champions League wedstrijd tussen Ajax en Juventus waren er ongeregeldheden naast de Johan Cruijff Arena. Foto Olaf Kraak/ANP

Voorafgaand aan de Champions League-wedstrijd Ajax-Juventus in april zijn veel fouten gemaakt door de politie en gemeente Amsterdam. Dat staat in een vrijdag gepubliceerd onderzoek van het Instituut voor Veiligheids- en Crisismanagement COT. Het politieoptreden werd in opdracht van de Amsterdamse driehoek (Openbaar Ministerie, gemeente en politie) onderzocht.

Naast fouten in de voorbereiding schortte het ook aan communicatie bij de zogenaamde ‘entrada’ voorafgaand aan de wedstrijd. Bij die entrada, waarbij wordt gezongen en supporters fakkels dragen en vuurwerk afsteken, ontstond door de drukte chaos. De situatie escaleerde vervolgens mede door de inzet van een waterkanon, concludeert het COT. Ook staat in het rapport dat er „grof geweld” is gebruikt tegen de agenten en dat zij alle recht hadden om daartegen op te treden. Ook heeft de politie zich gehouden aan de gemaakte afspraken.

De entrada was officieel door de driehoek verboden. Doordat de politie eerder in de stad moest optreden tegen relschoppende Juventus-supporters, waren er niet op tijd genoeg agenten bij de entrada aanwezig. Tijdens de entrada besloot de politie in te grijpen met een waterkanon, onder meer omdat er tegen de afspraken in vuurwerk werd afgestoken. Daarop escaleerde de situatie en werd de politie bekogeld met stenen en vuurwerk. De politie verrichtte 75 arrestaties, acht agenten raakten gewond.

Lees ook: De ‘entrada’ bij de Arena liep lelijk uit de hand

‘Waterwerper niet geschikt’

Er is veel misgelopen in de communicatie tussen de politie en gemeente, en naar het voetbalpubliek. In het rapport staat dat politiefunctionarissen de opdracht hadden gekregen om een entrada te voorkomen, terwijl de gemeente Amsterdam in de veronderstelling zou zijn geweest dat deze mogelijk gedoogd zou worden. Daardoor is niet expliciet van tevoren aan supporters gevraagd van de entrada weg te blijven.

Vanwege communicatieproblemen tussen eenheden werd bovendien het waterkanon pas na lange tijd uitgezet en werden ook supporters die juist probeerden weg te komen geraakt door de waterkanonnen.

Het COT concludeert verder dat het waterkanon niet geschikt blijkt als „laagdrempelig” middel om op te treden tijdens ongeregeldheden. Gebruik hiervan maakt het risico op escalatie „zeer groot”.