Opinie

Feminicide

Christiaan Weijts

Weer liggen er bloemen in een portiek. Vlaardingen Westwijk. In deze jarenzestigflats zijn alleen de voordeuren verschillend. Die waarachter het gebeurde is van gelakt eiken, met een smal kijkglas. Er bungelt een rood-wit lint voor. De rest van de gevel is dichtgespijkerd met triplexpanelen, ook aan de achterkant.

Dit was hun uitzicht: veel gras, water, ruisende populieren, de A20 achter een geluidswal, een bruggetje waar joggers en hondenuitlaters passeren. De dichtgetimmerde woning absorbeert alle aandacht uit de omgeving en dwingt een verslagen soort stilte af. Wat kort daarvoor nog levens waren, met herinneringen en routines, is een week geleden in één explosie weggevaagd.

Tussen de verse bloemen zie ik geen enkel kaartje. Niemand heeft er kennelijk woorden voor. Zeker niet na het nieuws dat de man (iemand van precies mijn leeftijd, realiseer ik me ineens) eerst zijn vrouw had omgebracht.

‘Familiedrama’? Die term is te schimmig, en suggereert dat alle gezinsleden er schuld aan kunnen hebben. Maar hier is een vrouw vermoord.

Zoals woensdag in Kerkrade. Zoals een half jaar eerder in Rotterdam, een scholiere. Zoals precies een jaar geleden in Utrecht, een studente. Véértig vrouwen zijn er in 2018 vermoord, vrijwel allemaal door partners en exen, aldus de jaarlijkse Moordatlas. De VN vestigden er deze week in een rapport nog eens de aandacht op: wereldwijd worden jaarlijks dertigduizend vrouwen vermoord door hun (ex)partner.

Crime passionnel’? Een totaal ongepast romantisch aureool. ‘Huiselijk geweld’ dan? Het probleem daarmee is dat het een immense vergaarbak is, met jaarlijks 100.000 gevallen, waaronder ook veel ontspoorde relatieperikelen van tieners en twintigers. Bij vrijwel al die vermoorde vrouwen hoor je achteraf dat er al signalen waren, aangiften, of een straatverbod, maar hoe isoleer je de potentieel fatale gevallen uit die brede vergaarbak?

Dat begint bij de taal. Internationaal is de term ‘feminicide’ gangbaar geworden. Ook de VN gebruikt die en wijst erop dat dit vooral in Latijns-Amerika plaatsvindt, wat te wijten zou zijn aan de machocultuur.

Geldt dat voor de gevallen in ons land ook? Om welke groepen en culturen gaat het dan? Welke signalen moeten we gaan herkennen binnen die 100.000 gevallen? Dat moet je kunnen onderzoeken zonder angst dat je dan etnisch zou profileren. Zolang je maar helder blijft maken dat het om culturen gaat, en scheve visies op man-vrouwverhoudingen, die bij alle huidskleuren voorkomen.

Woensdag werd bekend dat er in Frankrijk elke drie dagen een vrouw omkomt door partnergeweld.

Alleen dit jaar al zijn het er al zesenzeventig.

Feminicide heet het daar. Bij ons mag dat ook wel eens ingeburgerd gaan raken, dat woord dat precies het juiste is. Hard en lelijk.

Christiaan Weijts schrijft op deze plek iedere vrijdag een column.